Een laagdrempelige kennismaking met de bronstijd op de Veluwe

In de ban van brons
3 minuten leestijd
Weefgewichten uit ca. 800 v.Chr, gevonden in Ermelo
Weefgewichten uit ca. 800 v.Chr, gevonden in Ermelo

Bij Museum Het Pakhuis in Ermelo is sinds kort de tentoonstelling ‘In de ban van brons’ te zien. Bezoekers maken hier op een laagdrempelige wijze kennis met leven, sterven en rituelen in de bronstijd. De tentoonstelling bevat onder meer enkele objecten uit de collectie van het Rijksmuseum van Oudheden en richt zich specifiek op het archeologische erfgoed van de Veluwe.

De Veluwe geldt als een van de rijkste archeologische gebieden van Nederland. Met name de prehistorische grafheuvels springen in het oog. Tijdens wandelingen of fietstochten kom je ze al snel tegen: kleine, ronde verhogingen in het landschap. Niet zelden rijdt men er ongemerkt aan voorbij. “Bij hunebedden staan mensen vaak wel stil, daar worden ze blij van,” aldus museumdirecteur Natalie Overkamp tijdens de opening van de tentoonstelling. “Maar grafheuvels worden vaker over het hoofd gezien, terwijl ze minstens zo fascinerend zijn.”

een barnsteen amulet uit 2300-2200 v.Chr., koperen dolk uit 2100-1700 v.Chr. en een bronzen speerpunt
Bruiklenen uit het Rijksmuseum van Oudheden (dat vorig jaar een grote tentoonstelling aan deze prehistorische periode wijdde) : een barnstenen amulet uit 2300-2200 v.Chr., koperen dolk uit 2100-1700 v.Chr. en een bronzen speerpunt.

Migraties

In de bronstijd, die in onze contreien grofweg liep van 2000 tot 800 voor Christus, kregen overledenen vaak een grafheuvel als laatste rustplaats. Overledenen werden er met veel symboliek begraven, vaak met grafgiften als bijlen of barnsteen, en ze werden in specifieke houdingen neergelegd. Mannen lagen bijvoorbeeld meestal op de linkerzij, met het hoofd naar het oosten, terwijl vrouwen op de rechterzij werden gelegd, met het hoofd naar het westen. Zulke patronen wijzen volgens archeologen op gedeelde opvattingen over dood en herinnering.

Bronzen artefacten
Bronzen artefacten
Tijdens de opening van de tentoonstelling vertelde archeoloog Quentin Bourgeois (Universiteit Leiden) hoe nieuw onderzoek met behulp van DNA-technieken inzicht heeft gegeven in grote migratiebewegingen die plaatsvonden in de periode 3000-2000 v.Chr., de eeuwen voor het begin van onze bronstijd. Leden van de klokbekercultuur, enkelgrafcultuur en yamnayacultuur verspreidden tijdens deze migraties – die lokaal voor enorme demografische veranderingen zorgden en doorwerkten in de bronstijd – niet alleen landbouwkennis: ook ideeën over de dood werden overgedragen.

Onderzoek naar een groot aantal grafheuvels heeft aangetoond dat de grafcultuur in grote delen van Europa aanzienlijke overeenkomsten vertoonde. Opvallend is overigens dat met name bij mannengraven grote onderlinge overeenkomsten te zien zijn, terwijl bij vrouwengraven meer variatie zichtbaar is.

Jantje van Speuld
Jantje van Speuld

Jantje

Ermelo vormt een logische locatie voor deze tentoonstelling: in de omgeving zijn honderden graven uit de klokbekertijd gevonden. Nederzettingen uit die periode zijn nauwelijks aangetroffen, maar veel grafheuvels zijn vandaag de dag nog zichtbaar in het landschap. Voor wie erop let.

Een van de blikvangers van de tentoonstelling is de geconserveerde bodemafdruk van een prehistorisch persoon die in 1952 werd opgegraven bij het Speulderveld. De opgravers noemden het silhouet ‘Jan van Speuld’. Later onderzoek wees uit dat het om een vrouw ging, sindsdien is sprake van ‘Jantje’. Veel is er niet van haar bekend, behalve dat ze ongeveer 1,54 meter lang was en zo’n 3.500 jaar geleden dus met zorg werd begraven. De afdruk, veilig geconserveerd en omgekeerd opgegraven, laat haar silhouet nog altijd duidelijk zien.

Laagdrempelig

Miniatuur grafheuvel met de kenmerkende krans van palen aan de voet
Miniatuur grafheuvel met de kenmerkende krans van palen aan de voet
De tentoonstelling biedt een laagdrempelige kennismaking met de bronstijd en bevat, naast een reeks artefacten zoals een bronzen speerpunt, een barnstenen amulet, bijlen, armbanden, weefgewichten, pijlpunten en een fibula, ook informatie over archeologisch onderzoek dat sinds het begin van de twintigste eeuw naar grafheuvels wordt gedaan. Hedendaags onderzoek met moderne technieken wordt eveneens belicht. Zo zette Bourgeois in 2019 bijvoorbeeld het project Erfgoed Gezocht op, waarna in samenwerking met vrijwilligers en met behulp van lasertechnologie maar liefst vijftienhonderd nieuwe mogelijke plekken van grafheuvels werden opgespoord.

De tentoonstelling bevat daarnaast informatie over bekende vondsten zoals de hemelschijf van Nebra en belicht hoe handelsnetwerken in de bronstijd tot ver buiten de regio reikten. Grondstoffen als koper, tin en barnsteen kwamen uit onder meer Centraal-Europa, het Verenigd Koninkrijk en Ierland. Verder is er een miniatuur-grafheuvel te zien. De tentoonstelling loopt minimaal tot eind 2026.

×