Charles Breijer (1914–2011) was een Nederlandse fotograaf en verzetsstrijder die tijdens de Duitse bezetting het dagelijks leven vastlegde. Als lid van De Ondergedoken Camera maakte hij clandestiene opnamen van onder meer het gewapend verzet in Amsterdam.
Charles Breijer werd op 26 november 1914 in Den Haag geboren. Zijn carrière als fotograaf begon hij in 1937 bij uitgeverij De Arbeiderspers. Daar raakte Breijer bevriend met Cas Oorthuys, die hem stimuleerde te experimenteren en van wie hij veel leerde. Direct na de Duitse inval kwam de pers onder strenge censuur en vanaf 1942 moesten journalisten zich inschrijven bij het Persgilde. Breijer liet zich registreren om door te kunnen werken en om een dekmantel te hebben voor zijn ondergrondse activiteiten.
Ondergedoken Camera
Al in de eerste bezettingsjaren gebruikte hij zijn perskaart om aspecten van het dagelijks leven vast te leggen die de bezetter niet welgevallig waren. Zo fotografeerde hij als een van de weinigen de afsluiting van de joodse wijk in Amsterdam.
In de loop van 1944 leerde hij Fritz Kahlenberg kennen en raakte hij betrokken bij De Ondergedoken Camera, een groep Amsterdamse fotografen die het laatste jaar van de Duitse bezetting vastlegde. Hij maakte niet minder dan 260 opnamen, deels vanuit een fietstas waarin hij zijn camera had verstopt. In vergelijking met het werk van andere leden van de verzetsgroep, zijn de illegale foto’s van Charles Breijer vooral van belang omdat zij verschillende aspecten van het gewapend verzet tonen. Voor zijn verzetswerk ontving hij later het Verzetsherdenkingskruis.
Werk in Indonesië
Toen Breijer in 1947 als cameraman in spé naar Indonesië reisde, werd hij in de eerste plaats getrokken door avontuur. Daarbij was er ook sprake van een zeker idealisme: hij wilde bijdragen aan de opbouw van een zelfstandige Indonesische staat. Hij werkte eerst voor het regeringsfilmbedrijf Multifilm-Batavia en later als zelfstandig filmer voor de nieuwe Indonesische regering.
Daarnaast bleef Breijer vooral in de jaren 1947-1949 veel fotograferen. Hij maakte in die jaren op eigen initiatief een paar duizend foto’s. Deze zijn vooral van belang omdat ze niet het beleid van de Nederlandse regering vertolken, maar onverbloemd de gespannen sfeer in de laatste koloniale jaren tonen. Na de soevereiniteitsoverdracht fotografeerde Breijer vooral het dagelijkse leven, architectuur, landschappen en portretten. Hij verwachtte dat in Nederland de geïllustreerde pers hiervoor belangstelling zou tonen. In de praktijk viel dat echter tegen. Vanaf 1954 heeft Breijer zich voornamelijk op de film toegelegd en nauwelijks meer gefotografeerd.
Charles Breijer overleed op 18 augustus 2011 in Hilversum. Hij werd 96 jaar. Het Fotomuseum over het werk van Breijer na diens overlijden:
Voor Charles Breijer waren fotografie en film bij uitstek journalistieke middelen. Het ging hem niet om ‘mooie plaatjes’ maar veeleer om de overdracht van informatie. Desalniettemin tonen zijn foto’s duidelijk de invloed van de Nieuwe Fotografie. De Russische film en de films van Joris Ivens vormden een belangrijke inspiratiebron voor Breijers beeldtaal.
Amsterdam door de lens van een clandestiene camera
Bijna 800 foto’s verzetsfotograaf online
Kindermeisje hield hoofd koel en voorkwam ontdekking van drukpers en onderduikers
De gitzwarte oorlogsjaren van de “hoofdstad van het verzet”
Nijmegen in de Tweede Wereldoorlog