Naser Oric, Bosnische moslim die van 1992 tot 1995 een brigade van het Bosnische regeringsleger leidde tijdens de belegering van de enclave Srebrenica.
Naser Oric werd op 3 maart 1967 geboren in Potocari, een stad in het oosten van het huidige land Bosnië en Herzegovina. Toen Oric geboren werd maakte deze stad nog deel uit van Joegoslavië. Oric werd door zijn ouders vernoemd naar de Egyptische president Gamal Nasser die een bondgenoot was van de Joegoslavische president Tito.
Aanvallen
Oric diende enige tijd in het Joegoslavische volksleger en werd toen bodyguard van politicus Slobodan Milosevic. Tijdens de belegering van de moslimenclave Srebrenica leidde hij een brigade van het Bosnische regeringsleger. In deze periode viel hij verscheidene malen Servische dorpen aan. De eerste grote aanval vond plaats op 20 april 1992 in Potocari. Andere aanvallen op dorpen vonden onder meer plaats in de gemeenten Bratunac, Srebrenica en Skelani. Vlak voordat de enclave Srebrenica in juli 1995 viel, vertrok Naser Oric per helikopter uit het gebied. Nadat in Bosnië de vrede getekend was, opende Oric een fitnessclub in Tuzla, een stad in het noordoosten van Bosnië en Herzegovina.
Verschillende Bosnische moslims beschouwen Naser Oric als een held. Veel Serven zien Oric echter als een oorlogsmisdadiger vanwege bruutheden die hij tijdens de aanvallen op Servische dorpen zou hebben uitgevoerd. Hij zou zich onder meer schuldig hebben gemaakt aan moord, martelingen en het brandschatten en platbranden van dorpen.
Arrestatie
Naser Oric werd op 30 juni 2006 door het Joegoslavië-Tribunaal in Den Haag veroordeeld tot twee jaar gevangenisstraf vanwege het niet verhinderen van oorlogsmisdaden door zijn ondergeschikten. Oric kwam vanwege zijn lange voorarrest direct vrij. Hoofdaanklager van het tribunaal, Carla del Ponte, was verbaasd over de lage straf en zei na de zitting:
“Een straf van twee jaar krijgen mensen die uit de supermarkt stelen. Het is absoluut schandalig dat zo’n lichte straf wordt opgelegd aan iemand die dergelijke oorlogsmisdaden heeft begaan.”
Bewijs
Naser Oric kwam kort na de uitspraak van de rechter vrij en arriveerde op dus 1 juli 2006 het vliegveld van Sarajevo. Hier werd hij opgewacht door duizenden sympathisanten. Per limousine werd hij vervolgens naar zijn huis in Tuzla vervoerd.
Volg ons: