Een ‘ransel’ is een soort rugzak. Van oudsher werd de benaming vooral gebruikt voor de rugzakken van soldaten, maar later ook voor bijvoorbeeld de tassen van scholieren of reizigers.
De ransel is gemaakt van stevig materiaal en bevat één of twee schouderbanden zodat hij op de rug gedragen kan worden. Het woord is vermoedelijk via Duitse soldaten die naar ons land kwamen in onze taal beland. Het is afgeleid van het Hoogduitse Ränzel (zak). Dankzij Nederlandse contacten overzee is het woord tegenwoordig ook in verschillende andere landen bekend, zoals in Indonesië waar men de knapzak een ransel noemt. In Nederland wordt het woord al zeker sinds halverwege de achttiende eeuw gebruikt.
We komen de ransel ook tegen in de zegswijzen ‘iemand op zijn ransel geven’ of ‘iemand afranselen’. Dit houdt in dat iemand een flink pak slaag krijgt. Het slachtoffer krijgt dus (onder meer) klappen op de rug. Maar het kan ook zijn dat iemand met de ransel (dus met de rugzak) wordt geslagen.
-https://etymologiebank.nl/trefwoord/ransel
-https://etymologiebank.nl/trefwoord/afranselen
Top 30 Duitse woorden in het Nederlands
De lederen schooltas met ladderslot (en andere iconische schooltassen)
December, de tiende maand
De taal van het dorp (vóór 1970)
Waarom we de ‘vakantie’ danken aan de rechtbank