In 1928 nam Nederland voor het eerst deel aan de Olympische Winterspelen, die dat jaar werden gehouden in het Zwitserse Sankt Moritz. Vier jaar eerder, tijdens de eerste editie in het Franse Chamonix, was Nederland nog niet vertegenwoordigd. Meedoen bleek in 1928 belangrijker dan winnen: geen van de Nederlandse deelnemers kwam in de buurt van een medaille, maar de Spelen werden wel memorabel.

Bobslee
Vijf Nederlandse deelnemers maakten deel uit van het bobsleeteam. Dit waren Henri Louis Dekking, Jacques Paul Delprat, Hubert Menten, Curt van de Sandt en Edwin Louis Teixeira de Mattos. De vijfmansbob finishte na twee runs als twaalfde (van de tweeëntwintig).
Schaatstoernooi
Siem Heiden en Wim Kos waren aangewezen om Nederland te vertegenwoordigen op het schaatstoernooi. De omstandigheden waaronder de sporters moesten presteren waren erbarmelijk. In Zwitserland was van een degelijke ontvangst geen sprake. Het hotel waarin de schaatsers moesten verblijven zat helemaal vol. Heiden vertelde daarover ooit:
Er was alleen een badkamer over. We hebben wat planken op het bad gelegd en daar heb ik op geslapen. Willem Kos sliep op de grond.” Schaatsen.nl – Huub Snoep

Bondsvoorzitter Gerrit van Laer had het beter voor elkaar. Die sliep – op eigen kosten – in een luxe hotel. Van Laer kan wel de eerste schaatsbobo uit de Nederlandse geschiedenis worden genoemd. Bij sporters was hij niet heel populair. De voorzitter organiseerde wel jaarlijks een schaatstoernooi, maar de locatie bepaalde hij zelf. Terwijl schaatsers liever naar Noorwegen gingen omdat ze qua schaatstechniek nog wel een en ander konden leren van de Scandinaviërs, koos Van Laer ieder jaar weer voor het Zwitserse kuuroord Davos. Daar moest hij sowieso vanwege zaken naar toe… In 1933 vestigde Siem Heiden in Davos overigens wel een wereldrecord op de vijf kilometer (8:19.2).


We hadden allebei nog een tientje zakgeld om twee weken door te komen. De armoede spoot gewoon je oren uit en niemand die daar rekening mee hield. Dat waren onze Spelen. En toch waren we zo trots als een pauw. – Ibidem
Niet geheel verwonderlijk waren de sportieve prestaties in 1928 niet om over naar huis te schrijven. Op de 500 meter eindigden Siem Heiden en Wim Kos niet in de buurt van de medailles. De Nederlanders finishten respectievelijk als 27e en 33e. Wim Kos eindigde daarmee als allerlaatste, dit mede door een val. Tijdens de 1500 meter finishte Wim Kos überhaupt niet, omdat hij opnieuw onderuit ging. Siem Heiden reed de rit wel uit en eindigde als 18e. De vijf kilometer reden beide heren wel uit. Maar verder dan een 11e en 19e plek kwamen ze niet.

Champagne drinken met prins Hendrik

Prins Hendrik kwam naar ons toe en nodigde ons uit. We hebben drie glazen champagne bij hem gedronken, terwijl hij ondertussen behoorlijk pikante moppen vertelde. Later op de middag kwamen we hem weer tegen. Hij zat helemaal alleen, zonder z’n begeleiders onderuit gezakt in de sneeuw. – Ibidem
De twee schaatsers ontfermden zich over de prins en brachten hem naar zijn hotel, zodat hij op kon warmen. Met enig gevoel voor drama is wel eens gesteld dat de sporters de prins daarmee redden van de bevriezingsdood.
-Gouden Boek van de Nederlandse Olympiërs (Bijkerk & Paauw) – De Vrieseborch, 1996
-https://nl.wikipedia.org/wiki/Nederland_op_de_Olympische_Winterspelen_1928
– “Oranje op Olympisch ijs.” Koolhaas / Snoep (uitg. De Vrieseborch) – https://www.schaatsen.nl/verhalen/schaatsers-redden-prins-hendrik-van-bevriezingsdood/
-https://resolver.kb.nl/resolve?urn=ddd:011169518
België eerder op Winterspelen dan Nederland
VU-hoogleraar bedacht klapschaats
Hitlers generale repetitie: hoe de Winterspelen van 1936 de blauwdruk voor moderne sportswashing werden
De olympische vlag en de olympische ringen
Kees Broekman bezorgde Nederland in 1952 eerste wintermedaille
Vergeten schaatsers. Waar zijn ze gebleven?
Hoe een Vlaamse ijsliefde bekoelde