Rondvliegen in een Ford Pinto, in de jaren zeventig kon dat (heel even)

5 minuten leestijd
De Ave Mizar op Oxnard Airport (Californië), waar in de zomer van 1973 testvluchten werden voorbereid.
De Ave Mizar op Oxnard Airport (Californië), waar in de zomer van 1973 testvluchten werden voorbereid. (CC BY-SA 3.0 - Doug Duncan - wiki)

Momenteel staan vliegende auto’s weer in de belangstelling, met onder meer projecten als de Amerikaanse Terrafugia en de Nederlandse PAL-V. De laatste is aangekondigd als een commercieel model, met een verwachte prijs van circa een half miljoen euro. Problemen bij vliegende auto’s zijn onder meer de betaalbaarheid en de vliegwaardigheid. Een ander, en misschien nog wel groter obstakel, is het verkrijgen van toestemming van luchtvaartautoriteiten om ermee te mogen vliegen. Ook in het verleden zijn er tal van pogingen gedaan om een vliegende auto daadwerkelijk in de lucht te krijgen.

In het noorden van Los Angeles meldde de lokale krant Van Nuys News op 15 mei 1973:

De Ave Mizar, een combinatie van voertuig en vliegtuig werd vorige week onthuld op Van Nuys Airport, voorafgaand aan het transport naar Point Mugu, waar testvluchten zullen worden gehouden.

De Mizar, zo werd geschreven, was samengesteld uit een aangepaste Ford Pinto en de motor en een deel van het frame van een Cessna Skymaster. Op bijgevoegde foto’s werd getoond hoe auto en airframe eenvoudig konden worden losgekoppeld. Het toestel had al taxi-testen ondergaan, maar de Federal Aviation Administration had testvluchten op dit vliegveld verboden. Van Neuys News:

Ontworpen als van deur-tot-deur transport, wordt de Ave Mizar van huis naar het vliegveld gereden, waar hij gekoppeld wordt aan het Ave Mizar airframe. Dit gebeurt in minder dan twee minuten door de auto achteruit onder de vleugels van het airframe te rijden.

Ford Pinto uit 1975
Ford Pinto uit 1975 (CC BY-SA 3.0 – Mr.choppers – wiki)

Dat frame bestond uit twee lichtgewicht telescopische vleugeldragers, waarbij een geleidingssysteem automatisch voor de juiste positionering en vergrendeling zorgde. Er hoefde slechts een dikke verbindingskabel aangesloten te worden om de benodigde instrumenten en metertjes (vliegsnelheids- en hoogtemeter, toerenteller, kompas, brandstofmeter, een startknop voor de vliegtuigmotor en radio-navigatieapparatuur), geïntegreerd in het dashboard te laten werken. Henry Smolinski, oprichter en directeur van het bedrijf Advanced Vehicle Engineers, die de Ave Mizar had ontwikkeld: ‘Het enige wat Detroit hoeft te doen – waarmee hij doelde op de Amerikaanse auto-industrie – is het dashboard enigszins uitbreiden met metertjes om te vliegen en enkele aanpassingen aan het dak om het airframe te kunnen bevestigen.’

De Ave Mizar, genoemd naar de ster Mizar (onderdeel van de Grote Beer), beschikte over twee motoren, de automotor en de Cessna motor, die aan het begin van de startbaan beide werkten voor een snellere stijging; de vliegtuigmotor alleen had overigens ook voldoende vermogen om de lucht in te komen. De stuurkolom van de auto was aangepast zodat de rolroeren werden bediend door het stuur te draaien en stijgen of dalen door de stuurkolom in te duwen of naar je toe te trekken.

Het vliegtuigje, dat volgens de makers vooral bedoeld was voor zakelijk en recreatief gebruik op kortere afstanden, had desalniettemin een bereik van 1500 kilometer en kon na landing binnen 150 meter tot stilstand worden gebracht. De vleugels hadden een totale spanwijdte van 12 meter, de lengte was 8 meter en de hoogte nog geen twee meter. Volgens Smolinski was het de bedoeling dat er drie modellen gebouwd zouden gaan worden, die qua prijs zouden variëren van 18.300 tot 28.000 dollar (afhankelijk van de toegepaste vliegtuigmotor en het automodel, dat maximaal zo’n 1500 kilo mocht wegen).

Video over de Ave Mizar:

Ontvangst

Smolinski was afgestudeerd aan de Aeronautical Engineering School van het Northrop Institute of Technology. Hij werkte vanaf 1953 als ingenieur aan straalmotoren en vliegtuigdesign, daarna voor de firma Rocketdyne aan ruimtevaartprogramma’s. In 1968 richtte hij Advanced Vehicle Engineers op. De eerste krantenberichten over zijn ideeën rond een ‘vliegende auto’ dateren uit 1970:

Ons plan is om de bediening zo eenvoudig te maken dat een vrouw zonder enige hulp de twee onderdelen kan samenvoegen – of loskoppelen.

De Amerikaan haalde na een presentatie overal de krant. De Los Angeles Times begon een artikel: ‘Hebt u ooit gewenst dat uw Mustang, Camaro – of zelfs uw Volkswagen – kon vliegen? Dat kan wellicht!’. Verderop in het artikel stelde Smolinski dat het airframe op een dozijn moderne autotypen gemonteerd zou kunnen worden. De Anniston Star in Alabama toonde een knullige artist impression van een vliegende auto, met als commentaar: ‘…de manier om het verkeer ver achter je te laten’. De Los Angeles Times plaatste na een persconferentie echter ook kanttekeningen:

De ruimte was vol sceptici en sommige vragen werden niet bevredigend beantwoord. De mensen achter de Aircar erkenden dat er problemen waren, maar voegden daaraan toe: “We denken dat we de antwoorden daarop hebben”.

Bericht over de vliegende auto in een Nederlandse krant

Ave Mizar in Het Parool, 
2 juli 1973
Ave Mizar in Het Parool,
2 juli 1973 (Delpher)

Einde van het project

Het plan was dat de Ave Mizar na een succesvolle eerste vlucht een jaar langs de veertig belangrijkste Amerikaanse steden zou toeren voor demonstraties. Verder moest, gebruikmakend van bestaande onderdelen, een assemblagefabriek worden opgezet in het zuiden van Californië.

Tijdens een testvlucht in augustus 1973, met Charles Janisse als piloot, begaf de rechter vleugelbevestiging het bij het opstijgen en maakte het toestel, verder ongehavend, een noodlanding in een bonenveldje. Op 11 september datzelfde jaar vloog Smolinski zelf met de Ave Mizar. Afgesproken was dat vliegveld-directeur Mac Grisham politie en brandweer zou waarschuwen voor iedere testvlucht, maar dat gebeurde die dag niet. Grisham rende naar de controletoren toen hij de Mizar zag opstijgen. Even later ontwaarde hij een zwarte rookwolk. Vluchtleider Danny Edwards zag vanuit de controletoren dat een vleugel was geknakt en de piloot probeerde om te keren, waardoor de vleugel sterk belast werd en diverse onderdelen uit de lucht naar beneden vielen. Vervolgens raakte het toestel een boom en vloog tegen een auto gebotst in brand. Zowel Smolinski als zijn passagier, Harold Blake, kwamen om het leven.

De National Transport Safety Board concludeerde dat het toestel te zwaar was geweest (zelfs zonder passagiers en brandstof) en de problemen met de rechtervleugel veroorzaakt werden door een slecht gelaste bevestiging tussen de auto en het Cessna frame. Achteraf gezien bleek de keuze van Smolinski voor de Ford Pinto ook niet zo’n gelukkige. Er werden er in totaal ruim drie miljoen verkocht, maar Time Magazine verkoos het model tot een van de vijftig slechtste auto’s ooit: ‘De auto had de neiging in brand te vliegen bij een aanrijding vanaf de achterzijde.’

De Ave Mizar vervulde nog één keer een glansrol, in 1974, in de film The Man with the Golden Gun, waarin James Bonds tegenstanders Scaramanga en Nick Nack aan hem ontkomen in een ‘flying car’ die op de Ave Mizar was gebaseerd.

Autoplane van Glenn Curtis zoals gedemonstreerd op de New York Aero Show, 1917
Autoplane van Glenn Curtis zoals gedemonstreerd op de New York Aero Show, 1917

Andere vliegende auto’s

De Ave Mizar was niet de eerste vliegende auto. De zogenoemde Autoplane van Glenn Curtis werd in 1917 al tentoongesteld in New York, maar vloog nooit. In de jaren dertig vloog de Aerobile van Waldo Waterman rond (onder andere van Californië naar Ohio), aangedreven door een Studebaker motor. Er werden er vijf geproduceerd.

Vanaf 1968 bouwde Moulton B. Taylor zes Aerocars op basis van een zelf ontworpen autootje. De vleugels konden opgeklapt als een aanhangwagentje achter de auto worden meegevoerd, zodat overal opgestegen en geland kon worden. De machine vloog, was goedgekeurd door de FAA, maar werd door kapitaalgebrek nooit in productie genomen.

Aerocar van Moulton B. Taylor in het Museum of Flight in Seattle
Aerocar van Moulton B. Taylor in het Museum of Flight in Seattle (CC BY-SA 4.0 – Cullen328 – wiki)

Begin deze eeuw werden de LaBiche FSC-1 en de Terrafugia geïntroduceerd, voertuigen waarbij de geïntegreerde vliegonderdelen tijdens het vliegen worden uitgeklapt. Momenteel is er ook de Nederlandse PAL-V, een tweepersoons driewieler met een helikopterachtige constructie, aangedreven door een rotor.

De PAL-V Liberty in Drive en Flight mode
De PAL-V Liberty in Drive en Flight mode (CC BY-SA 4.0 – Eslivb – wiki)
Aflevering in een nieuwe rubriek over allerhande technische mislukkingen uit het verleden.
×