Vakantiespreiding werd al in 1939 bedacht door NS-topman

4 minuten leestijd
Begin van de zomervakantie, 1981
Begin van de zomervakantie, 1981 (CC0 - Rob Bogarts / Nationaal Archief - wiki)

Fijn, de zomervakantie komt er weer aan! En we nemen natuurlijk weer ‘gespreid’ vrij, niet allemaal tegelijk. Nederlanders jonger dan pakweg vijftig jaar weten niet beter of vakantiespreiding is er altijd geweest. Ouderen weten dat Nederland deze regeling pas kent sinds 1986. Wat echter maar heel weinigen zullen weten: het idee stamt al uit 1939. Het was toen zeer kansrijk, maar de Duitsers gooiden roet in het eten.

Wettelijk is tegenwoordig geregeld dat het ministerie van Onderwijs, Cultuur en Wetenschap (OC&W) voor het basis- en voortgezet onderwijs voor drie vakanties bepaalt wanneer die beginnen en eindigen. Dat zijn de kerstvakantie, de meivakantie en de zomervakantie. De scholen moeten zich daaraan houden. Voor de herfst- en voorjaarsvakantie geeft het ministerie adviezen, maar daarvan mogen scholen afwijken. Het middelbaar beroepsonderwijs, hogescholen en universiteiten mogen al hun vakantieperiodes zelf kiezen.

Voor het basis- en voortgezet onderwijs heeft het ministerie van OC&W Nederland in drie regio’s verdeeld: Noord, Midden en Zuid. Daar krijgen leerlingen niet allemaal tegelijk vakantie, maar geldt vakantiespreiding. Zo is het dit jaar (2025) in de Regio Noord zomervakantie van 12 juli tot en met 24 augustus, in de Regio Midden van 19 juli tot en met 31 augustus en in de Regio Zuid van 5 juli tot en met 17 augustus.

Welke regio vroeg, in het midden en laat aan de vakantie begint rouleert, het verschuift ieder jaar. De cyclus ziet er per regio zo uit: vroeg, midden, laat, laat, midden, vroeg, vroeg, midden enzovoort, aldus de website van de Rijksoverheid.

Voor- en nadelen

Die spreiding heeft, vooral voor vakantiegangers en recreatie-ondernemingen, het voordeel dat niet iedereen tegelijk naar bijvoorbeeld camping of zwembad gaat. Nadelen kunnen zich ook voordoen, bijvoorbeeld voor ouders van wie het ene kind in de ene regio op school zit en het andere in een andere regio. Wel zijn er ‘s zomers altijd vier weken waarin alle regio’s tegelijk vakantie hebben.

Vakantieregio's in Nederland
Vakantieregio’s in Nederland (CC BY-SA 3.0 – JrPol – wiki)
Die vakantiespreiding kent Nederland sinds 1986. En bevalt het? Meermaals is dat bekeken. Het Amsterdamse bureau Regioplan deed in 2006 onderzoek voor het ministerie van OC&W en al twee jaar later liet het departement een nieuw onderzoek doen door het Zoetermeerse bureau EIM. Beide bureaus concludeerden dat hier en daar ondergeschikte kanttekeningen mogelijk zijn, maar dat vakantiespreiding in grote lijnen goed bevalt. “Er zijn nog steeds goede argumenten om de schoolvakanties in Nederland te blijven spreiden’’, aldus de Regioplan-onderzoekers in 2006. En in 2008 schreven hun EIM-collega’s: “Conclusie 1: de spreiding van de zomervakantie kan blijven zoals die momenteel is.”

Toch lanceerden in 2014 enkele ouders een petitie tegen de vakantiespreiding, omdat ‘het voor onze kinderen, met neefjes en nichtjes die verspreid door het land wonen, bijna niet te doen is om logeerpartijtjes te plannen in de zomervakantie’. Ze wisten online slechts veertien handtekeningen te verzamelen.

Een vroeg voorstel

Kortom: vakantiespreiding is blijkbaar een goed idee geweest. De vraag is dan ook waarom het idee pas in 1986 werkelijkheid werd. Het stamt namelijk al uit 1939 en kon toen op flink wat steun rekenen.

Jan Goudriaan in de jaren dertig.
Jan Goudriaan in de jaren dertig. – Foto Utrechts Archief
De bedenker was prof.dr.ir. Jan Goudriaan (1893-1974). Vanaf 1928 bracht hij het kwakkelende Philips-concern weer tot bloei. Daarom viel in 1938 de keus van het kabinet op hem toen een nieuwe topman nodig was bij het zwaar verlies lijdende staatsbedrijf Nederlandsche Spoorwegen (NS). Hij werd er president-directeur en ging voortvarend aan de slag met al meteen in 1939 betere financiële resultaten dan in 1938.

In zijn memoires Vriend en vijand (1961) schreef hij dat zijn oog ook viel op ‘de geweldige spits in het reizigersvervoer op de eerste dag van de zomervakantie’. Dat alle vakanties tegelijk begonnen, schiep volgens Goudriaan…

…niet alleen grote moeilijkheden en extra kosten voor het spoorwegbedrijf, het veroorzaakt ook een spits in de bezetting van hotels en pensions en maakt dat de bevolking in haar geheel van deze gelegenheden minder kan genieten dan bij een meer gelijkmatige verdeling van de vakanties over de zomermaanden het geval zou zijn.

Daarom lanceerde Goudriaan in 1939 het begrip vakantiespreiding. Hij kreeg er meteen handen voor op elkaar bij de Algemene Nederlandse Vereniging voor Vreemdelingenverkeer, fietsers- en automobilistenclub ANWB en de vereniging van hotels, restaurants en cafés Horecaf. Ook de onderwijswethouders in de vijf grootste gemeenten waren enthousiast. En onderwijsminister Gerrit Bolkestein (Vrijzinnig-Democratische Bond) was bereid mee te werken.

Er werd een commissie ingesteld en die kwam in januari 1940 met een voorstel: verdeel het land in vieren en laat de scholen in die vier ‘afdelingen’ met telkens een week verschil aan de zomervakantie beginnen. Maar nog voordat de zomervakantie van dat jaar aanbrak, bezetten de Duitsers Nederland. Er waren andere zorgen dan vakantiespreiding en Goudriaans idee kwam niet tot uitvoering. In zijn memoires noteerde hij in 1961 dat het hem ‘nog steeds de overweging waard’ leek. Hij overleed in 1974 en heeft dus niet meer meegemaakt dat het er in 1986 te langen leste toch van kwam.

Daltreinen

Minister Johan Willem Albarda
Minister Johan Willem Albarda (CC0 – Nationaal Archief)
Datzelfde lot was trouwens een ander idee van Goudriaan beschoren. Naast de zomervakantiepiek kampten de NS ook met reizigerspieken in de dagelijkse spitsuren. In de hoop die druk te verminderen bedacht Goudriaan ‘daltreinen’. Met een aantal treinen kon tegen een lager tarief buiten de spits worden gereisd, zo was zijn plan. Goedkeuring kreeg het van minister van Waterstaat Johan Willem Albarda (SDAP), onder wiens departement de NS vielen.

Maar ook dit plan strandde door de Duitse bezetting. En ook hierover schreef Goudriaan in 1961 dat hij het nog steeds een goed idee vond om daarmee ‘het Nederlandse volk het grootst mogelijke nut te verschaffen van zijn grootste overheidsbedrijf’. En alweer: de realisatie maakte hij niet meer mee. Pas in 1981 kwamen de NS met de zogenoemde dalurenkaart, toen nog alleen voor gezinnen. Dalurentarieven hanteren de NS tot op de huidige dag.

Lees meer over

Spoorweggeschiedenis

Meld u aan voor onze gratis nieuwsbrief

×