Een koffer vol oorlog – Een verborgen NSB-verleden in de oude Amsterdamse Jodenbuurt.

5 minuten leestijd
Een koffer vol oorlog
Materiaal uit de koffer die centraal staat in Een koffer vol oorlog. Foto: Paul van Riel

Het zal je maar overkomen: iemand belt aan met een plastic tasje vol muf ruikend papierwerk. Het overkwam schrijfster Merel Ligtelijn. In de wisselwoning waar zij noodgedwongen een jaar woonde, viel later een koffer uit de nok toen haar opvolger aan het verbouwen was. Hij wist dat de voormalige huurster verhalen schreef en bezocht haar met de inhoud van de koffer. Het duurde hierna nog vijfentwintig jaar voordat Ligtelijn op onderzoek uitging naar de mens achter de paperassen. Het resultaat is een boeiend boek over het leven van Willy Breurken en haar verwanten, getiteld Een koffer vol oorlog.

Hoezeer de vondst Merel Ligtelijn uiteindelijk greep, blijkt uit het uitgebreide onderzoek dat aan het boek ten grondslag ligt. Het verhaal begint al ver voor de oorlog met de beschrijving van het gezin waarin Willy Breurken opgroeide. Aan de hand van onder andere de steundossiers uit het Amsterdamse gemeentearchief neemt de auteur de lezer mee naar het leven in de arme wijken van Amsterdam.

Een nieuwe levensfase

Het gezin van Willy Breurken verhuisde enkele malen in Amsterdam en Ligtelijn weet de sfeer van de toenmalige wijken De Pijp en het nieuwe Amsterdam Noord pakkend te schetsen. Willy brak met haar familie en rolde in de fotografie. In 1935 ontmoette ze op weg naar buiten na een mislukte sollicitatie de fotograaf Willem Steinmetz. Hoewel hij achtendertig jaar ouder was en al een huwelijk achter zich had, was het liefde op het eerste gezicht.

Willem Steinmetz, Willy Breurken en hun zoon Kleine Wim, eind jaren dertig. Foto uit de gevonden koffer
Willem Steinmetz, Willy Breurken en hun zoon Kleine Wim, eind jaren dertig. Foto uit de gevonden koffer – Archief auteur

Willems eerste huwelijk was tragisch gestrand in een miskraambed. Moeder en kind overleden. De vader bleef achter met zijn dochter Jo. De herinneringen van Jo’s zoon waren waardevol voor Ligtelijn, die daarmee Willy’s levensverhaal kon inkleuren.

Leven in NSB-kringen

Willem had een fotozaak in Haarlem. Nadat hij deze midden in de crisistijd overdeed aan zijn dochter Jo en haar man keerde hij terug naar Amsterdam. Hij verdween echter niet uit de fotografiebranche en werd verkoopagent voor fotopapier. Samen met NSB’er Jan Roest richtte hij in 1935 een fotoclub op. Ondertussen ontmoette hij Willy. Hoewel Willem in het NSB-milieu rondliep, duurde het tot 1942 voordat Willy en hij lid werden van Musserts beweging.

Aan de hand van de gevonden foto’s, documenten en brieven schetst Ligtelijn het leven van Willy en haar naasten. De beschrijvingen van hun leefomgeving en -omstandigheden voeren de lezer terug in de tijd en maken de historische context tastbaar. Een enkele keer laat de schrijfster zich echter iets teveel meeslepen. Bijvoorbeeld als ze de paniek en ruzie op het NSB-hoofdkwartier op Dolle Dinsdag beschrijft.

De Nederlandse SS-voorman Henk Feldmeijer wist ergens een telefoon te vinden, in die tijd van beperkte communicatiemiddelen bepaald niet voorhanden (…).

Een koffer vol oorlog
Materiaal uit de koffer die centraal staat in Een koffer vol oorlog. Foto: Paul van Riel

Dat is niet correct. Telefoons waren bij particulieren inderdaad niet algemeen en in 1944 voor een groot deel zelfs buiten gebruik, maar op de foto’s van de kantoren in Musserts hoofdkwartier prijken ze op praktisch alle bureaus. Feldmeijer hoefde dus niet te zoeken. Deze kleinigheden doen echter niets af aan het boek.

NSB’ers op de vlucht

Willy en Willem waren actieve NSB’ers. Ze colporteerden met diverse NSB-periodieken en waren lid van verschillende nevenorganisaties. Die lidmaatschappen waren niet verborgen voor de mensen in hun omgeving. Het moet ook spanning hebben gegeven met Willems dochter Jo die samen met haar man Piet in het verzet zat. Ligtelijn beschrijft de activiteiten van deze verzetsgroep. Ondanks de politieke tegenstelling bleef er contact tussen Willy en Jo. Toen de geallieerden de grens naderden pakten Willy en Willem hun spullen en vertrokken naar Duitsland. Ook toen bleef het contact bestaan.

Een groot deel van het boek bestrijkt die periode na Dolle Dinsdag. Over de vlucht van NSB’ers is nog maar weinig geschreven en dat maakt deze studie extra interessant. De twee belandden in Verden an der Aller, een plaats in Nedersaksen tussen Bremen en Hannover. Aan de hand van getuigenverklaringen van derden worden de beroerde omstandigheden beschreven. Veel wijst erop dat Willem en Willy onder vergelijkbare omstandigheden leefden. Om te proberen iets van de leefomgeving en -omstandigheden te begrijpen, reisde Merel Ligtelijn naar Verden. Daar vond ze onder andere een nazi-‘heiligdom’ dat in 1936 in opdracht van SS-leider Himmler was gebouwd. Daar paradeerden tot zo’n vijftien jaar geleden jaarlijks neonazi’s tijdens fakkeltochten.

Armband van Willy Breurken
Armband van Willy Breurken uit kamp Westerbork (voorzijde), afkomstig uit de gevonden koffer. Foto: Paul van Riel

Internering en overlijden

In februari 1945 keerde het echtpaar terug naar Nederland. De NSB-vluchtelingen werden opgevangen in Ter Apel. Na de bevrijding volgde internering in kamp Westerbork. De omstandigheden waren daar in de eerste maanden erbarmelijk. Willy en Willem werden gescheiden en na Westerbork volgenden andere interneringskampen met wisselende omstandigheden. De omstandigheden tijdens de internering lijken te hebben bijgedragen aan het overlijden van Willem begin 1946. Hij was toen achtenzestig jaar oud. Willy was niet aanwezig bij zijn overlijden. Of zij de begrafenis mocht bijwonen, is onbekend. Willem werd bijgezet bij zijn zoon Kleine Wim, het enige kind van Willy en Willem. Ook diens korte leven vormt een tragische episode in het boek: hij overleed al op jonge leeftijd aan de uitzaaiingen van een kwaadaardige netvliestumor.

Willy’s internering levert een interessant verhaal op met zelfs een brandstichting uit protest tegen de behandeling van de gevangen vrouwen. Na anderhalf jaar kwam zij onder toezicht vrij.

De nationaalsocialistische Willy huwde na de oorlog met de communistische marktkoopman Hermanus van den Bergh. Twee politieke tegenpolen, maar wel opnieuw een man met kinderen uit een vorig huwelijk. Zij solliciteerde als huishoudster en ging met hem samenwonen in zijn huis in de voormalige Joodse wijk. Hermanus voerde daar ook zijn kledingwinkel Magazijn Americain waar Willy ‘koket’ achter de toonbank stond. De locatie zorgde voor allerlei contacten met Joodse handelaren die de oorlog hadden overleefd.

NSB-betalingsbewijs van Willy Breurken
NSB-betalingsbewijs van Willy Breurken. Collectie Nederlands Beheersinstituut

Willy probeerde een zorgvuldig opgebouwde façade in stand te houden. Na het overlijden van Hermanus in 1968 bleef zij actief in Magazijn Americain totdat de winkel in 1973 de deuren definitief sloot. De Nieuwmarktbuurt was ondertussen letterlijk het strijdtoneel van stadsvernieuwing. De Joodse sfeer en samenhorigheid was verdwenen. Midden jaren tachtig verhuisde Willy naar Purmerend waar ze in 2002 overleed. Tijdens de begrafenis kwam het NSB-verleden ineens weer naar boven en zorgde voor verdeeldheid in de familie.

Tijdsdocument

Een koffer vol oorlog - Merel Ligtelijn
 
Mocht er een volgende druk van dit boek verschijnen dan is het te overwegen een stamboom of overzicht van personen op te nemen. In het boek figureren veel mensen en soms zijn de onderlinge relaties ingewikkeld te volgen. Een centraal overzicht kan de lezer helpen de lijn van het verhaal eenvoudiger vast te houden.

Merel Ligtelijn beschrijft niet alleen de uitkomst van haar onderzoek, maar neemt de lezer ook mee in haar zoektocht. Het speuren in diverse archieven en gesprekken met betrokkenen heeft een boeiend boek opgeleverd. Door veel aandacht te schenken aan de omgeving waarin de hoofdpersonen leefden, is het bovendien een belangwekkend tijdsdocument geworden dat de grenzen van een familiegeschiedenis overstijgt. Dat de inhoud van de gevonden koffer wordt opgenomen in het Stadsarchief van Amsterdam, onderstreept bovendien de historische waarde van de vondst. Er zouden nog veel meer koffers gevonden mogen worden als dat vergelijkbare goede boeken oplevert.

×