De zwarte madonna van Czȩstochowa

De zwarte madonna van Czȩstochowa
Met de keuze van deze titel ben ik mij bewust dat ik hiermee sommige lezers op een verkeerd been kan gezet hebben. De term ‘zwarte madonna’ roept immers binnen de beeldende kunst en de Mariaverering in het algemeen, vaak het idee op van houten beelden die de Moeder Gods afbeelden. De zwarte madonna van Czȩstochowa is echter geen beeld, maar een icoon dat in gans Polen, en zelfs daarbuiten, jaarlijks miljoenen bedevaarders en pelgrims aantrekt. Hoogtijd dus om deze icoon waaraan miraculeuze krachten worden toegeschreven nader onder de loep te nemen.

Wat vooraf ging

Volgens sommige historici was het de hertog van Opole, Ladislas II, die in 1382 de icoon van de zwarte madonna liet overbrengen naar Czȩstochowa (een klein provinciestadje zowat 50 kilometer ten noorden van Katowice, de hoofdstad van de Poolse provincie Silezië) om het schilderstuk veilig te stellen voor de Tartaren die op dat moment Europa terroriseerden.

Tegelijkertijd liet Ladislas II op een heuvel, Jasna Gora of ‘heldere berg’ genaamd, een klooster bouwen dat moest fungeren als gepast onderkomen voor de icoon en waar de uit Hongarije uitgeweken monniken van de orde van Paulus de Heremiet, kortweg de Paulinerorde genoemd, sindsdien ook hun vaste stek hebben.

Legenden en historische mix

Volgens de overlevering zou de icoon geschilderd zijn door de evangelist Lucas die als houten drager voor de afbeelding van de Moeder Gods een plank van de eettafel uit het huis van Maria zou gebruikt hebben. Andere bronnen vermelden een analoog verhaal maar hebben het over de tafel van Helena, de moeder van keizer Constantijn de Grote

Wetenschappelijk onderzoek wees echter uit dat één en ander gewoonweg onmogelijk is, gezien verscheidene kunsthistorici het unaniem eens zijn dat het hier een schilderstuk betreft dat uit einde veertiende of begin vijftiende eeuw dateert.

Koning Sigismund III van Polen (1566-1632) knielt voor de icoon van de zwarte madonna van Czȩstochowa
Anderzijds zijn aan de icoon van de zwarte madonna van Czȩstochowa twee legenden verbonden die op het eerste gezicht wel een historische link hebben. De eerste legende voert ons terug naar 1430: grote delen van Polen vallen ten prooi aan de plunderingen van de Hussieten die het als iconoclasten en reformisten ‘avant la lettre’ niet zo begrepen hebben op de zogenaamde goddeloze afbeeldingen. Zij nemen de icoon van de zwarte madonna als oorlogsbuit mee, maar stellen vast dat naarmate zij zich verder en verder verwijderen van het klooster van Jasna Gora de icoon zwaarder en zwaarder wordt totdat deze uiteindelijk niet meer verder kan vervoerd worden. Uit woede hakken zij het schilderstuk in drie delen en trachten zij het met hun zwaarden te vernielen waarna zij het gebied verlaten. De drie delen van de icoon worden teruggevonden, gerestaureerd, maar ter herinnering aan wat de Polen ervaren als regelrechte heiligschennis, laten zij enkele haksporen van de zwaarden op de linkerwang van Maria ongemoeid.

Een tweede verhaal situeert zich in 1655: de stad en het klooster worden belegerd door zo’n vierduizend Zweedse soldaten onder leiding van hun koning Karel X Gustaaf (1622-1660), dit terwijl de Paulinerorde amper kan rekenen op een 180-tal soldaten en een zeventigtal religieuzen om hun site te verdedigen. Maar wat blijkt: op kerstavond, na verscheidene weken van belegering, breken de Zweden plotseling hun kamp op en staken iedere aanval. Deze ‘miraculeuze verdediging’ bracht er de Polen toe om de zwarte madonna uit te roepen tot ‘koningin van Polen’ en sindsdien leeft de stad op het ritme van de elkaar repetitief opvolgende bedevaarten en kerkdiensten.

Waarom een ‘zwarte’ madonna?

Sommigen stellen dat de zwarte kleur een gevolg is van de roetaanslag door het veelvuldig branden van kaarsen voor het schilderstuk, maar dit is wellicht niet de echte reden. De meeste kunsthistorici zijn het er namelijk over eens dat zwarte madonna’s in sé een afleiding zijn van de vruchtbaarheidsgodinnen die in vroegere beschavingen vaak zwart werden afgebeeld. Dit was ontegenzeggelijk het geval in de gebieden tussen Eufraat en Tigris. Het is dan ook niet onwaarschijnlijk dat het de kruisvaarders waren die vanuit het Midden-Oosten deze ‘zwarte madonna’s’ ongewild in onze contreien introduceerden.

Wat er ook van waar is, de icoon van de zwarte madonna en Jasna Gora als cultusplaats, zijn ondertussen uitgegroeid tot bedevaartsoorden, vergelijkbaar met Fátima en Lourdes, zeker sinds de opeenvolgende bezoeken van paus Johannes Paulus II en paus Benedictus XVI. Jaarlijks bezoeken immers zowat acht miljoen mensen de zwarte madonna.

Miracels en wonderen?

De icoon wordt jaarlijks door miljoenen bedevaarders, pelgrims en toeristen bezocht
De icoon heeft door de eeuwen heen een aanzienlijke reputatie opgebouwd van allerlei wonderen en mirakels. Zo zou in 1396 een blinde schilder uit Litouwen zijn gezichtsvermogen hebben teruggekregen nadat hij tot de zwarte madonna een smeekbede had verricht. Vanaf toen werd door de Paulinerorde een Libris Miracolorum (Boek van mirakels) bijgehouden, waarin zowat alle wonderbaarlijke genezingen werden geregistreerd. Eén van de meest opmerkelijkste verhalen is zeker het verhaal van een handelaar uit Lublin (een Poolse stad ongeveer honderdvijftig kilometer ten zuidoosten van de hoofdstad Warschau) die in 1540 met de lichamen van zijn overleden vrouw en twee dochters kwam bidden voor het schilderstuk van de zwarte madonna, waarna alle drie herrezen uit hun doodskist.

De jongste tijd is de madonna schijnbaar enigszins op retraite want echte mirakels zijn schaars geworden, behalve dan het economisch wonder…want de miljoenen bedevaarders, pelgrims en ook de toeristen zorgen nu opnieuw alvast voor een heus wonder…!

~ Rudi Schrever

Lees ook: Iconen, bron van devotie
Boek: Russische Iconen

Fréderic Chopin (1810-1849)
In 2010 was het precies 200 jaar geleden dat in Zelazowa Wola,…
Icoon van de Heilige Drie-eenheid - Tikhon FilatievWanneer men…

Dit atikel is afkomstig van online geschiedenismagazine www.historiek.net