De Hofvijver, hart van Den Haag (I)

Deze geschilderde plattegrond laat zien hoe Den Haag er in 1570 uit zag. De slotgrachten rond het Binnenhof zijn goed te zien – Cornelis Elandts, 1663 – Collectie Haags Historisch Museum

De Hofvijver vormt al eeuwenlang het visitekaartje van de stad Den Haag. Gelegen in het hart van de stad, pal naast het Binnenhof en het Torentje, is de Vijver een iconische plek. Het is ook een van de oudste plekken in Den Haag, want hij werd al in de veertiende eeuw aangelegd door de graven van Holland die op het Binnenhof zetelden. Door zijn allure werd de Vijver een geliefd decor voor tal van activiteiten: van watersteekspelen tot vuurwerktheaters en van concerten tot kunstmanifestaties.

Johannes Bosboom schilderde rond 1835 de Hofgracht met de Mauritspoort, die toegang geeft tot het Binnenhof, met daarachter het bekende Torentje – Collectie Haags Historisch Museum


In de rubriek ‘Oh, oh Den Haag’ staat het Haags Historisch Museum iedere maand stil bij een bepaald facet uit de geschiedenis van Den Haag. In deze aflevering staat de Hofvijver centraal. Een overzicht van alle geplaatste artikelen is hier te vinden

Het ontstaan van de ‘viver’

Vermoedelijk is de Hofvijver aangelegd in de veertiende eeuw en lag op die plek een duinmeertje. Dat het er in ieder drassig moet zijn geweest, staat wel vast, want de Hofvijver is precies gelegen tussen twee strandwallen. Op de westelijke strandwal hadden de graven van Holland al in de dertiende eeuw een slot gebouwd – het begin van het Binnenhof. De oostelijke strandwal werd met het zand dat vrijkwam bij de aanleg van de Hofvijver kunstmatig nog verder opgehoogd en zo ontstond de Vijverberg.

De Hofvijver wordt als zodanig voor het eerst genoemd in een grafelijkheidsrekening uit 1353. In dat jaar wordt een aantal grachten ‘omme ten viver toe’ verder uitgediept. Zoals goed te zien is op vroege kaarten van Den Haag was de Hofvijver aangesloten op een reeks slotgrachten die om het Binnenhof liepen (afbeelding). Deze grachten waren een verdedigingsmiddel en gaven het grafelijk hof aanzien. Daarnaast dienden zij als watervoorziening voor huishoudelijk gebruik, drenkplaats voor het vee en de paarden, en zoals gebruikelijk was in de middeleeuwen, als open riool.

Het Binnenhof heeft nog lange tijd dit middeleeuwse kasteelachtige karakter behouden (afbeelding). In de jaren zestig van de negentiende eeuw werden de grachten echter gedempt, deels om ruimte te maken voor de bouw van nieuwe ministeries, deels om redenen van hygiëne.

Sport en spektakel

Al in de Middeleeuwen was de Hofvijver veel meer dan alleen een bron van watervoorziening. Het was ook een aangename plek om te recreëren. Rond de Hofvijver werd geflaneerd in de schaduw van de bomen op de Lange Vijverberg. De vijver zelf werd onder meer gebruikt om in te spelevaren (afbeelding). Een vroeg en bijzonder voorbeeld is een tochtje dat graaf Albrecht van Beieren met zijn tweede echtgenote Margaretha van Kleef maakte in 1394. Bij die gelegenheid liet een van de jonkvrouwen van Margaretha een kostbare, diamanten ring in het water vallen. In een galante poging de jonkvrouw haar ring weer terug te bezorgen, zou Albrecht, zo gaat het verhaal, de Hofvijver hebben laten leeglopen. Voor zover we weten zonder resultaat.

Deze rijk gedecoreerde sloep behoorde vermoedelijk toe aan de Staten-Generaal, die op het Binnenhof vergaderden – Detail van een schilderij van Gerrit Adriaensz. Berckheyde, 1692 – Collectie Haags Historisch Museum

Een spannender activiteit was het zogeheten steekspel. Dit spel is te vergelijken met het bekendere riddertoernooi, waarbij het eveneens de bedoeling was om je tegenstander met een lans tegen de grond te stoten. Een belangrijk verschil – naast het gebruik van bootjes in plaats van paarden natuurlijk – was dat het watersteekspel geen adellijke aangelegenheid was. De deelnemers waren geen edelen, maar zeelieden. Al in de middeleeuwen werden watersteekspelen gehouden op de Hofvijver. De vroegste afbeeldingen van dit vermaak dateren uit het midden van de zestiende eeuw (afbeelding).

Hollandse School, Watersteekspel op de Hofvijver, ca. 1625 – Collectie Haags Historisch Museum.

In de winter werden de schaatsen ondergebonden en veranderde de Hofvijver in een ijsbaan (afbeelding) – een traditie die tot op de dag van vandaag voortleeft. Daarnaast diende de Hofvijver verschillende keren als podium voor spectaculaire vuurwerktheaters. Toen de Republiek der Nederlanden in 1749 het afsluiten van de Vrede van Aken (1748) vierde, verrees in de Hofvijver zo’n vuurwerktheater (afbeelding).

Het indrukwekkende vuurwerktheater ter gelegenheid van de Vrede van Aken in 1748, geschilderd door Jan ten Compe – Collectie Haags Historisch Museum

Het bouwwerk werd ontworpen door de bekende architect Pieter de Swart en rijk versierd met beeldhouwwerken en allegorische voorstellingen. Het was bijna 110 meter lang en rustte op bijna 4.000 palen. Het bouwwerk werd eerst sfeervol verlicht door tienduizenden vetpotjes. Op het moment suprême werd het vuurwerk afgestoken, waaronder “Vuurpylen, Lustkogels, Lugtballen, Zwermpotten” en “Vuur-fonteynen”. Enige tijd na de festiviteiten is het bouwwerk weer afgebroken.

De traditie van spektakel op de Hofvijver duurt nog altijd voort. Tegenwoordig wordt de vijver zo nu en dan gebruikt voor kunstprojecten en theatervoorstellingen. En sinds 2006 vindt hier het jaarlijkse Hofvijverconcert van Festival classique plaats, een spektakel vol muziek, dans en acrobatiek.

~ Haags Historisch Museum

Dit artikel is gebaseerd op het boek De Hofvijver, hart van Den Haag van Jantien Overduin. Het is het tweede deel in de zogeheten groen-gele reeks over topstukken uit de collectie van het Haags Historisch Museum.

Meer weten over de Haagse geschiedenis? Volg het Haags Historisch Museum dan ook op Facebook

Gerelateerde boeken:

Verder lezen:

  • Den Haag Hofstad: In Den Haag daar woont een graaf
  • Den Haag rond 1900
  • Haags Historisch verwerft schilderij Floris Arntzenius
  • Gerelateerde uitgaven:

    Reageer op dit bericht: