Olympische vlam keerde in 2004 even terug in Amsterdam

4 minuten leestijd
Marathontoren van het Olympisch Stadion in Amsterdam
Marathontoren van het Olympisch Stadion in Amsterdam (CC BY-SA 2.5 - Vincent Steenberg - wiki)
Het Olympisch Stadion in Amsterdam en de sport in zijn algemeenheid spelen al ruim zeventig jaar een belangrijke rol in het leven van oud-sportjournalist Bab Barens. In zijn boek Mijn Olympisch Stadion, bundelt hij verhalen over het stadion, dat hij als zijn tweede thuis beschouwt. Op Historiek publiceren we enkele fragmenten. In onderstaand verhaal staat de terugkeer van de olympische vlam in Amsterdam in 2004 centraal.

Amsterdam voor een dag in vuur en vlam

Op woensdag 23 juni 2004 stond de Marathontoren bijna in brand voordat het echte vuur uiteindelijk ging branden. Was het een vorm van protest, omdat de door KLM-vliegers zo genoemde ‘asbak’ op de toren al bijna een eeuw wachtte sinds de vlam in 1928 aan het einde van de Olympische Spelen werd gedoofd? Of was het gewoon toeval dat de oranje gloed pas na diverse pogingen de hoofdstad verlichtte? Er was niemand van de ruim duizend gasten die zich daar druk om maakte. Het ging om de symboliek van het vuur dat de wereld samenbrengt. De Olympische vlam was weer terug in Amsterdam.

Fakkel voor de fakkeltocht van de Olympische Spelen van 2004
Fakkel voor de fakkeltocht van de Olympische Spelen van 2004 (CC BY 3.0 – P.J.L Laurens – wiki)
Amsterdam was de eerste stad waar de olympische vlam in 1928 werd ontstoken, bedacht door de architect van het stadion, Jan Wils. Voor die tijd kende men dit fenomeen niet. Ruim driekwart eeuw later, in 2004, keerde de olympische vlam terug naar Amsterdam. Het vuur maakte deel uit van de Athens 2004 Olympic torch relay, een 35-daagse reis over vijf continenten langs alle 33 olympische steden. Gestart in het Australische Sydney en eindigend op Cyprus.

Liefst 113 oud-sporters hadden het olympisch vuur vroeg in de ochtend vanaf Schiphol naar Amsterdam gelopen. Zelfs oud-wielrenner Hennie Kuiper, olympisch kampioen op de weg in München 1972, was zo enthousiast dat hij zich een dag eerder in het Olympisch Stadion meldde. De oud-wereldkampioen en winnaar van zo goed als alle grote wielerklassiekers was trots dat hij tot de uitverkorenen behoorde. In het prachtig gerenoveerde stadion liep ook Jeen van de Berg te glunderen. “Ik heb een fantastisch leven en geniet volop van dit spektakel,” aldus de oud-winnaar van de Friese Elfstedentocht in 1954.

In 1956 reed ik op de Winterspelen van Cortina d’Ampezzo en vier jaar later in Squaw Valley. Weet je dat ik ook nog in 1972 naar de Spelen in Sapporo ben geweest als coach van het Engelse schaatsteam? Wat een mooie herinneringen. Ik heb nog één vurige wens: ik zou graag Evert van Benthem een keer in Canada willen bezoeken en ik ga mijn internist om toestemming vragen.

olympische fakkeltocht 2004
De olympische fakkel tijdens de fakkeltocht in New Delhi, onderdeel van de wereldwijde estafette in aanloop naar de Spelen van 2004 (GODL-India – wiki)

Good old Jeen was niet de enige oud-olympiër die in het Olympisch Stadion vrolijk rondliep. Ada Kok, Ellen van Langen, Inge de Bruijn, Hennie Kuiper, Arnold Vanderlijde, Erica Terpstra, Ciska Jansen, Yvonne van Gennip, Carole Thate en vele, vele anderen wilden niets missen van het spektakel.

Piet Kranenberg, de man die vele jaren knokte om het stadion van de ondergang te redden, liep glunderend handen te schudden: “De Hall of Fame is tot op de dag van vandaag helemaal bijgewerkt.” Stadiondirecteur Hans Lubberding: “Het stadion dreigde weg te zakken tot een Amsterdamse sportaccommodatie. Nu zijn we druk bezig om terug te komen op het niveau waarop het stadion thuishoort. Een nationaal monument met internationale allure.”

Daarna begaf het gezelschap zich over het gras richting de Marathontoren. Ondanks het weer bleef het, mede dankzij uitgedeelde regenjacks en parasols en de authentieke beelden uit 1928, gezellig rond dit baken uit de vorige eeuw. “Dwars door alle jaren heen hebben olympiërs het beste uit zichzelf gehaald,” jubelt NOC*NSF-voorzitter Erica Terpstra, zelf deelnemer aan de Spelen van 1960 (Rome) en 1964 (Tokio).

Nu delen we met elkaar de emotie van de olympische vlam. Al die fakkellopers hebben vandaag zelf gevoeld wat het betekent om met de vlam te lopen. Wij zijn nu hier in Amsterdam getuige van een historisch moment dat een geweldige promotie voor de stad betekent en een mooie opwarmer is voor Athene, waar straks op 13 augustus de Spelen worden geopend. Daar zullen we onze olympische droom weer waarmaken.

Drievoudig olympisch gouden medaillewinnares Inge de Bruijn liep vervolgens met de vlam het podium op. Samen met kroonprins Willem-Alexander werd het olympisch vuur boven de stad aangestoken. Al ging dat door de harde wind niet allemaal vanzelf. Het was hard nodig dat het oorspronkelijke olympische vuur als back-up aanwezig was. Toen Inge de Bruijn op het podium stond, waaide de toorts uit en moest die opnieuw worden aangestoken. Toch was het een magisch moment, ook omdat op dezelfde plek zesenzeventig jaar eerder het olympisch vuur tijdens de Olympische Spelen van 1928 werd geïntroduceerd.

Oud-bokser en olympisch medaillewinnaar (bij drie spelen ook driemaal brons) Arnold Vanderlijde was een van de vele oud-topsporters die de vlam die dag 400 meter richting het stadion mochten dragen. Hij had zich er erg op verheugd: “Dit gaf me een fantastisch gevoel en kwam dicht bij de werkelijkheid van de Olympische Spelen. Een gevoel van internationale verbondenheid ook. Ik zie de vlam als een symbool van vrijheid, saamhorigheid, liefde en ga zo maar door. Van cultuur op cultuur en van werelddeel naar werelddeel. Zo zou het in de gehele wereld moeten zijn.” Hartverwarmend was het allemaal.

Een dag later was het heilige vuur alweer onderweg naar de volgende stop: Genève.

Brand!

Prins Willem-Alexander en Inge de Bruijn hadden de Olympische vlam op 23 juni 2004 met veel spektakel ontstoken, maar een buurtbewoner wist dit niet en belde de brandweer. ‘De Marathontoren staat in brand,’ riep ze door de telefoon toen ze in de verte een vuur zag branden boven de toren. De brandweer was kennelijk ook niet op de hoogte van de olympische vlam en rukte met gierende sirene uit. Er was niets aan de hand, dus men kon weer inrukken. Vanwege veiligheidsvoorschriften brandde het vuur daarna nog ruim een half uur zonder dat er een nieuwe brandmelding binnenkwam.

×