Hoe zag een gewone dag eruit voor mensen in de zeventiende eeuw? Wat gebeurde er thuis, van de vroege ochtend tot het moment waarop de kaarsen ’s avonds werden gedoofd? Die vragen staan centraal in de tentoonstelling Thuis in de 17de eeuw, die vanaf oktober in het Rijksmuseum in Amsterdam te zien is.
Aan de hand van alledaagse gebruiksvoorwerpen, kunstwerken en persoonlijke verhalen wil het museum laten zien hoe mensen woonden, werkten, aten en rouwden in de tijd van kunstenaars als Rembrandt, Vermeer en Frans Hals.
De tentoonstelling volgt het ritme van een dag en is vormgegeven als een wandeling langs negen ‘kijkdozen’. De scenografie is van de hand van theatermaker Steef de Jong, die gebruikmaakt van karton en theatrale decors. Elke ruimte belicht een ander moment van de dag, van het ochtendlicht tot het doven van de kaarsen.
Een van de hoogtepunten is het beroemde poppenhuis van Petronella Oortman, een rijk uitgevoerde miniatuurwoning uit circa 1700. Dit object, ooit een pronkstuk en geen kinderspeelgoed, biedt een bijzondere blik op het interieur en het huishouden in de Gouden Eeuw. Het huis is recent volledig gedigitaliseerd en zal ook online te bezichtigen zijn.

In de tentoonstelling zijn ook persoonlijke bezittingen te zien van de Zeeuwse familie Boudaen Courten, waaronder vergulde meubels, portretten en een opmerkelijk reliek: een blaassteen die herinnerde aan een medische ingreep. Ook wordt in zekere zin binnen gekeken bij de Utrechtse schilder Joachim Wtewael. In 1628 portretteerde hij zijn dochter Eva, zittend aan hun tafel, die nog bewaard is. Eva is, met een naaikussen op haar schoot en een gebedenboek op tafel, het toonbeeld van de ideale huisvrouw. Ze trouwde echter nooit en overleed zeven jaar na voltooiing van het schilderij dat straks samen met de tafel en de bijbehorende linnenkast in Amsterdam is te zien.
Beerputten
Op archeologisch vlak is er aandacht voor beerputten: afvalkuilen waarin het dagelijks leven tastbaar wordt. Zo toont onderzoek naar de beerput van de burgemeestersfamilie Sonck uit Hoorn welke gerechten daar werden bereid. Beerputten van Portugese immigranten in Amsterdam onthullen juist hoe nieuwkomers hun eigen kooktradities meenamen.
De tentoonstelling loopt tot en met 11 januari 2026. Bij de expositie verschijnt tevens een boek, samengesteld door conservatoren van het Rijksmuseum. Hierin wordt dieper ingegaan op de objecten en thema’s die in de tentoonstelling aan bod komen.
Het poppenhuis van Petronella Oortman
Gewone Hollanders in de Gouden Eeuw
Rembrandts portret van Jan Six (ca. 1654)
De Gouden Bocht van Berckheyde
Frans Hals en zijn kunstportretten in Amsterdam