Bij Museum Het Pakhuis in Ermelo is sinds kort de tentoonstelling ‘In de ban van brons’ te zien. Bezoekers maken hier op een laagdrempelige wijze kennis met leven, sterven en rituelen in de bronstijd. De tentoonstelling bevat onder meer enkele objecten uit de collectie van het Rijksmuseum van Oudheden en richt zich specifiek op het archeologische erfgoed van de Veluwe.
De Veluwe geldt als een van de rijkste archeologische gebieden van Nederland. Met name de prehistorische grafheuvels springen in het oog. Tijdens wandelingen of fietstochten kom je ze al snel tegen: kleine, ronde verhogingen in het landschap. Niet zelden rijdt men er ongemerkt aan voorbij. “Bij hunebedden staan mensen vaak wel stil, daar worden ze blij van,” aldus museumdirecteur Natalie Overkamp tijdens de opening van de tentoonstelling. “Maar grafheuvels worden vaker over het hoofd gezien, terwijl ze minstens zo fascinerend zijn.”

Migraties
In de bronstijd, die in onze contreien grofweg liep van 2000 tot 800 voor Christus, kregen overledenen vaak een grafheuvel als laatste rustplaats. Overledenen werden er met veel symboliek begraven, vaak met grafgiften als bijlen of barnsteen, en ze werden in specifieke houdingen neergelegd. Mannen lagen bijvoorbeeld meestal op de linkerzij, met het hoofd naar het oosten, terwijl vrouwen op de rechterzij werden gelegd, met het hoofd naar het westen. Zulke patronen wijzen volgens archeologen op gedeelde opvattingen over dood en herinnering.

Onderzoek naar een groot aantal grafheuvels heeft aangetoond dat de grafcultuur in grote delen van Europa aanzienlijke overeenkomsten vertoonde. Opvallend is overigens dat met name bij mannengraven grote onderlinge overeenkomsten te zien zijn, terwijl bij vrouwengraven meer variatie zichtbaar is.

Jantje
Ermelo vormt een logische locatie voor deze tentoonstelling: in de omgeving zijn honderden graven uit de klokbekertijd gevonden. Nederzettingen uit die periode zijn nauwelijks aangetroffen, maar veel grafheuvels zijn vandaag de dag nog zichtbaar in het landschap. Voor wie erop let.
Een van de blikvangers van de tentoonstelling is de geconserveerde bodemafdruk van een prehistorisch persoon die in 1952 werd opgegraven bij het Speulderveld. De opgravers noemden het silhouet ‘Jan van Speuld’. Later onderzoek wees uit dat het om een vrouw ging, sindsdien is sprake van ‘Jantje’. Veel is er niet van haar bekend, behalve dat ze ongeveer 1,54 meter lang was en zo’n 3.500 jaar geleden dus met zorg werd begraven. De afdruk, veilig geconserveerd en omgekeerd opgegraven, laat haar silhouet nog altijd duidelijk zien.
Laagdrempelig

De tentoonstelling bevat daarnaast informatie over bekende vondsten zoals de hemelschijf van Nebra en belicht hoe handelsnetwerken in de bronstijd tot ver buiten de regio reikten. Grondstoffen als koper, tin en barnsteen kwamen uit onder meer Centraal-Europa, het Verenigd Koninkrijk en Ierland. Verder is er een miniatuur-grafheuvel te zien. De tentoonstelling loopt minimaal tot eind 2026.
Bronstijd veranderde Europa ingrijpend
Hemelschijf van Nebra – Artefact uit de bronstijd
De bronstijd – kenmerken, periodes en ontwikkelingen in de Lage Landen
Ringen en bijltjes in Bronstijd mogelijk gebruikt als ‘geld’
Piet Joubert (1834-1900) – Zuid-Afrikaans opperbevelhebber
Maltezer kruis – Symbool van de Johanniter ridders