Gezocht en gevonden in Gent

Amateurvondsten van de Waalse Krook

Nadat archeologisch onderzoek aan de Waalse Krook in Gent was afgerond, speurden detectoramateurs de niet-doorzochte grond af. Mét resultaat. Over een middeleeuwse stad, haar markante bewoners en de voorwerpen die zij achterlieten.

Gent, in de Belgische provincie Oost-Vlaanderen, is ontstaan aan de samenvloeiing van de Leie en de Schelde. De naam Gent is afgeleid van het Keltische Ganda, wat ‘monding’ betekent. Tussen 1100 en 1300 werd Gent, geruggesteund door een bloeiende handel, een metropool binnen Noordwest-Europa. Rijk geworden als grootgrondbezitters en lakenkooplui zwaaide aanvankelijk enkel een groep patriciërs de scepter in de stad. Andere handwerkslieden werden uitgesloten van enige macht. Begin veertiende eeuw volgde een kentering. De lagere ambachtsklassen streden mee met graaf Gwijde van Dampierre tijdens de Gulden Sporenslag en behaalden een eclatante overwinning. Het zou de voltooiing van de stedelijke emancipatie van de ambachtslieden betekenen, waarbij zij ook vertegenwoordiging in het stadsbestuur kregen. Het monopolie van de stedelijke elite was gebroken en de stad zou uitgroeien tot een toonbeeld van emancipatie en zelfbestuur.

Sloopwerken aan de Waalse Krook

Sloopwerken aan de Waalse Krook

Het machtiger worden van de ambachten ging echter ook gepaard met het opstandiger worden jegens gezag. De veertiende en vijftiende eeuw typeerden zich dan ook als een strijd tussen het Vlaamse stedelijke particularisme en de staatsvorming van het hof. Naarmate de Bourgondische graven hun macht wilden uitbreiden, moesten de grote Vlaamse steden immers aan zelfbestuur inboeten. Het neerslaan van de Gentse Opstand in 1540 door Karel V was het summum en liet de machtsbalans doorslaan in het voordeel van de vorst. De eens zo zelfstandige ‘stadstaat’ werd voortaan onder de duim gehouden.

Huidenvetters

Huidenvetter

Huidenvetter

De Gentse huidenvetters vormden een van de meer dan vijftig bestaande neringen, het Gentse equivalent van de ambachten. De huidenvetter dankt zijn naam aan de vroegste handelingen voor het bewerken van huiden. Om verrotting tegen te gaan, werden de huiden ontdaan van hun vetlaag. Dit vet werd gerecupereerd om de huiden intensief mee te behandelen en in te wrijven, om zodoende een bruikbare grondstof op te leveren. Het vetten werd voorafgegaan door een erg intensief procedé. De onbewerkte huiden moesten worden ontdaan van hoorns, oren, staart en eventuele skeletresten. Om dan grondig te worden gereinigd en eventueel te worden gezouten voor langere bewaring. Vervolgens werden de huiden in een opeenvolging van kalkbaden ondergedompeld om de vezels af te breken en de volgende stap, het ‘ploten’ of afschrapen van de haren, te vergemakkelijken.

- advertentie -

Vanaf de veertiende eeuw geraakt de praktijk van het vetten stilaan in verval en komt het looien van de vellen in opkomst. Door de vellen in zogeheten looikuipen te behandelen met natuurlijke tannines of looizuren uit eikenschors, werden huiden gefabriceerd die duurzamer waren dan de gevette huiden. Na het looien werd dit proces stopgezet door alkalische materialen, veelal in de vorm van honden- of varkensmest, toe te voegen aan de huiden en de schors. Uit bronnen weten we dat zich zeker vanaf 1353 aan de Vijfwindgaten te Gent een watermolen bevond om deze schors te vermalen en bruikbaar te maken.

Waalse Krook

De Waalse Krook, in het centrum van het hedendaagse Gent, situeert zich tussen de Lammerstraat, de Grote Huidevettershoek, de Platteberg en de Schelde. De Waalse Krook dankt zijn naam aan de bocht die de Schelde maakt op deze plaats. Krook is hierbij een oud woord voor een kreuk, een bocht. Waals zou dan weer verwijzen naar de vele schippers uit het zuidelijke landsdeel die via deze buurt kolen per boot vervoerden. Afgaande op werk van wijlen Daniel Liévois en literatuur rond het onderwerp, kunnen we vermoeden dat de huidenvetters zich vanaf begin veertiende eeuw vestigden aan de Waalse Krook. Niet toevallig valt deze periode samen met de groeiende machtspositie van de ambachten te Gent.

Het staat vast dat de locatie van de Waalse Krook ideaal was voor de nering van de huidenvetters. Er was bovenal stromend water aanwezig, cruciaal voor het spoelen van de huiden en voor de aan- en afvoer van onder meer schors, huiden en kalk. Het is typerend dat de concentratie van huidenvetters zich buiten de middeleeuwse stadsomwalling bevond. Huidenvetters bedreven immers meestal hun vak aan de rand van de stad; het looiproces en het gebruik van dierlijke uitwerpselen zorgden voor een enorme geurhinder. Typerend is ook dat diverse straatnamen in de buurt, zoals de Grote Huidevettershoek en voormalige Riemmakersstraat verwijzen naar dit ambacht.

De Waalse Krook werd medio zestiende eeuw door de huidenvetters verlaten. Vanaf toen werd de handel in bouwmaterialen daar de belangrijkste industrie. De teloorgang van de activiteiten aan de Waalse Krook valt samen met het moment dat de macht van de Gentse ambachten grotendeels door de Habsburgse vorsten wordt gebroken na onder andere het neerslaan van de Gentse opstand in 1540.

Een aantal van de vondsten

Een aantal van de vondsten

Archeologisch onderzoek

In april 2012 begon een archeologisch onderzoek aan de Waalse Krook. Dit onderzoek maakte deel uit van de voorbereidende werken voor het stadsvernieuwingsproject De Krook, een project dat onder meer een nieuwe stadsbibliotheek omvat. Van deze site was al bekend dat zich daar tussen de veertiende en zestiende eeuw leerlooiers hadden gevestigd.

Na het archeologisch onderzoek werden vanaf mei 2013 grote hoeveelheden nietdoorzochte grond van de site per boot weggevoerd naar een gronddepot. Daar bleef deze grond een groot jaar liggen, in afwachting om gebruikt te worden als grondverzwaring voor een dijk. Deze unieke situatie gaf enkele detectoramateurs de mogelijkheid om een ware schatkamer aan middeleeuwse vondsten op te graven en deze zo te bewaren voor de toekomst.

Het archeologische onderzoek bracht diverse sporen van de leerlooiers aan het licht. Door hun typische activiteiten vormen leerlooiers een van de groepen ambachtslieden die het makkelijkst archeologisch herkenbaar zijn. Er werd uitrusting gevonden zoals vaste installaties, waaronder 32 leerlooierskuipen. Daarnaast werden ook mobilia aangetroffen, zoals ijzeren haken. Zo’n haak was hoogstwaarschijnlijk gemonteerd op een houten stok en werd gebruikt om de huiden te bewegen in de looikuipen en om ze er vervolgens uit te halen.

Artefacten

ddDoor de archeologen werd ook afval van het productieproces gevonden, zoals hoornpitten en gemalen eikenschors. De basisgrondstof voor het leder, de runderhuiden, werden immers verhandeld met de hoornpit (de benen kern van een hoorn) nog aan de huiden vast. Een theorie is dat deze hoorns een soort kwaliteitsmerk waren voor de leerlooiers en dat ze aan de hand hiervan konden oordelen over de leeftijd en het geslacht van het dier waarvan de huid kwam. Mogelijk waren deze hoorns ook functioneel voordat het looiproces begon, om huiden makkelijker op te kunnen pakken, op te hangen of uit te strekken.

Vast staat dat de huiden en de hoorns voor de slachter van de dieren van geen enkel belang waren en dat deze dus altijd op het werkterrein van de huidenvetters terechtkwamen, waar ze, na hun eventuele functie als kwaliteitslabel, vervolgens als afval werden gedumpt.

Een belangrijke vraag blijft natuurlijk welke bevindingen we kunnen doen op basis van de vele vondsten die de detectoramateurs deden. De artefacten zijn immers ex-situ gevonden, waardoor er geen context is. Alhoewel we niet precies weten uit welke laag de vondsten komen, kunnen we toch enkele feiten vaststellen. Door de vondsten ex situ te analyseren en te interpreteren kunnen we ook een interessante veronderstelling maken. We weten met zekerheid dat de doorzochte grond afkomstig is van de site Waalse Krook. Een site waar huidenvetters tussen de dertiende en zestiende eeuw hun activiteiten voerden. De meer dan duizend gevonden artefacten zijn zeer divers en betreffen in het merendeel van de gevallen gebruiksvoorwerpen uit het dagelijkse leven. Aangezien deze voorwerpen vele eeuwen quasi ongewijzigd in gebruik bleven, is een precieze datering op basis van deze voorwerpen niet zo eenvoudig. Enkele voorwerpen lieten echter een meer precieze datering toe. Interessant zijn dan ook de 92 munten die werden gevonden. Op één Romeinse munt na, dateren alle munten uit de periode 1150-1600. Meer dan de helft van deze munten stamt uit de periode tussen 1250-1350.

Pikzwarte grond

In de verstoorde grond werden ook een honderdtal religieuze en profane insignes gevonden. Deze werden door H.J.E. van Beuningen gedateerd tussen 1300 en 1450. Opvallend is een insigne waarbij de buste van Livinus van Gent is afgebeeld. Het draagt het onderschrift Caput Livin (‘Hoofd van Livinus’, de heilige kwam door onthoofding om het leven). Tevens werden verschillende stukken kinderspeelgoed gevonden, zoals tinnen fluitjes en ruitertjes te paard. Deze zijn te dateren tussen 1250 en 1400.

Toen de detectoramateurs de pikzwarte grond op het spoor kwamen, viel meteen op dat deze grond grote hoeveelheden hoornpitten bevatte. Ook werden enkele ijzeren haken gevonden van hetzelfde type als die gevonden waren tijdens het archeologisch onderzoek. Deze hoornpitten en de haken kunnen dan ook gelinkt worden aan de aanwezigheid van huidenvetters op de site van waar de aarde afkomstig is.

Hoewel het opvallend is dat de datering van de vondsten overeenstemt met de periode waarin huidenvetters op de site van de Waalse Krook hun activiteiten voerden en daarenboven enkele vondsten ook rechtstreeks te koppelen zijn aan dit ambacht, is de veronderstelling van een link tussen de vondsten en de huidenvetters aan de Waalse Krook evenwel niet hard te maken.

~ Vigor Clius

Meer archeologie

Vigor Clius schrijft mee aan een boek over de bodemvondsten van de Waalse Krook. Op 1 september verschijnt het volledige 300 pagina’s tellende boek onder de titel ‘Gezocht en gevonden. Bodemvondsten uit Gent’ (Uitgeverij PolderVondsten). Bekijk deze website of Facebook voor meer informatie

Met nieuw archeologisch onderzoek is het gelukt om de herkomst van een…
Meisje van Yde (Drents Museum)
Het Drents Museum presenteert begin volgende maand een kinderboek over het meisje…

- advertentie-


Historiek heeft een gratis mobiele app



Geschiedenis zoeken


Gerelateerde uitgaven:



Yuri Visser

About Yuri Visser

view all posts

Yuri Visser (1979) is de oprichter van Historiek. Vanuit Ermelo - waar hij samen met zijn partner en dochter van 4 woont - voert hij redactie over het platform (en de aanverwante projecten). Email: yurivisser@gmail.com | Twitter: yvisser



Download onze gratis app voor smartphone en tablet!

Historiek heeft een mobiele app, zowel beschikbaar voor Android als voor iPhone en iPad. Via de geschiedenis-app blijft u altijd op de hoogte van onze laatste berichten. Ook boekbesprekingen, blogs en onze historische achtergrondverhalen zijn via de app te lezen. Alle berichten die online staan, staan ook in de app. De geschiedenis-app wordt voortdurend uitgebreid en is natuurlijk helemaal gratis. Geschiedenis in de broekzak!

Download de app via de volgende links: