Dromen over het redden van de wereld in het interbellum

Hemelbestormers toen en nu
2 minuten leestijd
Fanatieke Fantasten - Detail van de boekcover

Het boek Fanatieke Fantasten; dromen over het redden van de wereld zet je aan het denken. Het blikt terug op de jaren twintig en het begin van de jaren dertig van de vorige eeuw, vooral aan de hand van visionairen en fantasten uit die tijd.

Met name twee revolutionaire projecten staan in dit boek van Henri Beunders centraal: de afsluiting van de Zuiderzee tot IJsselmeer onder leiding van Cornelis Lely en het megalomane plan om de Middellandse Zee deels droog te leggen met een dam bij Gibraltar, een idee van de Duitse architect Herman Sörgel dat tegenwoordig bij weinigen nog bekend is.

Grote vernieuwingen

Het interbellum was een tijd van grote vernieuwingen en kende veel hemelbestormers. Het is bijvoorbeeld de tijd van toekomstvisioenen, van de expressionistische filmklassieker Metropolis (1927), en van de opkomst van de auto en de zeppelin. Door de twee ‘fanatieke fantasten’ Lely (van wie de plannen uiteindelijk werden gerealiseerd) en Herman Sörgel (wiens plannen, ondanks een levenslange inzet, een fata morgana bleven) als uitgangspunt te nemen, schetst de auteur een tijdsbeeld vanuit een verrassende invalshoek. Daardoor is, voor mij althans, een rijker en veelzijdiger beeld van deze periode ontstaan.

Stuwdammen in de Mississippi, toekomstromans, Frankenstein, de opkomst van reclame, heilsprofeten, spiritisme en occultisme, natuurverheerlijking, rationalisatie en het later opkomende gebod Ordnung muss sein komen als kenmerken van deze periode aan bod. Door tevens innovatieve, beroemde en beruchte tijdgenoten de revue te laten passeren, zoals Henry Ford, Hitler, Mussolini, naaktdanseressen en filmsterren, komen Lely en Sörgel in een veel breder perspectief te staan.

Het heden

Fanatieke fantasten
 
Aan het einde van het boek trekt Beunders een parallel met de huidige tijd, met vernieuwers als Elon Musk en andere figuren die een eigen toekomstvisie uitdragen. Centrale vraag daarbij is: helpen ze ons op pad of dreigen we met hen juist de weg krijt te raken? In zijn inleiding schrijft Beunders:

We leven in opwindende, woelige, en ook wanordelijke tijd en gevaarlijke tijden, materieel en geestelijk, thuis en wereldwijd. Dat blijkt in het tijdsgewricht waarin dit boek zich afspeelt ook zo te zijn geweest.

Hij nodigt de lezer uit het aloude spel ‘Zoek de zeven verschillen’ te spelen, met als slotvraag: ‘Is gisteren hetzelfde als vandaag?’

Meld u aan voor onze gratis nieuwsbrief

×