Iers politicus die in 1921 samen met Arthur Griffith een verdrag sloot met Winston Churchill en David Lloyd George waarbij de Engelsen de Ierse Vrijstaat een dominionstatus verleende.
Michael Collins wordt oktober 1890 (vermoedelijk 16 oktober) geboren in Sam's Cross, een klein dorp in West-Cork, Ierland. Hij is de jongste van de acht kinderen die zijn ouders, Michael John Collins en Marianne O’Brien, samen krijgen. Als Michael zes is overlijdt zijn vader die in zijn jeugd enige tijd lid was van de Irish Republican Brotherhood, een voorloper van de IRA. Na enige tijd had hij zich teruggetrokken uit deze organisatie en was hij zich gaan toeleggen op het boerenwerk.
Irish Republican Brotherhood
Nadat Michael Collins school op 15-jarige leeftijd verlaat vertrekt hij naar Londen, zoals vele Ieren in die tijd. In Londen trekt Michael in bij zijn oudere zus Johanne en studeert hij aan het King's College. In 1909, als Michael 19 is, wordt hij door een Ierse republikein geïntroduceerd bij de Irish Republican Brotherhood. Later zal hij een belangrijke rol binnen deze organisatie gaan vervullen.
Ook als minister van Financiën blijft Collins zich inzetten voor de Ierse guerrilla-beweging. De strijd richt zich met name op de Britse gevechtseenheid de Black and Tans (Royal Irish Constabulary Reserve Force), een paramilitair leger dat door de Britse regering is ingezet om in Ierland de strijd aan te gaan met de rebellen. Het geweld in Ierland komt tot een explosie als mannen van Collins op 21 november 1920 veertien Britse veiligheidsagenten vermoorden. Als reactie op deze daad vuren leden van de Black and Tans op toeschouwers van een wedstrijd Gaelic Football. Twaalf mensen komen hierbij om het leven. De Britten zetten in deze periode een bedrag van £ 10.000 op het hoofd van rebellenleider Michael Collins.
Juli 1921 wordt er een bestand afgekondigd en later dat jaar wordt begonnen met onderhandelingen. De Ierse president Eamon de Valera stuurt Michael Collins en Arthur Griffith als onderhandelaars naar Engeland. De onderhandelingen resulteren in een Ierse Staat (met uitzondering van de provincie Ulster). Doorn in het oog van veel Ieren is echter dat in het verdrag is opgenomen dat ze trouw moeten zweren aan de Britse kroon. De Ierse afgevaardigden accepteren het verdrag met enige tegenzin. Ze hopen dat het een eerste stap is naar een volledig autonome Ierse Republiek. In Dublin reageren velen negatief op het verdrag. In het parlement wordt het verdrag echter wel aangenomen (64 voor, 57 tegen).
Na de stemming in het parlement stapt de Ierse president Eamon de Valera op en leidt vanaf dan de extreme republieken, ook wel Irregulars genoemd, die tegen het verdrag zijn. De IRA splitst zich hierop. Voor- en tegenstanders van het verdrag van Collins en Griffith komen lijnrecht tegenover elkaar te staan. De burgeroorlog die hieruit voortvloeit zal tien maanden duren.
Arthur Griffith wordt de eerste president van de Ierse Vrijstaat. Als Griffith op 12 augustus 1922 overlijdt aan een beroerte, wordt Michael Collins de nieuwe president van de Ierse Vrijstaat. Op 20 augustus dat jaar vertrekt hij uit Dublin om zijn troepen in Cork te bezoeken. Twee dagen later komt zijn konvooi in de buurt van Macroomin in een hinderlaag terecht. Michael Collins wordt gedood. Het is niet geheel zeker of hij is gedood door een Irregular of door een van zijn eigen mannen. Meest waarschijnlijk is echter dat het een tegenstander van het verdrag was die Collins doodde. Michael Collins is slechts tien dagen president van de Ierse Vrijstaat geweest. Op de plek waar hij werd gedood is nog altijd een gedenksteen te vinden. Michael Collins ligt begraven op de begraafplaats Glasnevin in Dublin.
- Michael Collins: most wanted man
- Boek: Articles and speeches by Michael Collins
- Boek: The struggle between the British and the IRA
- Beelden van de begrafenis van Michael Collins
- Beelden van de Ierse Opstand (1916-1922)
- Film: Michael Collins (1996)
Tags:
| Commentaar |
|
Powered by !JoomlaComment 4.0 beta1



