Nederlandse excuses voor achterlating Duitse burgers bij scheepsramp (1942)

2 minuten leestijd
Het schip de "Imhoff " ligt op de rede van Donggala.
Het schip de "Imhoff " ligt op de rede van Donggala. (CC BY-SA 3.0 - Tropenmuseum - wiki)

Ruim tachtig jaar na de ramp met het Nederlandse schip Van Imhoff heeft het kabinet excuses aangeboden voor het uitblijven van deugdelijke reddingspogingen en de lange periode van stilzwijgen nadien.

Bij een bombardement op het schip op 19 januari 1942 kwamen 411 van de bijna vijfhonderd geïnterneerde Duitse en Oostenrijkse burgers om het leven, nadat de Nederlandse bemanning en het bewakingsdetachement zichzelf in veiligheid hadden gebracht.

De excuses volgen op een uitgebreid historisch onderzoek door het Nederlands Instituut voor Militaire Historie (NIMH). Het instituut onderzocht in opdracht van de ministeries van Defensie en Binnenlandse Zaken de toedracht van de ramp, de rol van de Nederlandse autoriteiten en de nasleep voor de nabestaanden. De presentatie van het onderzoeksrapport en een bijbehorend boek werd ook bijgewoond door de Duitse en Oostenrijkse ambassadeurs. Minister van Defensie Brekelmans zei tijdens de bijeenkomst onder meer:

Honderden mannen werden aan hun lot overgelaten. En dat had nooit mogen gebeuren. Deze excuses klinken vandaag in uw aanwezigheid. En zij worden tegelijk ook vastgelegd in de brief die het kabinet aan de Tweede Kamer stuurt, zodat ze voor iedereen openbaar zijn.

Ik besef heel goed dat deze woorden het verdriet niet wegnemen. Maar ik hoop dat ze, samen met dit boek, bijdragen aan erkenning, afsluiting en misschien ook aan innerlijke rust.

Inmiddels is ook een brief naar de Tweede Kamer gestuurd, waarin de excuses officieel zijn vastgelegd zodat ze, aldus Brekelmans, “voor iedereen openbaar zijn”.

Achtergelaten op zee

Deze week verschenen boek over de ramp
De Van Imhoff was in januari 1942 onderweg van Nederlands-Indië naar Brits-Indië met aan boord 473 Duitse en Oostenrijkse burgers die eerder wegens hun nationaliteit waren geïnterneerd. Het schip werd door een Japans vliegtuig gebombardeerd en raakte zwaar beschadigd. Terwijl het schip zonk, verliet de Nederlandse bemanning het vaartuig, zonder adequate pogingen te doen de geïnterneerden te redden. Zij zaten opgesloten in het ruim, in een soort kooien van prikkeldraad.

Enkele van hen wisten zich te bevrijdden en probeerden in reddingssloepen te klimmen, maar werden daarin niet toegelaten. Volgens getuigenverklaringen werd zelfs gedreigd met geweld als drenkelingen zich probeerden te redden. Uiteindelijk wisten slechts 66 van de Duitse burgers het vasteland levend te bereiken. Direct na de ramp kregen overlevenden en bemanningsleden opdracht tot geheimhouding.

Ronald Frisart publiceerde op deze site eerder een uitgebreide historische reconstructie van de ramp.

×