Twee onderzoekers van het Huygens Instituut en de Anne Frank Stichting, Peter de Bruijn en Elli Bleeker, hebben uitgebreid onderzoek gedaan naar de literaire ontwikkeling van Anne Frank en de ontstaansgeschiedenis van haar dagboek.
De onderzoekers analyseerden de manuscripten die ten grondslag liggen aan Het Achterhuis en de vele wijzigingen die zij aanbracht in haar teksten. Daarbij komt duidelijk naar voren dat Anne Frank veel meer was dan alleen een dagboekschrijver. Ze werkte doelbewust aan een literaire vorm, waarbij ze feitelijke gebeurtenissen omzette naar verhalende scènes. Personen uit haar omgeving verschenen in haar teksten als uitgewerkte personages met duidelijke rollen en karaktertrekken.
In 1944 besloot Anne dat zij na de oorlog een roman over de onderduik wilde publiceren. Daarop begon zij haar eerdere dagboeknotities om te werken tot een doorlopend verhaal, dat zij de titel Het Achterhuis gaf. Deze literaire versie heeft zij niet kunnen voltooien. De later door Otto Frank samengestelde uitgave Het Achterhuis. Dagboekbrieven 12 juni 1942-1 augustus 1944 is daardoor maar een deel van het werk dat Anne zelf voor ogen had. Volgens de onderzoekers doet die bekende publicatie eigenlijk…
…onvoldoende recht aan het grote schrijftalent dat in haar zat en de artistieke keuzes die ze al op jonge leeftijd maakte.
Thematische lijnen

De volledige digitale editie van Anne Franks manuscripten is vanwege auteursrechtelijke beperkingen pas vanaf 2037 in Nederland toegankelijk. Om het publiek toch inzicht te geven in haar ontwikkeling als auteur verschijnt deze week het publieksboek Anne Frank, schrijfster. Daarin zijn de belangrijkste bevindingen uit het onderzoek opgenomen. Het publieksboek is samengesteld door De Bruijn en Bleeker, in samenwerking met Marc van Zoggel (Huygens ING).
Anne Frank (1929-1945) – leven en dagboek
Het Achterhuis – Hoe Anne Franks dagboek een boek werd
Ondergedoken als Anne Frank
Anne Frank en het Merwedeplein
Notaris Arnold van den Bergh: geen verrader maar een hele nette man