‘Een schandvlek voor mijn vaderland’
Voor vrijwel alle collaborerende sporters geldt dat na de oorlog hun sportcarrière voorbij was en dat ze al hun populariteit kwijt waren. Bekende sporters als Guusje van der Meulen, doelman van Oranje en van 1942 tot 1945 arts bij het Duitse leger, wielrenner Cor Wals, die in het Olympisch stadion in een SS-shirt rondreed, en bokser Sam Olij, die zijn clubgenoot Ben Bril verraadde, om een paar voorbeelden te noemen.

Eerst nog naar 1936 (de laatste Spelen voor de Tweede Wereldoorlog in Berlijn, die bij velen de bijnaam kregen van de “Hitler Spelen”). Daar loopt de snelste blanke man ter wereld, zoals hij in de media werd genoemd, de Nederlander Tinus Osendarp. Achter de donkere atleten Jesse Owens en Ralph Metcalfe wint hij brons op zowel de honderd als de tweehonderd meter. In de jaren dertig was Osendarp een van de meest gevierde atleten van ons land. In mei 1940 ging het mis. Osendarp verloor zijn baan bij de KLM en ging werken voor de politie in Den Haag. In 1941 werd hij lid van de NSB en later zelfs van de SS. Bovendien sluit hij zich aan bij het beruchte commando-Cornelis Leemhuis. Hij was betrokken bij zesentwintig arrestaties, waarvan tien de bevrijding niet hebben overleefd.
Osendarp was volgens zijn vrienden gemakkelijk in te lijven, aangezien zijn verstand omgekeerd evenredig was aan zijn lichamelijke ontwikkeling. Zijn minderwaardigheidscomplex zou ook een rol hebben gespeeld. Hij kende namelijk een grote angst; wat moest hij beginnen als de sportman Osendarp had afgedaan? Behalve hardlopen kon hij niet veel…
Luid protest
Het gejoel dat Tinus Osendarp tijdens het Nederlands Atletiek Kampioenschap in juli 1944 in het stadion om de oren kreeg, spande veruit de kroon. Toen vervolgens ook nog eens Britse vliegtuigen over het stadion vlogen, ging het publiek helemaal uit zijn dak.
De bezetter was woedend en schakelde de Grüne Polizei in. De wedstrijden werden stilgelegd en het publiek moest via een sluis het stadion verlaten. Daar werd iedereen gecontroleerd op de Ausweis. Het duurde lang voordat de laatste persoon het “Olympisch” verliet. Het was een van de weinige keren dat Nederlanders zich tijdens de oorlog openlijk hadden uitgesproken.

‘Zo naïef’
Na de oorlog werd Tinus Osendarp gevangengezet. Osendarp was, zoals eerder gezegd, lid van het beruchte commando-Cornelis Leemhuis dat op onderduikers jaagde. Bij zo’n overval moest hij een van de mannen naar de gevangenis brengen. In de Javastraat, Amsterdam-Oost, wist deze echter uit de auto te springen en te vluchten. Osendarp, die eerst twee waarschuwingsschoten had gelost, schoot de man neer die ernstig gewond raakte. De rechter vroeg zich bij het proces terecht af waarom de snelste man ter wereld niet even een sprintje had getrokken om hem te achterhalen.
Het was geen wedstrijd, “meneer” de president, en u moet ook rekening houden met het feit dat ik niet in atletiekkleding was, maar in uniform met zware laarzen…

De veroordeelde Osendarp kreeg uiteindelijk twaalf jaar cel, waarvan hij er zeven uitzat. Wegens een tekort aan personeel wordt hij in 1948 samen met 13.000 andere nazi-sympathisanten tewerkgesteld in een van de Zuid-Limburgse staatsmijnen. Later werd hij nog atletiektrainer bij Kimbria en Achilles-Top. In 1972 ging Tinus Osendarp met pensioen. Hij overleed op 20 juni 2002 op 86-jarige leeftijd aan een hartstilstand.
Cor Wals

De Olympische Spelen van Adolf Hitler (1936) – Twee weken nazi-propaganda
Het kleine verzet in het Olympisch Stadion
Waarom schaatsen wij?
Han Hollander boeide zelfs voetbalhaters
Wat zijn de elf steden van de Elfstedentocht?