De Oostenrijks-Amerikaanse filosofe Rose Rand (1903-1980) maakte in de jaren dertig deel uit van de invloedrijke Wiener Kreis, maar verdween daarna grotendeels uit beeld. Een nieuw promotieonderzoek laat zien hoe sociale uitsluiting en praktische barrières wetenschappelijke loopbanen kunnen belemmeren.
Rose Rand werd geboren in het toenmalige Lemberg (nu Lviv, Oekraïne) en studeerde filosofie in Wenen, waar ze nauw betrokken raakte bij de Wiener Kreis. Deze groep intellectuelen stond bekend om haar bijdrage aan de logisch positivistische traditie en had grote invloed op de twintigste-eeuwse filosofie. Rand nam actief deel aan de discussies binnen deze kring.

‘Niet-arisch’
In 1938 voltooide Rand haar proefschrift over de Poolse filosoof Tadeusz Kotarbiński, maar vanwege de antisemitische wetten na de Anschluss werd haar titel ongeldig verklaard. Het proefschrift werd als ‘niet-arisch’ bestempeld, waardoor ze geen academische kansen meer had in Oostenrijk. De filosofe vluchtte hierna naar het Verenigd Koninkrijk, waar ze werd binnengelaten als ‘stateloze jood’ en vervolgens colleges volgde bij Ludwig Wittgenstein. Tegelijkertijd werkte ze om in haar levensonderhoud te voorzien onder meer als verpleegkundige, inspecteur in een metaalfabriek en vertaalde ze Poolse en Duitse teksten.
Hoewel Wittgenstein haar afraadde door te gaan in de filosofie zette Rand door, daarin mede gesteund door een andere wereldberoemde filosoof, Bertrand Russell. Ondanks haar grote filosofische netwerk, waaronder ook denkers als Karl Popper en Susan Stebbing, wist Rand echter geen vaste aanstelling te bemachtigen.
Na haar emigratie naar de Verenigde Staten in 1954 zette de filosofe haar zoektocht naar academische erkenning voort. Ze verrichtte onderzoek in bibliotheken van Princeton en Harvard en had tijdelijke onderwijsfuncties aan diverse universiteiten. Haar werk richtte zich deels op de logica en verbinding tussen verschillende filosofische tradities, zoals die van de Wiener Kreis en de Lwów-Warschau School. Rand behoorde tot de eersten die onderzocht hoe ook normatieve uitspraken, zoals bevelen of wensen, logisch geanalyseerd konden worden.
Vergeten bijdragen zichtbaar maken
Promovenda Katarina Mihaljević van Tilburg University onderzocht Rands leven aan de hand van brieven, archieven en persoonlijke notities. Ze laat in haar onderzoek zien hoe materiële onzekerheid, het ontbreken van stabiele begeleiding (mentoraat) en sociale uitsluiting ervoor zorgden dat de filosofe nauwelijks structurele erkenning kreeg en uiteindelijk niet of nauwelijks meer werd genoemd in de officiële academische geschiedschrijving. Mihaljević:
Mijn dissertatie laat zien hoe de publicatiekansen van gevluchte wetenschappers beperkt bleken te zijn. Ook komt naar voren hoe hulp in tijden van crisis vaak minder werd bepaald door academische verdienste dan door sociale geschiktheid en netwerken. Mijn onderzoeksmethode helpt om vergeten bijdragen zichtbaar te maken en toont hoe materiële, institutionele en sociale factoren bepalen wiens ideeën worden gepubliceerd.
Het proefschrift van Mihaljević heeft als titel Rose Rand: Logic, Exile and Archives. Articles on the History of Contemporary Philosophy. De onderzoekster hoopt er vrijdag 26 september op te promoveren.
-https://link.springer.com/chapter/10.1007/978-3-031-08593-2_7
-https://www.trouw.nl/nieuws/rose-rand-was-een-belangrijke-denker-en-toch-is-ze-vergeten~b156833b/
Michel Foucault – Franse filosoof van macht en taal
Bertrand Russell, ‘verderfelijk schrijver’ of verlichte moralist
Homo universalis – Betekenis van het begrip
Vredesvieringen belangrijk voor ontstaan Nederlandse identiteit