Een sekte, een rechtszaak en een mediarel in Königsberg

4 minuten leestijd
Schlossteich in Königsberg
Schlossteich in Königsberg, circa 1840, historisch stadsgezicht van de Oost-Pruisische stad (nu Kaliningrad, Rusland)

Een religieuze sekte, seksuele uitspattingen en een mediarel. In zijn nieuwe boek Een schandaal in Königsberg neemt historicus Christopher Clark de lezer mee naar het Pruisen van de negentiende eeuw. We kennen Clark van lijvige studies over de revoluties van 1848-1849, Wilhelm II en de oorsprong van de Eerste Wereldoorlog. Zijn nieuwste boek is een microgeschiedenis van twee dominees. Clark verbindt dat kleine verhaal vakkundig met grote historische ontwikkelingen.

De profeet van Königsberg

Het verhaal speelt in de Baltische havenstad Königsberg, in het midden van de negentiende eeuw. Het was een belangrijke stad in Pruisen, maar ook de stad van ‘net niet’. Het was net geen grote havenstad, net geen koninklijke residentie, net geen rijke stad. Het was wel de stad van Immanuël Kant, die daar tot 1804 leefde. Tijdens eerder onderzoek in de jaren 1990 stuitte Christopher Clark op dossiers met een rechtszaak tegen twee lutherse predikanten in Königsberg, Johann Ebel en Heinrich Diestel.

Altstädtische Kirche van Königsberg
Altstädtische Kirche van Königsberg
In de havenstad kreeg Johann Heinrich Schönherr, een ongeletterde spirituele zoeker, de kans om zijn ideeën over de kosmos aan de man te brengen. Hij betoogde dat de werkelijkheid haar oorsprong vond in twee ‘oerwezens’, die hij voorstelde als twee grote bollen. De ene was van vuur, de ander van water. De verbinding tussen die twee bollen had de wereld geschapen, zo meldde hij aan iedereen die zijn theorie wilde horen. Schönherr overgoot zijn kosmologische fantasie met een christelijk sausje. Door zijn excentrieke charisma wist hij een trouwe groep volgelingen te winnen.

Johann Ebel

Ook de jonge predikant Johann Ebel komt onder invloed van Schönherr. Hij was met name gecharmeerd door diens vermogen om bruggen te bouwen tussen filosofie en geloof. Naarmate Schönherrs theorieën vreemdere vormen begonnen aan te nemen (hij probeerde op basis van een droom een mythisch schip te bouwen dat zonder zeilen of roeispanen tegen de wind in kon varen) nam Ebel evenwel afstand van de theosoof.

Ebel zelf preekte in de Altstädtische Kirche in het centrum van Königsberg en won in pastorale gesprekken het vertrouwen van vooraanstaande stadsbewoners. Hij wist door zijn vriendelijke houding en goede adviezen een groep mensen aan zich te binden, aanvankelijk in de lagere klassen maar daarna ook in de upper class. Collegapredikant Heinrich Diestel volgde en steunde hem, ook toen het moeilijk dreigde te worden. Beide predikanten raken in 1835 verwikkeld in een rechtszaak die groter was dan henzelf.

Religieuze sekte

Het schandaal rond Ebel en Diestel past in de bredere religieuze geschiedenis, zo laat Clark overtuigend zien. In de vroege negentiende eeuw ontstonden verschillende opwekkingsbewegingen die buiten de kerkelijke structuren nieuwe scharen gelovigen aantrokken. Tegelijkertijd heerste in de hogere klassen en aan de theologische universiteiten een overwegend koele en rationalistische interpretatie van het christelijke geloof. Theoloog David Friedrich Strauss betoogde bijvoorbeeld dat Jezus’ wonderen slechts mythische vertellingen waren. Jezus was volgens hem slechts een rabbi die met mythes omgeven was. Die visie leidde in het publieke debat tot diepe scheuren: groepen christenen kwamen steeds verder van elkaar af te staan.

David Friedrich Strauss
David Friedrich Strauss
De Pruisische koning Friedrich Wilhelm III was niet gecharmeerd van religieuze onrust. Hij wilde rust en religieuze orde in zijn rijk en investeerde daarom in een uniforme eredienst en een centraal georganiseerde kerk. De kerkelijke instituties werden strak opgebouwd, gereguleerd en gecontroleerd. Religieuze activiteiten die buiten deze kerkelijke orde vielen, moesten worden ingedamd. In Königsberg werden Ebel en Diestel daarvan het slachtoffer.

Al snel na de opkomst van Ebel en Diestel in de stad, belanden rapporten over hun optreden op de bureaus van hoge kerkelijke en politieke bestuurders. Toezichthouders zijn niet gediend van hun sektarische inslag. De predikanten gingen hun eigen gang met hun mannelijke en vrouwelijke volgelingen, zo vonden inspecteurs. Het leek allemaal teveel op religieus fanatisme, wat ze in Berlijn hoorden. Wat hielden de bijeenkomsten bij Ebel thuis precies in? En wat vond de predikant precies van de vreemde theorieën van Schönherr?

Nadat een voormalige volgeling in een uitgebreide brief zijn bezwaren tegen Ebel uiteenzet en Diestel daar razend van woede op reageert, wordt een strafrechtelijk en kerkelijk onderzoek in gang gezet. In het bezwaarschrift tegen Ebel werd gesuggereerd dat de predikant zijn volgelingen aanzet tot seksuele omgang in aanwezigheid van de dominee. Zijn sekte leidde tot verdorvenheid, was de conclusie.

Waarheid en leugen

De rechtszaak die volgde toont de fascinerende macht van de media. In de pers werden geruchten over een seksueel losbandige sekte in Königsberg opgeblazen tot overdreven proporties. Het bleek allemaal niet waar te zijn, maar de toon was gezet. Trial by media in oervorm, zouden we tegenwoordig zeggen. De krantenartikelen drongen door in de kerkelijke rechtszaak: Ebel werd geschorst om het enkele feit dat hij in de publieke opinie in opspraak was geraakt. Of het nu waar was of niet, de macht keerde zich tegen de predikant.

Een schandaal in Königsberg
 
Ebel had een aantal vijanden, die niets liever wilden dan hem veroordeeld zien. Zij brachten daarom bewust leugens of halve waarheden in omloop om de predikant pootje te haken. Doordat zij vriendjes hadden in de kerkelijke rechtbank, hadden zij grote macht om de zaak te beïnvloeden. Bezwaren van Ebel en Diestel hadden geen nut. Ondanks het ontbreken van harde bewijzen werd Ebel schuldig geacht aan het oprichten van een ‘illegale sekte’. Hij werd voorgoed uit zijn functie als predikant gezet. Diestel eveneens: ook hij werd geschorst uit zijn ambt. Samen moesten ze de kosten van het onderzoek betalen.

De rechtszaak is het bittere einde van een fraaie microgeschiedenis, waarin een aantal belangrijke ontwikkelingen in de negentiende eeuw naar voren komen. Christopher Clark heeft het geweldig opgeschreven en het boek is fraai uitgegeven door De Bezige Bij. Een echte aanrader!

Meld u aan voor onze gratis nieuwsbrief

×