Raad voor Cultuur wil dat kabinet cultuurbudget verhoogt

1 minuut leestijd

De Raad voor Cultuur stelt dat het Rijk zijn uitgaven aan kunst en cultuur moet verhogen om het historisch gegroeide tekort in te lopen en de sector toekomstbestendig te maken.

Volgens het advies, getiteld Ieder zijn aandeel, is de financiering van cultuur de afgelopen twintig jaar achtergebleven bij de economische groei en inflatie. Waar het cultuurbudget in 2005 nog 0,47 procent van de rijksbegroting bedroeg, is dat in 2023 gedaald tot 0,35 procent – een verschil van ruim 500 miljoen euro per jaar. Daarmee ligt Nederland volgens de raad inmiddels onder het Europees gemiddelde qua overheidsuitgaven aan cultuur.

Het rapport van de Raad voor Cultuur
Het rapport van de Raad voor Cultuur
De raad adviseert de overheid om te beginnen met een structurele verhoging van het cultuurbudget met 250 miljoen euro. Daarmee kan volgens de adviesraad worden gewerkt aan een betere regionale spreiding van middelen, versterking van cultuureducatie en talentontwikkeling, en een breder kunst- en kwaliteitsbegrip. Ook zou de indexatie van het cultuurbudget wettelijk moeten worden vastgelegd, zoals dat bij andere beleidsterreinen al het geval is.

Een belangrijke conclusie uit het rapport is dat de veronderstelling dat minder overheidssteun leidt tot meer private bijdragen aan cultuur niet klopt. Sinds 2005 zijn particuliere bijdragen nauwelijks gestegen en schommelen ze rond de 400 miljoen euro per jaar – ongeveer tien procent van wat de overheid uitgeeft.

Matchfunding en weerstandsvermogen

Om het financiële draagvlak te verbreden, pleit de Raad voor Cultuur voor behoud van de Geefwet en een effectiever gebruik van de culturele ANBI-status. Daarnaast zou publiek geld vaker kunnen worden ingezet om particuliere investeringen te stimuleren, bijvoorbeeld door overheidssubsidies te koppelen aan bijdragen van bedrijven of fondsen (zogeheten ‘matchfunding’). Ook krijgen culturele organisaties als het aan de Raad voor Cultuur ligt meer ruimte om een financiële buffer (weerstandsvermogen) op te bouwen, zodat zij minder kwetsbaar zijn bij financiële tegenvallers of schommelingen in inkomsten.

Het advies van de raad is verstuurd naar demissionair minister Gouke Moes van Onderwijs, Cultuur en Wetenschap (OCW)

Lees meer over

Meld u aan voor onze gratis nieuwsbrief

×