Hades, god van de onderwereld

Hades is in de Griekse mythologie de god van de dood en de onderwereld. Zijn naam wordt ook vaak gebruikt om de onderwereld – ook wel schimmenrijk genoemd – mee aan te duiden. Tevens god van rijkdom en kostbare metalen, omdat deze diep onder de aarde verborgen liggen. Het Romeinse equivalent van de godheid is Pluto.

Hades
Hades
Hades is de zoon van Cronus en Rhea en dus een broer van de oppergod Zeus. Nadat Zeus en zijn broers en zussen de macht van hun vader hebben overgenomen wordt die macht verdeeld. Hades krijgt de macht over het dodenrijk, Poseidon de macht over de zee en Zeus de macht over de hemel. Hades is in de Griekse mythologie dus één van de drie wereldheersers.

De god van de onderwereld heeft altijd een sleutel bij zich, die aangeeft dat hij waakt over zijn onderdanen en niet zomaar iemand uit het dodenrijk laat ontsnappen. De oude Grieken waren erg bang voor de god en baden geregeld dat ze zijn gezicht nooit zouden hoeven te zien. Er zijn vrij weinig standbeelden van hem gemaakt. Mensenoffers werden in het oude Griekenland vrijwel nooit gebracht. Alleen aan Hades werden zo nu en dan mensen geofferd.

De oude Grieken geloofden dat Hades alleen doden accepteerde die door zijn of haar nabestaanden zorgvuldig waren afgelegd en ter aarde besteld. Was niet aan die voorwaarden voldaan dan kreeg de overledene geen toegang tot de onderwereld en was zijn ziel (psyche) gedoemd eeuwig rusteloos rond te dolen tussen leven en dood. De Grieken hechtten om die reden veel waarde aan rituelen na het overlijden.

Cerberus
Cerberus
Cerberus en Charon

Op beelden wordt Hades vaak vergezeld door de hellehond Cerberus die drie koppen heeft en waakt over de toegang tot de onderwereld. Een andere ‘medewerker’ van de god van de onderwereld is de veerman Charon. Met zijn boot zet hij de zielen van overledenen de rivier de Styx over. Gratis doet hij dit niet. De overledenen moeten een obool betalen. Dit geldstuk legden nabestaanden daarom in de mond van de overledenen.

Hades en Persephone

De ontvoering van Persephone - Ulpiano Checa
De ontvoering van Persephone – Ulpiano Checa
De god is verliefd op de godin Persephone, de dochter van Zeus en Demeter, de godin van de landbouw en het graan. Hoewel haar moeder vrijwel continu over haar dochter waakt, slaagt Hades erin Persephone te ontvoeren. Demeter is helemaal kapot van het verlies van haar dochter. Verscheurd door verdriet vraagt ze aan de zonnegod Helios of hij weet waar haar dochter gebleven is. Als die antwoordt dat Persephone in het dodenrijk is, is Demeter helemaal verscheurd door verdriet. Als gevolg hiervan ontstaat er een zeer barre winter waarin veel mensen honger lijden.

Zeus besluit op een dag te hulp te schieten. Hij gebiedt zijn broer Hades om Persephone aan haar moeder terug te geven zodat er weer een goede oogst komt. Hades stemt toe, maar voordat Persephone vertrekt laat hij haar van een granaatappel eten. Persephone eet in totaal zes granaatappelpitjes. Voor elke pit die ze gegeten heeft moet Persephone voortaan een maand naar hem terugkeren. Zo gebeurt het dat ze elk jaar in de lente en een deel van de zomer, het groei- en bloeiseizoen, bij haar moeder is om daarna weer terug te keren naar Hades en de onderwereld. De mythe van Demeter, Hades en Persephone wordt zo gezien als een Griekse verklaring voor het ontstaan en voortduren van de seizoenen.

In de Griekse mythologie is Persephone de godin van het dodenrijk. De granaatappel staat symbool voor vruchtbaarheid (vanwege de vele zaden) maar ook voor de dood vanwege de rode kleur van het binnenste van de vrucht.

De terugkeer van Persephone - Frederic Leighton, 1891
De terugkeer van Persephone – Frederic Leighton, 1891
Polyphemus wordt verblind - Alessandro Allori
Eén van de bekendste cyclopen (één reuzen die afstammen van Uranus en…
Cerberus
KerberosHond van de Hades (god van de onderwereld). De…

Dit atikel is afkomstig van online geschiedenismagazine www.historiek.net