Op de Plaza de la Villa, in het middeleeuwse centrum van Madrid, trekt het standbeeld van admiraal Álvaro de Bazán (1526-1588) onmiddellijk de aandacht. Hij kreeg de leiding over de Armada die Engeland op de knieën moest krijgen, maar stierf voortijdig waardoor de vernederende ondergang hem bespaard bleef. Tegenover zijn standbeeld staat één van de oudste torens van de stad, de Torre de los lujanes. Precies vijfhonderd jaar geleden zat koning Frans I (1494-1547) van Frankrijk hier kort opgesloten. Een gevangenschap die een blijvende invloed zou hebben op de Franse taal.
Na de nederlaag in de slag bij Pavia (1525) liet keizer Karel V de Franse koning gevangen nemen, waarna deze op 25 augustus in Madrid aankwam. Voordat hij verder zou worden vervoerd naar het Alcázar, ontving Hernán de Luján (1474-1533) hem in de toren van zijn stadspaleis. Hier kon Frans I voorlopig herstellen van de verwondingen die hij in de slag had opgelopen.
Om de tijd de verdrijven liet de koning zich voorlezen uit Amadis de Gaula, een Spaanse ridderroman die nieuw voor hem was en hem erg beviel. Na zijn vrijlating, tegen betaling van het utopische bedrag van twee miljoen goudstukken, gaf hij zijn bibliothecaris Nicolas de Herberay des Essarts (?-1552) opdracht om een Franstalige versie van dit boek te schrijven. Deze werd daarbij geconfronteerd met een leesteken dat volkomen nieuw was voor de Franse taal: de ‘cedilla’, wat een verkleinwoord is voor ‘ceta’, ofwel het Spaans voor de letter ‘z’. Dit was een kalligrafische variant van de letter ‘z’ die als een staart achter de ‘c’ werd geschreven zodat deze enigszins op het cijfer 3 ging lijken. In de loop der tijd ontwikkelde zich dit tot ‘c-cedilla’, wat dus vertaald ‘c-kleine letter z’ betekende.

Herberay des Essarts was overigens niet de eerste die de cedilla overnam. Tijdens de vertaling van Amadis de Gaula vernieuwde de Franse boekdrukker Geoffroy Tory (1480-1533) het Franse schrift door er het accent, de apostrof en de cédille aan toe te voegen. Naast boekdrukker voor de koning was Tory ook humanist en onderhield nauwe contacten met zijn vorst. De boekdrukkunst was destijds nog een nieuwe technologie en hij was van mening dat deze een goede gelegenheid bood om ook het schrift te vernieuwen, teneinde de leesbaarheid te verbeteren.

De vertaling van Amadis de Gaula heeft er in ieder geval een belangrijke bijdrage aan geleverd. De roman verscheen in 1550 in een voor die tijd grote oplage en was daarmee de wegbereider voor de ‘c met cédille’ in de Franse taal.
In Spanje verdween het teken
Paradoxaal genoeg verdween ongeveer gelijktijdig de cedilla uit het Spaans. In de Middeleeuwen had de ‘c’ met een cedilla zich nog duidelijk onderscheiden van de letter ‘z’. Zo werd de ‘ç’ in Plaça nog met nadruk uitgesproken als ‘platza’, terwijl de ‘z’ juist klonk als een zachte ‘s’. Die uitspraak onderging echter een evolutie en in de achttiende eeuw schafte de Academie van de Spaanse Letteren de c met een cedilla definitief af.

Herkomst van de komma
De oorsprong van de Belgische taalgrens
Het Goudlakenkamp: een extravagante ontmoeting tussen Hendrik VIII en Frans I
Napoleon Bonaparte
Van Turbotrain naar TGV
Waterloo. Tweehonderd jaar strijd