Zilverschat uit Tachtigjarige Oorlog gevonden bij Deventer

2 minuten leestijd
Een deel van de muntschat in Museum De Waag
Een deel van de muntschat in Museum De Waag - Foto: Viorica Cernica

Op een akker bij buurtschap Averlo, ten zuiden van Deventer, hebben twee mannen met een metaaldetector een grote zilverschat gevonden. De vondst bestaat uit ongeveer 380 munten, die vrijwel allemaal uit de periode 1610-1629 dateren, toen Oost-Nederland nog het toneel van hevige strijd tegen de Spanjaarden was.

De munten werden verspreid over twee locaties aangetroffen, op zo’n zeventig meter van elkaar. Op de eerste locatie werden 131 munten gevonden en op de tweede plek 250 munten. Alle munten zijn van zilver en het gaat vooral om zogenoemde bezemstuivers, dubbele stuivers en stuivers. De munten zijn geslagen in de Nederlanden, waarbij relatief veel munten uit Friesland, Kampen, Overijssel en Zeeland komen.

De ontdekking is gedaan op het terrein van pluimveehouder Mark Grootentraast. Hij vertelt dat de mannen zijn vrouw vroegen of ze op het land met een metaaldetector mochten zoeken. “Wij vonden het prima. Mijn vader, die bij ons op het erf woont, zei nog: Hoezo hier? Er valt hier niets te vinden! Toch hebben ze een grote buit gevonden.”

De muntschat werd gevonden op het terrein van Liset en Mark Grootentraast
De muntschat werd gevonden op het terrein van Liset en Mark Grootentraast – Foto: Viorica Cernica

Eerst vonden de mannen wat verspreid liggende munten op de akker. Een week later een hele klont munten bij elkaar. “Ze kwamen trillend van opwinding naar ons toe. Zoiets hadden ze nog nooit gevonden!”

De muntschat bevond zich in een van oorsprong relatief nat en laaggelegen gebied, vrij ver van de boerderij. De munten zijn in goede staat. De meeste dateren uit de jaren 1610 tot 1629. Na een tijdelijk bestand laaide de strijd tussen de Nederlanders en de Spanjaarden in die periode toen weer op. Vooral op het platteland zorgden rondtrekkende soldaten voor veel dreiging. De lokale erfgoedorganisatie Deventer Verhaal:

Zo trokken in 1629 Spaanse legers en troepen van de Duitse Keizer via Oost-Nederland naar de Veluwe om zo de Staatse troepen te dwingen het beleg van Den Bosch op te geven. In het slecht verdedigde Oost-Nederland ontstond paniek en rond Deventer kwam het tot schermutselingen.

Uniek voor de regio

Volgens gemeentelijk archeoloog Bart Vermeulen is de schat waarschijnlijk begraven met het idee hem later weer op te halen. De vondst is volgens hem uniek voor de regio en toont hoe kwetsbaar het platteland in deze periode was. “Wie de schat heeft verstopt, is moeilijk te zeggen. Het kan een militair uit het Staatse leger geweest zijn, maar ook een handelaar of iemand uit de buurt.”

De muntschat van Averlo is in bruikleen afgestaan aan Museum De Waag.

×