‘Hitler is als politiek denker langdurig onderschat’

De geopolitiek van het Derde Rijk

In 1999 publiceerde schrijver en uitgever Perry Pierik zijn werk De geopolitiek van het Derde Rijk. In dit boek staat hij stil bij de geestelijke wortels van Hitlers veroveringstocht naar het Oosten. Want binnen de ideologie van het nazisme draaide het niet alleen om de vernietiging van de Joodse gemeenschap. Er werd ook gestreefd naar meer Lebensraum. In zijn boek staat Pierik uitgebreid stil bij de ideeënwereld achter deze politiek. Onlangs werd het boek opnieuw uitgebracht. Op Historiek plaatsen we een deel van de inleiding bij die heruitgave:

Het eerste slachtoffer van iedere oorlog is altijd de waarheid…

Er bestaat een zekere angst om de grote, destructieve ideologieën van deze eeuw daadwerkelijk tot in essentie te bestuderen. Dit heeft bovenal te maken met het bloedige en repressieve karakter van het nationaalsocialisme (als ook van het communisme) dat als een breukvlak door de twintigste eeuw loopt. In het onvermogen en in de afkeer het kwaad te begrijpen heeft men zijn heil gezocht in taboeïsering ervan. Immers, de drijfveren van Hitler en de nazi’s willen onderzoeken, het kwaad werkelijk willen begrijpen, maakt de historicus kwetsbaar. In zijn analyses zou hij de Weltanschauung van de nazi’s serieus moeten nemen, hun geschriften moeten lezen en herlezen, analyseren en uitleggen, waarbij hij het gevaar loopt door de buitenwacht geïdentificeerd te worden met datgene wat hij aan het licht wil brengen. Maar hij heeft geen keuze. De geschiedenis laat zich slechts blootleggen door middel van de moeizame en omslachtige route van kennen, begrijpen en ontmaskeren. Op deze weg moet de historicus bijna over eigenschappen beschikken die een normaal mens slechts God toedicht: namelijk het kennen van de waarheid. Het eerste slachtoffer van iedere oorlog is altijd de waarheid. Analoog aan de oude legendarische oudheiddichter Orpheus uit Thracië zal de historicus naar de onderwereld moeten afdalen om haar terug te vragen… op te eisen, opdat na analyse ook werkelijk met de Geschichtsbewältigung kan worden begonnen.

De historiografie van het Derde Rijk is niet in balans. Dit zal de lezer wellicht verbazen, die begrijpelijkerwijs moeite heeft de enorme hoeveelheid van publicaties het hoofd te bieden. Maar iedereen die veelvuldig de boekhandel raadpleegt op het historische terrein van het interbellum en de Tweede Wereldoorlog, weet ook dat er veel van hetzelfde is en dat het afgekondigde einde van de boekenstroom – Boekenweek maart 1995 – een leuke one-liner in de krant opleverde maar ver van de realiteit afstaat. Als gevolg van het wonderjaar 1989 hebben de archieven in Midden- en Oost-Europa zich geopend en kunnen waardevolle aanvullingen op de westerse geschiedschrijving worden verkregen.

- advertentie -
Mein Kampf


Maar we hoeven zelfs niet zover te zoeken om op de onbalans te stuiten. De onbalans bestaat in feite reeds sinds het einde van de jaren zestig. Door ijverige studie naar Hitlers doelen, zijn grand strategy, werd in die tijd voor het eerst blootgelegd wat nu de kern van Hitlers politiek was. Onder invloed van de historici Walther Hofer en Eberhard Jäckel werd eindelijk afgerekend met het beeld van Hermann Rauschning waarin de manier waarop Hitler aan de macht kwam, werd afgebeeld als een ‘nihilistische revolutie’. De historici hadden 45 jaar nadat het boek geschreven was, Mein Kampf ontdekt en daarmee de geestelijke wortels van Hitlers Weltanschauung. Uitgekristalliseerd leverde dit een zeer verhelderend beeld op van Hitlers belangrijkste streven: zijn rassentheorieën en de daaruit volgende rassenpolitiek en holocaust en het plan ter verovering van Lebensraum. Door middel van Mein Kampf, maar ook uit andere geschriften van Hitler, die door de jaren heen meermaals zijn gedachtegoed vastlegde, alsmede aan de hand van de praktische politieke gang van zaken, weten wij dat Hitler sinds zijn eerste prille politieke stappen het slingerend pad inzette dat leidde tot de uitvoer van deze drastische plannen: de vernietiging van de joodse gemeenschap en de verovering van Lebensraum in het oosten en de onderwerping en uitbuiting van de Slavische bevolking.

Het vreemde is nu dat sinds deze ontdekking in de jaren zestig – die overigens parallel liep aan de eerste drie grote holocauststudies van Hilberg, Poliakov en Reitlinger – de studie naar het facet van de Lebensraum volledig is ondergesneeuwd onder de studie naar de holocaust. Letterlijk duizenden titels zijn verschenen na het baanbrekende werk van Hilberg en zijn collega’s. De werken varieerden sterk in opzet, van standaardwerken en pogingen daartoe, tot oral histories en kleine tragedies die de enorme tragiek van Hitlers rassenconcept weer tot leven brachten. Zo overvloedig als de belangstelling was voor de holocaust en de rassenpolitiek van nazi’s, zo leeg en onontgonnen bleef het terrein van de Lebensraum, die andere pijler van Hitlers Weltanschauung. Wie zich eens de moeite zou nemen de Letterenbibliotheek te Utrecht binnen te lopen, een van de grootste van Europa, om daar in het computersysteem de term Lebensraum in te tikken, zal tot zijn verbijstering moeten concluderen dat dit niet één titel oplevert die werkelijk dit thema behandelt. Er is een gat in de historiografie.

De veldtocht voor Lebensraum was het ultieme resultaat van Hitlers rassentheorie…

De leemte is om meer dan één reden verbazingwekkend. In de allereerste plaats omdat Hitlers streven naar Lebensraum, meer dan welk ander doel van hem, het meest verweven was met zijn rassentheorieën. Sterker nog, Hitlers streven naar Lebensraum, de politiek en de veldtochten die daaruit voortkwamen, werden gevoed door en gefundeerd op het raciale suprematiegevoel dat Duitsland moest heersen over de volkeren van het oosten. Naast de praktische uitvoering van de holocaust was de veldtocht voor Lebensraum, speciaal de aanval op de Sovjet-Unie, operatie ‘Barbarossa’, het ultieme resultaat van Hitlers rassentheorie met gevolgen, wanneer we kijken naar het aantal slachtoffers, van een nog veel grotere dimensie dan de holocaust. De leemte laat zich hoogstwaarschijnlijk verklaren door het feit dat klaarblijkelijk het lijden dat het gevolg was van de Lebensraum-veldtocht grotendeels toch onbewust wordt gezien als het algemene oorlogslijden, zoals elk conflict dat kent. De holocaust daarentegen vertegenwoordigde het ‘echte gezicht’ van nazi-Duitsland. De oorlog in Oost-Europa, waar Hitler zijn Lebensraum zocht, werd daarmee gedegradeerd tot een terrein bovenal van interesse voor militair-historici. Op dit laatste terrein is dan ook veel en baanbrekend onderzoek verricht. Een voorbeeld hiervan is de tweedelige Nederlandse studie van dr. F.P. ten Kate, De Duitse aanval op de Sovjet-Unie in 1941. In dit boek wordt uitgebreid stilgestaan bij de strijdkrachten en de militaire plannen aan beide kanten. Slechts heel summier wordt ingegaan op het doel van operatie Barbarossa en waar dat gebeurt, doet Ten Kate dat op basis van rationele, machtspolitieke overwegingen. De onbalans in de historiografie bestaat uit het feit dat het hier slechts om een krijgskundige studie gaat, zoals vrijwel alle boeken over dit onderwerp dit zijn, terwijl de politieke, ideologische en historische wortels, vaak irrationeel van aard, buiten beschouwing worden gelaten. Typerend voor deze onbalans is bijvoorbeeld dat de bedenker van de term Lebensraum, professor Karl Haushofer, slechts eenmaal en terloops wordt genoemd. De boeken van Haushofer ontbreken dan ook op de literatuurlijst. Dat Hilberg en Reitlinger niet ontbreken, is gezien de hierboven geschetste leemte niet verbazingwekkend.

Duitse soldaten bij een veroverde tank, tijdens de beginfase van operatie Barbarossa – Foto: CC

Het feit dat men de politieke en historische context waarin het idee voor verovering van Lebensraum kon ontstaan heeft genegeerd, heeft mogelijk dezelfde oorzaak als de late ontdekking van de holocaust. Hoewel er inmiddels een stortvloed aan boeken over de jodenvervolging bestaat, was dat ook niet altijd het geval. We hebben zojuist gezien dat de eerste serieuze studies pas aan het einde van de jaren zestig verschenen. Tot die tijd was er geen groot onderzoek gedaan, hetgeen toch opmerkelijk genoemd mag worden. Sterker nog, Raul Hilberg had de grootste moeite zijn inmiddels als standaardwerk geldende studie uitgegeven te krijgen. Ten dele ruïneerde hij zijn universitaire carrière ermee.

De geopolitiek van het Derde Rijk – Perry Pierik

Het heeft er alle schijn van dat de moderne historici, levend in een rationele, transparante westerse samenleving, moeite hebben zich ‘in te leven’ in de wortels van zoiets omvangrijks, destructiefs en irrationeels als het nationaal- socialisme. De late ontdekking van Hitlers werkelijke doelen en het trage onderzoek naar de holocaust en het ontbreken ervan naar diens Lebensraum- theorieën, tonen aan dat Hitler als politiek denker onderschat en langdurig genegeerd is, dat Mein Kampf ook na de oorlog ongelezen bleef en dat het nationaal- socialisme daardoor lange tijd onbegrepen bleef.

De Duitse historicus Bracher formuleerde het eens met de woorden: ‘De geschiedenis van Hitler en het nationaal-socialisme is de geschiedenis van diens onderschatting.’ Het is een leidraad in mijn boek geworden.

~ Perry Pierik

Bestel dit boek bij:

Yad Vashem Foto: CC/David ShankboneWie maakten de eerste collectiesen…
Bunker op TerschellingVier bunkercomplexen op de Waddeneilanden worden de…

Dit atikel is afkomstig van online geschiedenismagazine www.historiek.net

Meer van dit soort berichten? Like ons dan!

Ook adverteren op Historiek?
Goede keus! Klik hier