Mirakel van Amsterdam (1345)

Het is 15 maart 1345, enkele dagen voor Palmzondag, als een stervende man in de Amsterdamse Kalverstraat een hostie uitbraakt. Kort hiervoor heeft hij het sacrament der zieken ontvangen. De uitgebraakte hostie wordt in het vuur geworpen, maar het wonder wil dat deze in het vuur blijft zweven. Een vrouw steekt hierop haar handen in de vlammen en pakt de ongeschonden hostie. Ze brandt haar handen hierbij niet en legt de hostie in een kist naast de zieke.

Mirakel van Amsterdam
Het mirakel op een bedevaartprentje – Jacob Cornelisz. van Oostsanen, 1518
De pastoor van de parochiekerk, de heilige Oude Kerk, wordt er al snel bijgehaald. Hij neemt de hostie mee naar de kerk, maar de volgende dag ligt de hostie tot ieders verbazing weer in de kist. De pastoor wordt er opnieuw bijgeroepen en hij neemt de hostie voor de tweede keer mee terug naar de kerk. Dit blijkt echter geen zin te hebben: de volgende dag ligt de hostie opnieuw in de kist bij de zieke.

Wonder

Nu de hostie zich tweemaal op wonderlijke wijze heeft verplaatst begint men ervan overtuigd te raken dat God door dit wonder spreekt. De hostie wordt hierop in een plechtige optocht naar de Oude Kerk gebracht en een jaar later verklaart bisschop Jan van Arkel de gebeurtenis officieel tot wonder. Weer een jaar later wordt er op de plek van het wonder een kerk gebouwd, de Heilige Stede. Pelgrims stromen toe en de bedevaart brengt de stad extra welvaart.

Stille Omgang

De gebeurtenis wordt lange tijd jaarlijks herdacht. Katholieken houden rond 15 maart een sacramentsprocessie door de Amsterdamse straten. Hieraan komt in 1578 een einde als het bestuur van de stad overstapt op het gereformeerd geloof. In 1881 wordt de processie, ook wel Stille Omgang genoemd, weer in ere hersteld.

Amsterdam in 1538 – Cornelis Anthoniszoon
De vrienden Lousbergh en Elsenburg besluiten dan om, aan de hand van de middeleeuwse route van de sacramentsprocessie, jaarlijks een stille tocht te lopen. Er blijkt veel animo voor deze Stille Omgang. De omgang groeit in de negentiende en twintigste eeuw uit tot hét ritueel waarmee Nederlandse katholieken hun identiteit en herwonnen maatschappelijke positie markeren. Aan het begin van de twintigste eeuw lopen er jaarlijks ongeveer twintigduizend mensen mee en in 1928 wordt zelfs besloten om, vanwege de enorme interesse van buitenaf, twee omgangsnachten te organiseren. Eén voor Amsterdammers en één voor mensen van buiten de stad. Momenteel lopen er ieder jaar ongeveer tienduizend mensen mee.

Het Mirakel van Amsterdam is venster nummer 3 van de Canon van Amsterdam.

Boek: Het mirakel van Amsterdam

Koning Albert I en koningin Elisabeth bezoeken het militaire kamp van Leopoldstad tijdens hun reis door Belgisch-Congo, 1928
Van 1908-1960 was Kongo - tegenwoordig gespeld als Congo - een Belgische…
Mordechai, links afgebeeld op een schilderij van Aert de Gelder.
In 1936 publiceerde SS-leider Heinrich Himmler De Schutzstaffel als antibolsjewitische strijdmacht. Dit…

Dit atikel is afkomstig van online geschiedenismagazine www.historiek.net