Paleis Noordeinde en de Koninklijke Stallen in Den Haag zijn deze zomer opnieuw enkele weken toegankelijk voor publiek. Bezoekers kunnen niet alleen het werkpaleis van koning Willem-Alexander bekijken, maar ook kennismaken met een aantal historische objecten uit de koninklijke verzamelingen. Bijzonder dit jaar is de aandacht voor de historische band tussen het Huis van Oranje-Nassau en de Nederlandse krijgsmacht.
Van 22 juli tot en met 9 augustus openen Paleis Noordeinde en de Koninklijke Stallen de deuren. In Paleis Noordeinde staat dit jaar de presentatie De Oranjes en de Krijgsmacht centraal. Daarbij wordt ingezoomd op de eeuwenoude relatie tussen het Huis van Oranje-Nassau en de krijgsmacht, van Willem van Oranje tot de huidige generatie.
In de Grote Balzaal van het paleis zijn uiteenlopende historische objecten te zien. Zo wordt een brief uit 1594 getoond waarin stadhouder Maurits advies krijgt over de zogenoemde contramars, een destijds vernieuwende militaire tactiek. Daarnaast is een bijzonder kistje te zien met botsplinters van de latere koning Willem II, afkomstig van een operatie aan de verwondingen die hij opliep tijdens de Slag bij Waterloo in 1815.

Verder zijn een uniform van koning Willem III uit circa 1840 en een Grootkruis in de Militaire Willems-Orde te bekijken. Uit later tijd stammen het vaandel van de Koninklijke Luchtmacht, in 1965 uitgereikt onder koningin Juliana, en een sextant die prins Willem-Alexander gebruikte tijdens zijn diensttijd bij de Koninklijke Marine. Ook kroonprinses Amalia komt in de presentatie aan bod met de baret die zij begin 2026 ontving na het afronden van haar Algemene Militaire Opleiding.
Oudste onderdeel van het Koninklijk Huis
De tentoonstelling schenkt tevens aandacht aan het Militaire Huis, het oudste onderdeel van de Dienst van het Koninklijk Huis. Deze organisatie ondersteunt de koning en andere leden van het Koninklijk Huis bij officiële werkzaamheden en speelt een rol bij militaire ceremonies, staatsbezoeken, Prinsjesdag en nationale herdenkingen.
Ook de Koninklijke Stallen zijn deze zomer toegankelijk. Daar staat de tweehonderdjarige Glazen Koets centraal. Dit rijtuig werd in 1826 gebouwd voor koning Willem I en wordt tegenwoordig nog gebruikt tijdens de rijtoer op Prinsjesdag. De naam verwijst naar de glazen bescherming rond de ornamenten van de koets.

Naast historische rijtuigen zijn in de stallen ook moderne en historische voertuigen, paarden en de Gouden Koets te zien. Een nieuwe publieksfilm biedt bezoekers bovendien een blik achter de schermen van het staldepartement, dat het vervoer van leden van het Koninklijk Huis verzorgt.
Bezoekers van Paleis Noordeinde kunnen daarnaast het zogenoemde Corps de Logis bekijken, de representatieve ruimtes die de koning gebruikt voor officiële ontvangsten. Via een multimediatour wordt stilgestaan bij de geschiedenis van het paleis.
Paleis Noordeinde en de Koninklijke Stallen zijn van woensdag tot en met zondag geopend van 22 juli tot en met 9 augustus. Tickets zijn vanaf 26 mei te reserveren via de website van de Koninklijke Verzamelingen.
De Glazen Koets, definitieve vervanger van de Gouden Koets?
Het veldbed van de kroonprins, ‘de held van Waterloo’
Kasteel Het Oude Loo – Jachtslot op het Kroondomein
Paleis Huis ten Bosch in Den Haag
De troon in de Ridderzaal
Predicaat Hofleverancier – Betekenis en geschiedenis
Militaire Willems-Orde