Gent geeft schilderij Kokoschka niet terug

Portret van Ludwig Adler – Oskar Kokoschka
De stad Gent geeft een zogenaamd ‘oorlogsschilderij’ van de Tsjechische kunstenaar Oskar Kokoschka (1886-1980) niet terug aan de Joodse erfgenamen van de voormalige eigenaar. Het Gentse college van burgemeester en schepenen heeft dat afgelopen week besloten.

Het kunstwerk, getiteld Portret van Ludwig Adler, maakte tijdens de oorlog onderdeel uit van de collectie van Victor von Klemperer, een vooraanstaande Joodse bankier en kunstverzamelaar uit Dresden. Volgens zijn nazaten werd hij in 1937 door de nazi’s gedwongen het portret te verkopen.

Sinds 1987 is het schilderij in handen van het Museum voor Schone Kunsten in Gent.

- advertentie -

Erfgenamen van Victor von Klemperer vroegen het Gentse stadsbestuur in 2009 om teruggave van het schilderij. Volgens deze erfgenamen werd Von Klemperer het slachtoffer van nationaal-socialistische vervolging en verkocht



hij het portret onder dwang. De nazaten van de Joodse bankier en kunstverzamelaar baseerden hun verzoek om teruggave onder meer op de Washington ‘Principles on Nazi-confiscated’ Art van 1998.

Het Gentse stadsbestuur liet de zaak door een onafhankelijk commissie onderzoeken. Deze commissie – voorgezeten door Lucien Buysse, gewezen voorzitter van de Studiecommissie en de Commissie voor de schadeloosstelling van de Joodse Gemeenschap van België – oordeelde dat Victor von Klemperer duidelijk slachtoffer is geweest van het nationaalsocialisme. Zo werd hij bijvoorbeeld in 1934 gedwongen met pensioen gestuurd. Von Klemperer had tot die tijd een verantwoordelijke functie bij de Dresdner Bank.

Hoewel Von Klemperer slachtoffer werd van het nationaalsocialisme verkocht hij het doek van Oskar Kokoschka volgens de commissie niet onder dwang. Het Gentse college van burgemeester en schepenen:

Integendeel. Victor von Klemperer wou al halfweg 1937, een jaar en half voor ‘Reichskristallnacht’, tijdens een overzichtstentoonstelling van Kokoschka te Wenen, het schilderij verkopen. Volgens een getuigenis van een van de zonen in 1996 was de hoofdreden dat zijn echtgenote, Sophie von Klemperer het doek helemaal niet apprecieerde.

Het portret werd in 1937 verkocht aan een privéverzamelaar van het Duitse expressionisme. Volgens de onderzoekscommissie was deze verzamelaar niet betrokken bij de nationaalsocialistische kunstroof. Hoeveel geld er destijds voor het portret betaald werd is niet bekend. Het Gentse college:

Bij de toetsing van de onderzoeksresultaten aan de Principes van Washington, kwam de commissie tot de bevinding dat Victor von Klemperer zeer persoonlijke redenen had om het schilderij van Oskar Kokoschka te verkopen. Hij zocht en vond daarvoor zelf een koper. De commissie stelt vast dat voor de verkoop bezwaarlijk een dwingende geldnood kon worden ingeroepen, vermits Victor von Klemperer tot einde 1938 nog over een pensioen en over andere inkomsten kon beschikken.

Volgens de commissie is het Museum voor Schone Kunsten in Gent in de jaren tachtig bij de aankoop zeer zorgvuldig te werk gegaan.

Naar aanleiding van het onderzoek van de commissie heeft het Gentse college besloten dat er geen reden is tot teruggave van het schilderij.

Operatie Barbarossa (cc-Bundesarchiv)
Op 22 juni 2011 is het zeventig jaar geleden dat Operatie Barbarossa,…
Barak in TheresienstadtIn Herinneringscentrum Kamp Westerbork wordt zondag 26…

Dit atikel is afkomstig van online geschiedenismagazine www.historiek.net

Ook adverteren op Historiek?
Goede keus! Klik hier