Op het uiterste puntje van het Zuid-Amerikaanse continent, kort voordat de wateren van de Atlantische- en Stille Oceaan op elkaar botsen, ligt in een beschutte baai een kleine Chileense haven. Eens werd deze Puerto del Hambre, letterlijk ‘Haven van de honger’ genoemd. Een verwijzing naar een tragisch verlopen kolonisatiepoging.

Rustperiode
De expeditie omvatte drieëntwintig grote galjoenen met in totaal zo’n drieduizend mensen aan boord. Het waren zeelieden, soldaten en kolonisten, waaronder vrouwen en kinderen die de nieuwe stad moesten gaan bevolken. Op 25 september 1581 verliet de vloot Spanje. Na enkele dagen op zee belandde ze echter in een zware storm, waarin zeven schepen met man en muis vergingen. Tweeënhalve maand later vertrokken de resterende zestien schepen opnieuw voor een tweede poging en bereikten op 25 maart 1582 Rio de Janeiro.

De bemanning was verzwakt, de stemming onder de kolonisten was op een dieptepunt en op het zuidelijk halfrond stond de winter voor de deur. Daarom besloot Pedro Sarmiento de Gamboa tot een verblijf van zes maanden om weer op krachten te komen. Van rust was echter geen sprake vanwege voedselgebrek, diefstal en muiterij van de bemanning. Uiteindelijk zetten slechts vijf schepen met ruim vijfhonderd man koers naar de Straat van Magellaan omdat de overige kolonisten en zeelieden weigerden om nog aan boord te gaan.
Landing

Pedro Sarmiento de Gamboa hield vast aan zijn plan om nog verder zuidelijk een tweede kolonie op te zetten en stuurde zijn laatste schip die richting op. Omdat er aan boord onvoldoende plaats was moest de rest van de kolonisten de tocht te voet vervolgen door de dichte wouden langs de kust. Zij bereikten op 25 maart 1584 Punta Santa Ana en stichtten daar de nederzetting Ciudad del Rey don Felipe. Deze werd gebouwd rond een binnenplaats met daarop een ‘boom van gerechtigheid’, wat niet minder dan een eufemistische benaming was voor de galg. Met alle opstandigheid en onrust die ze gedurende tweeënhalf jaar binnen hun gelederen hadden meegemaakt moest hier, duizenden mijlen van de geciviliseerd wereld verwijderd, een afschrikwekkende werking van uit gaan.
Hongereiland
Hoewel er drinkwaterbronnen ontdekt werden en bossen waarin op wild gejaagd kon worden, ontbrak het de driehonderd kolonisten aan de vaardigheid om te vissen in de kustwateren zoals de inheemse bevolking dit deed. Het lukte hen niet om zich aan de moeilijke klimatologische omstandigheden aan te passen en de kleine gemeenschap belandde in een neerwaartse spiraal van honger en geweld.
Toen de Engelse zeevaarder Thomas Cavendish (1560-1592) er in 1587 aan land ging trof hij niets anders dan ellende aan. Overal zag hij lijken, sommige hingen aan galgen, andere lagen in de huizen en hij trok de conclusie dat men elkaar grotendeels onderling had afgemaakt. Dat was in overeenstemming met wat hij vernam van de vijftien overlevenden die enkele dagen later uit omgeving tevoorschijn kwamen en door hem ter evacuatie aan boord werden genomen. De wereldreiziger noemde de verlaten nederzetting Port Famine vanwege de ellende die hij er aantrof. Deze benaming werd later in het Spaans bekend als Puerto del Hambre.

Een nieuwe poging
Het zou daarna nog tweeëneenhalve eeuw duren voordat er een nieuwe poging ondernomen werd om een nederzetting aan de Straat van Magellaan te stichten, en wel in het twee kilometer verderop gelegen Fuerta Bulnes. Ook hier bleek echter geen zegen op te rusten, want de Chileense pioniers hielden het evenmin vol in deze desolate uithoek die soms maandenlang geteisterd wordt door koude wind en neerslag. Daarom trokken ze naar de zestig kilometer noordelijker gelegen landtong Punta Arenas, waar de gelijknamige stad ontstond die tegenwoordig honderddertigduizend inwoners telt en de op één na zuidelijkste stad van het continent is.
In 1884 stichtten de Argentijnen in Vuurland de nog zuidelijker gelegen stad Ushuia waar nu zestigduizend mensen wonen. Uitgerust met een haven en vliegveld zijn beide steden het vertrekpunt voor militaire- en wetenschappelijke expedities, maar in toenemende mate ook cruises, naar Antarctica.

De jezuïetenreducties van Paraguay: ‘Een meesterstuk van menslievendheid’
Nederlands-Brazilië (en het begin van de Nederlandse slavenhandel)
Op Luzon vochten in 1582 Azteken tegen samoerai
Augusto Pinochet: van legerleider tot omstreden dictator
Het volkslied van Peru – <em>Somos libres, seámoslo siempre</em>