Baruch Spinoza (1632-1677) – Filosoof

Baruch Spinoza, ook: Benedictus de Spinoza. Nederlandse filosoof, wiskundige, politiek denker en lenzenslijper van Portugees-joodse afkomst.

Baruch Spinoza
Baruch Spinoza
Baruch Spinoza werd op 24 november 1632 geboren in een handelaarsfamilie in Amsterdam. Als een van de invloedrijkste figuren van de Haskala (Joodse Verlichting), ontwikkelde Spinoza zijn bekende filosofische “Spinozisme”. Als zoon en kleinzoon van vrome Portugese Joden, die voor de inquisitie uit Portugal naar Nederland waren gevlucht, werd Spinoza zeer vroom (orthodox Joods) en op hoog niveau opgevoed. Zijn moeder Hannah Deborah, de tweede vrouw van zijn vader, stierf toen Spinoza slechts zes jaar oud was. Zijn vader – Michael Espinoza genaamd – was binnen de Amsterdamse joodse gemeenschap een zeer invloedrijke man. Hij behoorde namelijk tot de Parnassiem, de ‘ouderen’ van de synagoge, en was een van de oprichters van de beroemde Talmoed-Tora School. Deze school hield zich bezig met het geven van lager en hoger godsdienstonderwijs aan zonen van de gemeenteleden.

Spinoza was een leerling van de beroemde rabbijn Menasseh Ben Israel. Ondanks dat kon Spinoza geen bevrediging in de Torastudie vinden. Al op jonge leeftijd zette hij duidelijk vraagtekens achter godsdienstige doctrines. Dit groeide uit tot een openlijke verwerping van de gevestigde godsdienstige orde. Vanuit dat kader trad hij uiteindelijk toe tot de kring van de niet-Joodse vrijdenkers. Doordat hij zich later door de Franse filosoof en wiskundige René Descartes (1596-1650) liet beïnvloeden, ontwikkelde hij een andere denkwijze dan het jodendom gewend was.

Cherem / ban

Beeld van Spinoza in Den Haag (Frédéric Hexamer, 1880)
Beeld van Spinoza in Den Haag (Frédéric Hexamer, 1880)
De joodse gemeenschap van Amsterdam greep in door op 27 juli 1656 over de vierentwintig jarige Spinoza een cherem – in de ban doen; excommunicatie – uit te spreken. Een cherem werd door de “Mahamad” (Raad van de Spaans-Portugese Gemeente in Amsterdam) en het Bejt Din (Rabbinale Gerechtshof) uitgesproken. Over deze cherem wordt zowel vanuit de christelijke- als de joodse zijde flink gespeculeerd. De cherem was namelijk scherp, duidelijk en vooral erg uniek. De cherem over Spinoza was namelijk voor het leven. Dit was niet conform de joodse wet, omdat een cherem van één dag tot niet langer dan elf jaar kon duren. De gewoonte was dat een periode voor de afloop van de cherem er een verzoeningsproces opgezet werd. Over de vraag waarom deze regel bij Spinoza niet werd toegepast is in de loop der tijd veel gespeculeerd.

- advertentie -

De christelijke en de bekendste versie zegt dat de cherem over Spinoza werd uitgesproken vanwege zijn “afschuwelijke ketterijen”. Deze ketterijen zouden de Mahamad en het Bejt Din er toe hebben gedwongen om Spinoza letterlijk met alle vloeken van Israël te overladen. Tijdens deze uitspraak zouden de kaarsen in de synagoge geleidelijk aan gedoofd zijn, totdat het pikkedonker was. Dit om symbolisch weer te geven hoe groot de duisternis van Spinoza’s ziel volgens hen was.

Volgens de christelijke versie haalde Spinoza zich ook de woede van de joodse gemeenschap op de hals doordat hij zich ongenuanceerd over zijn geloofsgenoten uitliet. Zo noemde hij vrome Joden naïef, kinderlijk, bekrompen en boosaardig, dit terwijl een jaar voor de cherem Abraham Nunez Bernal om datzelfde jodendom in Córdoba (Spanje) levend was verbrand. De joodse gemeenschap zou zich volgens deze theorie hebben afgevraagd hoe uitgerekend een Jood onder deze omstandigheden op die manier fundamentele kritiek kon uiten op het geloof waarvoor zovelen gestorven waren?

Joodse versie

Een joodse versie over de cherem is aannemelijker, omdat de redenen die de christelijke versie aandragen niet conform het jodendom is. De Joden hadden vanuit Spanje en Portugal net in Amsterdam gevestigd en deden hun best om zo normaal mogelijk naast de christenen te kunnen leven. Dit was tot op zekere hoogte mogelijk als zij zich aan de eisen van de Regent van Amsterdam – ten aanzien van Joden – zouden houden. Dit kon middels het opzetten van de Mahamad (Raad van de Spaans-Portugese Gemeente in Amsterdam) die verantwoording aan de Regent van Amsterdam schuldig was.

Sjabtai Tsevi
Sjabtai Tsevi
Binnen het jodendom is het ongebruikelijk om over iemand vanwege zijn of haar geloofsovertuiging een cherem uit te spreken. Binnen het jodendom werd bijvoorbeeld een geen cherem uitgesproken over de valse messias Sjabtai Tsevi (1626-1676) terwijl deze de Joden misleidde door zich voor te doen als messias en zich later bovendien bekeerde tot de islam. Ook was het niet de gewoonte om over een persoon een levenslange cherem uit te spreken. Dit is in het 500- jarige bestaan van joods Amsterdam nooit gebeurd.

Wat maakte Spinoza dan uniek en waarom werd er over hem wel een levenslange ban uitgesproken?

Volgens een joodse versie over de cheren waren niet Spinoza’s ideeën aanleiding om hem de ban te geven, maar lag het aan de de situatie waarin de Joden van Amsterdam zich in die tijd bevonden.

Spinoza was een van de grondleggers van de joodse verlichting, de Halaska. Met name de protestanten erkenden de bijbelse kennis die de Joden bezaten. Zowel de rooms-katholieken als de protestanten waren bang dat hun achterban zich achter Spinoza’s ideeën zou scharen. Dat zou schadelijk voor de beide kerken zijn, omdat dit leden en aanhangers kon kosten. De Mahamad en het Bejt Din zouden daarom door de Regent van het christelijke Amsterdam gedwongen zijn om over Spinoza een cherem uit te spreken. Dit niet omdat hij een gevaar was voor het joods, maar eerder voor het christelijke publiek. De joodse leiders moesten kiezen: óf een intrekking van privileges die de Joden hadden ontvangen óf een cherem over – de voor christenen “gevaarlijke” – Spinoza. Zij zouden toen voor het laatste hebben gekozen.

Ondanks zijn ontkenning van het goddelijke gezag, heeft Spinoza het jodendom nooit uit eigen beweging verlaten.

Verdere levensloop van Spinoza

Voorbeeld van Spinoza's werk EthicaNa de ban, studeerde Spinoza verder aan de Latijnse school van de ex-jezuïet Franciscus van den Enden (1602-1674). Bij Van den Enden maakte Spinoza kennis met de filosofie van Descartes. Spinoza werd verliefd op de dochter van Van den Enden, maar de liefde was niet wederzijds. Aan de andere kant werd Spinoza verdacht van homoseksuele gevoelens. Beide theorieën kunnen zijn ongehuwde status verklaren.

In 1660 verliet Spinoza definitief Amsterdam. De reden is onduidelijk, maar er waren geluiden dat hij door een onbekende met een dolk was aangevallen, waardoor hij voor zijn leven vreesde. Hij ging in Rijnsburg, vlak bij Leiden, wonen en sloot zich aan bij een christelijk broederschap: de Mennonieten. Ondanks zijn aansluiting is Spinoza nooit christen geworden. In Rijnsburg werd Spinoza lenzenslijper en daar schreef hij zijn filosofische werken. In 1663 kwam zijn manuscript Ethica, een van de meeste bekende werken van Spinoza, in handen van zijn vrienden in Amsterdam. In datzelfde jaar verhuisde hij naar Voorburg waar hij bij de schilder Daniël Tydeman inwoonde. Daar werkte hij verder aan “Ethica” en schreef hij anoniem nog andere werken. In 1669 verliet Spinoza Rijnsburg en ging hij in Den Haag wonen. Ondanks dat hij binnen Den Haag nog een keer verhuisde, bleef hij tot zijn dood in 1677 toe in het dorp (Den Haag heeft de eretitel van “stad”, maar is nooit in bezit gekomen van stadsrechten) wonen. In 1674 rondde hij “Ethica” af. Om politieke redenen gaf hij het echter niet uit.

Spinoza mocht in 1673 een professoraat Wijsbegeerte ontvangen, die hij vanwege het christelijke karakter van dit professoraat weigerde.

Spinoza overleed in 1677 mogelijk aan tuberculose. Kort daarna gaven zijn vrienden zijn bekende werk Ethica uit. Naast het feit dat Spinoza de eerste denker was die de principiële tolerantie (een tolerantie die niet afkeurt en zich tegen alle vormen van intolerantie verzet) verdedigde, is Spinoza in 2007 door de Commissie van Frits van Oostrom in het Canon van Nederland opgenomen. De Canon van Nederland is een lijst van vijftig onderwerpen die op een chronologische wijze een overzicht geeft van de Nederlandse geschiedenis.

Auguste Beernaert Belgisch katholiek politicus. Sociaal hervormer. Voormalig Belgisch…
Paul-Henri SpaakBelgisch politicus. Paul-Henri Spaak was driemaal premier van…

Dit atikel is afkomstig van online geschiedenismagazine www.historiek.net

Meer van dit soort berichten? Like ons dan!

Ook adverteren op Historiek?
Goede keus! Klik hier