De stèle van Mesha – Een beroemde inscriptie over een oud conflict tussen Moab en Israël

3 minuten leestijd
De Mesha-stele in het Louvre
De Mesha-stele in het Louvre (CC BY 3.0 - wiki)

De stèle van Mesha, ook wel bekend als de Moabitische Steen, is een basaltsteen uit de negende eeuw voor Christus, met daarop een belangrijke inscriptie. Op de steen wordt een overwinning van koning Mesha van Moab op Israël beschreven. De beroemde steen is tegenwoordig te bezichtigen in het Louvre in Parijs.

De Mesha-stele in het Louvre (1)
De stèle van Mesha in het Louvre. De bruine fragmenten zijn originele delen van de steen; het zwarte, gladdere materiaal is de reconstructie die Charles Clermont-Ganneau in de jaren 1870 liet maken. (CC BY 3.0 – wiki)
De stèle van Mesha werd in 1868 gevonden door de Duitse missionaris Frederick Augustus Klein. Hij deed de vondst in Dhiban, een plaats in het huidige Jordanië, ongeveer zeventig kilometer ten zuiden van de hoofdstad Amman. Het zou gaan om een inscriptie die oorspronkelijk gemaakt werd voor een tempel in Moab, een oud staatje dat geregeld in conflict raakte met het oude Israël. De stèle – circa 1,15 meter hoog en ongeveer 60 centimeter breed – bevat 33 regels in het Moabitische schrift en dateert uit circa 840 voor Christus.

Historiciteit van de Bijbel

In de periode dat de steen werd ontdekt, waren veel wetenschappers op zoek naar oude inscripties die de historiciteit van de Bijbel konden ondersteunen. Dit onder meer om groeiend scepticisme de kop in te kunnen drukken. Toen bekend werd dat in het oude Moab een grote steen met tekst was gevonden, stuurde de Franse geleerde Charles Clermont-Ganneau daarom snel enkele medewerkers naar de vindplaats om het object nader te onderzoeken. Een van zijn medewerkers maakte vervolgens een afdruk van de tekst.

Kort hierna vernietigden de lokale inwoners de steen, die ze tot die tijd als als een heilig object zouden hebben vereerd. Waarom ze hiertoe overgingen is niet helemaal duidelijk. Volgens sommige bronnen hakten de dorpelingen de stèle in stukken omdat ze vermoedden dat er een schat in verstopt zat. Waarom zouden al die westerlingen anders zo geïnteresseerd zijn geweest in het object… Ook kan het zijn dat wantrouwen ten opzichte van de Europeanen of onenigheid over de eigendomsrechten meespeelde.

De losse onderdelen van de steen werden hierna als een soort talisman gebruikt. Met goud wisten de Fransen veel fragmenten uiteindelijk echter in bezit te krijgen waarna de stèle gereconstrueerd kon worden, mede op basis van de tekening die eerder was gemaakt.

Achtergrond

Mogelijke afbeelding van de god Kemos, afkomstig van de Shihan-stèle
Mogelijke afbeelding van de god Kemos, afkomstig van de Shihan-stèle
In de tijd waarin de inscriptie werd opgesteld, was Israël een relatief machtig koninkrijk. Onder de koningen Omri en diens zoon Achab was de regionale invloed van de Israëlieten flink toegenomen. Moab werd in deze periode een soort vazalstaat. Na koning Achab ging het echter bergafwaarts met het koninkrijk. Onder het bewind van koning Joram kregen de Israëlieten een vijandelijke aanval van koning Hazaël van Aram-Damascus voor de kiezen. De Moabieten maakten van de gelegenheid gebruik en kwamen onder leiding van hun koning Mesha in opstand tegen de Israëlische overheersing.

Deze gebeurtenis wordt zowel in de Bijbel (2 Koningen 3) als op de stèle beschreven. Opvallend is wel dat volgens de Bijbel Israël de overwinning behaalde, terwijl de Moabitische Steen het tegenovergestelde beweert: daar komt koning Mesha als uiteindelijke winnaar uit de bus. Volgens de Moabitische vorst was de zege volledig te danken aan de nationale god Kemos. Interessant is verder onder meer dat de inscriptie een verwijzing bevat naar JHWH (Jahweh), de god van Israël. Het is daarmee een van de oudste bekende vermeldingen van deze naam buiten de Hebreeuwse Bijbel.

De tekst op de steen luidt als volgt:

Ik ben Mesa, de zoon van Kemos-Jatti, de koning van Moab, de Diboniet. […] Omri was koning van Israël en hij verdrukte Moab vele dagen, immers Kemos was vertoornd op zijn land. En zijn zoon volgde hem op en hij zei – ook hij: Ik wil Moab verdrukken! In mijn dagen zei hij zo, maar ik zag op hem neer en op zijn huis en Israël is te gronde, ja het is te gronde gegaan voor eeuwig! […] En de koning van Israël bouwde voor zichzelf Atarot, en ik vocht tegen de stad, en ik nam haar in, en ik doodde heel het volk van de stad als offer voor Kemos en voor Moab. […] En Kemos zei tot mij: Ga, neem Nebo op Israël! En ik ging in de nacht en ik streed ertegen van het aanbreken van de dageraad tot de middag en ik nam het in en ik doodde alles ervan: zevenduizend mannen en vreemdelingen en vrouwen en vreemdelingen en dienstmaagden; immers, voor Aster Kemos had ik het met de ban geslagen. En vandaar nam ik de vaten van JHWH en ik sleept deze voor het aangezicht van Kemos.

K.A.D. Smelik

Bronnen

-https://www.livius.org/sources/content/anet/320-the-stela-of-mesha/?
-Godenschemering – Daniël De Waele (Kok, 2023)
-https://www.worldhistory.org/Moabite_Stone_[Mesha_Stele]/
-https://nbv21.nl/bijbel/NBV21/2KI.3/2-Koningen-3/
-Neem een boekrol en schijf: tekstvondsten uit het oude Israël – K.A.D. Smelik (Zoetermeer, 2006) p.43
-https://www.britannica.com/topic/Moabite#ref270283
×