De Hitler-eiken van het Olympisch Stadion

3 minuten leestijd
Eiken bij het Olympisch Stadion in Amsterdam
Eiken bij het Olympisch Stadion in Amsterdam (CC BY-SA 2.5 - Vincent Steenberg - wiki)
Het Olympisch Stadion in Amsterdam en de sport in zijn algemeenheid spelen al ruim zeventig jaar een belangrijke rol in het leven van oud-sportjournalist Bab Barens. In zijn boek Mijn Olympisch Stadion, bundelt hij verhalen over het stadion, dat hij als zijn tweede thuis beschouwt. Op Historiek publiceren we enkele fragmenten. In onderstaand verhaal staat een opmerkelijke herinnering centraal aan de Olympische Spelen van 1936 en de eikenboompjes die Nederlandse winnaars toen ontvingen.

Eikenboompjes in een terracottapot

De Stadionbuurt kent een rijke historie, met het Olympisch Stadion als middelpunt. Hoewel die historische verhalen eigenlijk voor het oprapen liggen, gaan ze vaak in de waan van de dag verloren. Tijdens de Olympische Zomerspelen van 1936 in Berlijn, domineerden de Nederlandse zwemsters Rie Mastenbroek en Nina Senff het podium. Samen wonnen ze vier gouden medailles en kregen ze, naast het goud, niet de gebruikelijk bos bloemen, maar een eikenboom in een terracottapot.

Duitse speerwerpster Tilly Fleischer met haar olympische eik
Duitse speerwerpster Tilly Fleischer met haar olympische eik, uitgereikt na haar overwinning bij de Olympische Spelen van 1936 in Berlijn. (Bundesarchiv, Bild 183-G00464 / CC-BY-SA)
Op 19 december 1936 was er een speciale bijeenkomst vóór het stadion waarbij twee van de eikenboompjes in de grond werden gezet. De toenmalige directeur van het stadion, Jan van den Berg, zei in zijn toespraak dat hij hoopte dat de zwemsters de tijd zouden meemaken dat deze boompjes tot statige eiken waren uitgegroeid. Daarna werden ze geplant en ze overleefden de oorlog en de hongerwinter.

Hitler-eiken

Rondom het Olympisch Stadion heerst nagenoeg altijd een serene stilte, die slechts verstoord wordt bij evenementen zoals de kermis of wanneer de ganzen in de Stadiongracht hun snavels roeren. Vooral aan de achterzijde van het gebouw van Jan Wils is het meestal een oase van rust. Tussen een rij treurwilgen staan recht tegenover de hoofdingang van het stadion, zo’n vijftien meter uit elkaar, twee eikenbomen, de beruchte Hitler-eiken zoals ze in de wandelgangen worden genoemd.

Het zijn de boompjes van de zwemsters Nida Senff (100 meter rugslag) en Rie Mastenbroek, beiden een van de estafettezwemsters op de 4 x 100 meter vrije slag. De exemplaren werden oorspronkelijk na de Spelen voor het Olympisch Stadion geplant, maar verhuisden in 1951 naar de achterzijde aangezien de boompjes daar meer zon zouden krijgen. De boompjes moesten de kracht van het Duitse volk symboliseren en de nazi’s hoopten dat alle sporters de cadeautjes in hun land van herkomst zouden planten.

Olympische eiken geplant bij het stadion

Ook de Nederlandse Olympia-jolzeiler Daan Kagchelland en de wielrenner Arie van Vliet (kilometer met staande start) kregen naast het goud zo’n eikenboompje. Die zijn verdwenen. Later bleek dat de eik van Arie Van Vliet in 1952 plotseling is gestorven en die van Kagchelland niet bestand was tegen de vorst. De beide andere boompjes van Rie Mastenbroek en Nida Senff stonden ooit in de Rotterdamse Diergaarde, maar zijn na de oorlog op mysterieuze wijze verdwenen. Van de 120 uitgereikte eiken tijdens de Spelen zijn er vijftien nog in leven.

Lovelock-Eiche
De Lovelock-eik op het terrein van de Timaru Boys’ High School in Nieuw-Zeeland, opgekweekt uit het boompje dat middenafstandsloper Jack Lovelock ontving na zijn olympische overwinning in 1936. (CC BY-SA 4.0 – Grey Geezer – wiki)

Beoemde eiken

Een beroemd geworden eikenboom is die van viervoudig medaillewinnaar in Berlijn, Jesse Owens, een er van stond tot de winter van 2021-22 als heuse toeristische trekpleister te pronken op het terrein van de James Rhodes High School in Cleveland, Ohio, waar Owens studeerde en trainde. De eiken werden een symbool van Owens’ triomf over de nazi-ideologie tijdens de Spelen in Berlijn.

Mijn Olympisch Stadion
 
Veel van de eikenboompjes zijn waarschijnlijk met pot en al bij het vuil beland, maar de Nieuw-Zeelander Jack Lovelock die in Berlijn de 1.500 meter won, vertrouwde zijn exemplaar toe aan de curator van de Christchurch Botanic Gardens die het opkweekte tot een robuuste eik. De eik van de Britse snelwandelaar Harold Whitlock moest worden omgehakt. De monumentale boom stond op het plein van Whitlocks oude school, waar hij spelende kinderen meer dan zeventig jaar lang beschermde tegen zon en regen. De eik leed aan een dodelijke schimmelinfectie en dreigde om te vallen. Zijn zoon Terry had een vooruitziende blik:

Uit zaden van de eik heb ik een paar jonge boompjes gekweekt, ter nagedachtenis aan mijn vader. De school heeft nu zo’n eik op de speelplaats geplant.

eikenboom arie van vliet
Dagblad van Noord-Brabant, 14-08-1936 (Delpher)
×