Spyker – Van koetsenbouwer tot auto- en vliegtuigfabrikant

4 minuten leestijd
Logo Spyker: spaakwiel met een propeller
Logo Spyker: spaakwiel met een propeller (CC BY 2.0 - Francesco Gasparetti - wiki)

Spyker (oorspronkelijk Spijker) is een historisch Nederlands merk met een bewogen geschiedenis, dat zelfs in de recente historie (1999-2021) als Spyker Cars nog een opleving kende. De gebroeders Spijker begonnen in 1880 met de bouw van rijtuigen, de Gouden Koets bijvoorbeeld is gebouwd door Spijker. Begin twintigste eeuw produceerde het bedrijf technisch vooruitstrevende automobielen. Tijdens de Eerste Wereldoorlog bouwde het bedrijf vliegtuigen voor de Luchtvaartafdeeling (LVA) van het Nederlandse leger.

Spijker wordt Spyker

Gouden koets op Prinsjesdag 2011 (cc - Rijksoverheid)
Gouden koets tijdens Prinsjesdag 2011. . In 1898 werd de koets gebouwd door de rijtuigfabriek Spijker in Amsterdam. (cc – Rijksoverheid)
De rijtuigen van de geboeders Jacobus en Hendrik-Jan Spijker werden aanvankelijk in Hilversum gebouwd, maar in 1886 verhuisde de fabriek naar Amsterdam. De fabriek was zeer succesvol en ontving zelfs orders voor luxe rijtuigen en landauers van Javaanse vorsten. In 1898 kregen de gebroeders Spijker van de Duitse firma Benz toestemming om Benz-auto’s in licentie te gaan assembleren onder de naam Spijker-Benz. Hiervoor werd aan de Amsteldijk in Amsterdam een nieuwe fabriek gebouwd inclusief arbeiderswoningen op de plaats van de vroegere hofstede Trompenbrug.

De eerste zelf ontworpen auto van Spyker verscheen in 1900. Het was een vierpersoons voiturette (kleine open auto) met een luchtgekoelde tweecilindermotor en vooruitstrevende techniek zoals een cardanas en achteras met pignon en kroonwiel. De naam Spijker werd in 1903 vervangen door Spyker, hetgeen internationaler oogde. Oprichter Hendrik-Jan Spijker wist in 1906 met de eerste vierwielaangedreven auto, de Spyker 60HP, bij een heuvelklim in Engeland als eerste de top te bereiken.

De eerste auto met vierwielaandrijving: de Spyker 60 H.P., te zien in het Louwman Museum Den Haag
De eerste auto met vierwielaandrijving: de Spyker 60 H.P., te zien in het Louwman Museum Den Haag (CC BY-SA 3.0 – wiki)

Spyker gaat verder zonder de gebroeders

Op 21 februari 1907 kwam Hendrik-Jan Spijker om bij de scheepsramp met de SS Berlin, waarna ook zijn broer Jacobus Spijker zich uit het bedrijf terugtrok. In de zomer van 1907 nam een Spyker deel aan de rally Peking-Parijs, en finishte als tweede.

Spyker C2 Autobus
Spyker C2 Autobus omstreeks 1920 (CC BY-SA 3.0 – Buttonfreak – wiki)
In 1908 ging het bedrijf failliet, maar maakte direct een doorstart onder de naam ‘De Industriële Maatschappij Trompenburg’ onder de professionele leiding van ingenieur J. Bienfait en E. Langelaan. Het merk Spyker ging zich geleidelijk meer toeleggen op bijzondere voertuigen zoals taxi’s, ambulances, vrachtwagens en legervoertuigen. Ook de eerste luxueus uitgevoerde hofauto voor koningin Wilhelmina was een Spyker.1

Van auto’s naar vliegtuigen

De vliegtuigtak van Spyker ontstond in 1915 toen de Amsterdamse fabrikant Trompenburg samenging met de N.V. Nederlandse Vliegtuigenfabriek uit Soesterberg. Na een moeilijke periode voor de autofabrikant Spyker wegens de Eerste Wereldoorlog, werd het bedrijf opgekocht door Frits Fentener van Vlissingen op verzoek van Henri Wijnmalen. Wijnmalen was een luchtvaartpionier en was directeur geweest van de Maatschappij voor Luchtvaart op vliegveld Soesterberg.

Nadat deze vliegschool failliet was gegaan, vertrok Wijnmalen naar het buitenland, waar hij de licentierechten voor de Franse Farman-vliegtuigen voor Nederland verwierf. Vervolgens richtte hij op het inmiddels tot Vliegbasis Soesterberg omgevormde terrein de Nederlandse Vliegtuigenfabriek op, waar Farman-toestellen werden gebouwd. In 1914 moest Wijnmalen de vliegbasis echter verlaten, waarna hij een van de fabriekshallen van Spyker in Amsterdam betrok.2

Luchtfoto van de Spyker Fabriek aan de Amstel (1926) -
Luchtfoto van de Spyker Fabriek aan de Amstel (1926) – Bron: Collectie Stadsarchief Amsterdam

Nieuw logo en slogan

Na de overname van alle aandelen Spyker door Frits Fentener van Vlissingen werd Henri Wijnmalen aangesteld als directeur. Henri hernoemde de autofabriek Trompenburg in N.V. Nederlandse Automobiel- en Vliegtuigenfabriek Trompenburg. Tevens veranderde hij het logo in een spaakwiel met vliegtuigpropeller en voorzag de maatschappij van een nieuwe Latijnse slogan Nulla tenaci invia est via (Voor de volhouder is geen weg onbegaanbaar). Door de bouw van vliegtuigen werd het bedrijf de eerste volwaardige Nederlandse vliegtuigbouwer, die zowel vliegtuigen van eigen ontwerp als in licentie in serieproductie nam.

Order Luchtvaartafdeling (LVA) van het Nederlandse leger

Na eerst met weinig succes een aantal Farman HF.22 vliegtuigen in licentie geproduceerd te hebben, begon Spyker in 1916 op verzoek van het Ministerie van Oorlog met de ontwikkeling van een eigen jachtvliegtuig, zodat Nederland minder afhankelijk zou worden van de buitenlandse vliegtuigindustrie. Het werd de Spyker V.1 dubbeldekker, die eind 1916 gereed kwam.

De V.1 had echter een aantal gebreken, waaronder een te zwakke motor en werd geen succes. De LVA had inmiddels ook behoefte aan lesvliegtuigen. Spyker ontwikkelde toen de meer succesvolle Spyker V.2 trainer. Vanaf 1917 kreeg de LVA er 56 stuks van geleverd. De Marine Luchtvaartdienst (MLD) ontving er ook nog eens 20. Een nieuwe poging om een gevechtsjager te bouwen, de Spyker V.3, kwam niet verder dan een prototype. Het V.4 verkenningsvliegtuig is nooit afgebouwd.

 Spyker V.2 militair lesvliegtuig
Spyker V.2 militair lesvliegtuig, omstreeks 1920 (CC BY-SA 4.0 – Fotoafdrukken Koninklijke Marine – wiki)

Faillissement in 1926

Na de Eerste Wereldoorlog kwam vliegtuigfabriek Fokker weer terug naar Nederland en besloot de LVA dat de meer geavanceerde vliegtuigen van Fokker de voorkeur genoten boven die van Spyker. Eind 1919 stopte Spyker met de vliegtuigbouw en in 1922 vertrok Henri Wijnmalen bij het bedrijf. De onderneming raakte in financiële problemen, maar wist wel een nieuw prestigieus automodel te ontwikkelen: de Spyker C4. Helaas kon dit model, mede door de Amerikaanse concurrentie, het tij niet meer keren. Het bedrijf ging uiteindelijk in 1926 failliet.

Henri Wijnmalen

Henricus (Henri) Wijnmalen (1889-1964) was een student medicijnen toen hij in 1910 besloot vlieglessen te nemen in Pau bij Louis Blériot. Het ging hem daar allemaal te langzaam en daarom vertrok hij naar de vliegschool van Henri Farman. Hier haalde hij op 29 augustus 1910 zijn vliegbrevet. In datzelfde jaar vestigde hij het wereldhoogterecord met een hoogte van 2780 meter. Later kreeg Wijnmalen de leiding over vliegkamp Soesterberg.

In 1915 werd Henri directeur van Spyker en hernoemde de fabriek in N.V. Nederlandse Automobiel- en Vliegtuigenfabriek Trompenburg. In 1922 verliet hij het bedrijf. Henri verhuisde naar Groot-Brittannië waar hij zich bezighield met renpaarden en paardenfokken. Op last van de regering te Londen werd hem in september 1941 gevraagd om de bouw te leiden van een kamp voor de Prinses Irene Brigade nabij Wolverhampton.

Henri Wijnmalen, directeur van de Nederlandse Automobiel- en Vliegtuigfabriek Trompenburg, 1915 (Fotoafdrukken Koninklijke Luchtmacht)

Noten

1 – “Spyker; een Nederlands Fabrikaat” – Wim Oude Weernink, (1998) ISBN 9062071880
2 – “Vliegtuigbouw in Fokkers schaduw” – Harm J. Hazewinkel, uitg. Rebo Prod., ISBN 90-366-0348-X
×