De Californische goldrush of goudkoorts (1849-1855) heeft een grote impact op de ontwikkeling van Californië en de Verenigde Staten. Hij ontketent een van de grootste migraties in de Amerikaanse geschiedenis en versnelt de expansie naar het westen. De goudvondst brengt de American Dream tot leven en stimuleert de wereldeconomie, maar is tegelijk een ramp voor de inheemse bevolking en veroorzaakt veel milieuschade. Minder bekend is het verband tussen de goudkoorts en het ontstaan van de Amerikaanse Burgeroorlog.
- De goudvondst bij Sutter’s Mill
- Briljante ingeving
- Groen licht voor de goldrush
- Drie hoofdroutes naar het goud
- Kaart van de goudvelden in Californië
- Goudwinning en eigenrichting in Hangtown
- Droogwassen en goudwiegen
- De Robin Hood van El Dorado
- 31ste staat van de VS
- Uitroeiingsoorlog
- Immens ongeluk
- Tien keer zo duur
- Vrouwen met een neus voor gouden kansen
- Van boomtown tot spookstad
- American Dream
De goudvondst bij Sutter’s Mill
Op 24 januari 1848 ziet timmerman en opzichter James Marshall iets glinsteren tijdens de aanleg van een watergedreven zaagmolen (Sutter’s Mill) aan de South Fork van de American River.
Ik reikte omlaag en raapte het op; mijn hart maakte een sprongetje, want ik wist zeker dat het goud was.
Enkele dagen later rijdt hij naar zijn baas en landeigenaar, de Zwitserse immigrant John Sutter, die 70 kilometer verderop woont in Sutter’s Fort (het latere Sacramento, de huidige hoofdstad van Californië). Als na een test blijkt dat het om bijna zuiver goud gaat vreest Sutter voor zijn strak georganiseerde enorme agrarische bedrijf van 19 hectare, Nieuw Helvetia. Uit angst voor onrust onder zijn personeel en inheemse arbeiders die worden uitgebuit, probeert hij de goudvondst geheim te houden. Tevergeefs.

Briljante ingeving
De gehaaide ondernemer Sam Brannan runt een winkel bij Sutter’s Fort en de enige krant in San Francisco, The California Star. Als hij het gerucht opvangt dat er goud is gevonden, heeft hij een briljante ingeving. In plaats van zelf op zoek naar goud te gaan koopt hij in de hele regio alle beschikbare pikhouwelen, schoppen, pannen en emmers op die hij maar kan vinden. Begin mei gaat hij in San Francisco de straat op, hij zwaait met zijn hoed en terwijl hij een glazen flesje vol glinsterend goudstof boven zijn hoofd houdt, schreeuwt hij:
Binnen een paar weken verdient Brannan 36.000 dollar en is hij omgerekend naar huidige maatstaven miljonair. Intussen is San Francisco (1.000 inwoners) bijna verlaten en zijn ook de meeste inwoners van het zuidelijker gelegen Monterey op zoek naar goud en geluk in het zand van de American River. Het goud is de katalysator die Californië in enkele jaren zal transformeren van een ingeslapen dunbevolkte Mexicaanse provincie naar het beloofde land, een migratiemagneet en motor van de Amerikaanse expansie. Kortom: de Golden State.
Groen licht voor de goldrush
Toevallig valt de goudvondst van Marshall samen met het einde van de Mexicaans-Amerikaanse Oorlog (1846-1848). Negen dagen later, op 2 februari 1848, wordt de Vrede van Guadalupe Hidalgo getekend. Mexico verliest daarbij geheel Californië en delen van het huidige Nevada, Utah, Arizona en Wyoming: een gebied van meer dan 2,5 miljoen vierkante kilometer.
De aanleiding van de oorlog, Texas, is in 1845 al definitief bij de VS gevoegd. Tijdens zijn afscheidsrede in begin december 1848 prijst president James Polk zijn expansiepolitiek als “resultaten die – opgeteld – van groter belang zijn en meer zullen bijdragen aan de kracht en rijkdom van de natie dan welke resultaten dan ook die hieraan voorafgingen sinds de aanname van de grondwet.” Op grond van een legerrapport bevestigt hij in dezelfde toespraak voor het Congres de aanhoudende geruchten over de aanwezigheid van belangrijke goudaders in Californië:
De reeds gedane verkenningen rechtvaardigen het geloof dat de voorraad zeer groot is en dat goud op verschillende plaatsen in een uitgestrekt district van het land wordt gevonden.
Hiermee zet Polk het sein op groen voor de goldrush van 1849. De eerste 90.000 goudzoekers die dat jaar naar Californië trekken komen later bekend te staan als de forty-niners.

Drie hoofdroutes naar het goud
Voordat de gelukzoekers hun geluk kunnen beproeven wacht hen vanuit het oosten van de VS een lange en zware reis. Ongeveer de helft van de migranten kiest voor de landroute over The California Trail, een maandenlange tocht van meer dan 3.000 kilometer per huifkar, paard of te voet over de Great Plains – dan nog het domein van inheemse stammen -, snikhete woestijnen en de gevaarlijke passen van de Rocky Mountains en de Sierra Nevada. Duizenden (4 procent) zullen in de volgende tien jaar onderweg eindigen in een anoniem graf door, ongelukken, gevechten, bevriezing of scheurbuik, maar vooral ziektes – met name cholera.
Duurder maar ook niet zonder risico’s zijn de alternatieve reisroutes over zee. Het snelst is de route per schip via Panama. Na een gevaarlijke oversteek door de verstikkende jungle op het smalste stuk land tussen de oceanen (waar later het Panamakanaal wordt uitgegraven) volgt de laatste etappe per schip naar San Francisco. Behalve de velen die achterblijven, geveld door malaria, gele koorts en cholera. Om dat te vermijden kiest een deel voor de Kaap Hoorn-route, een lange zeereis van ruim 33.000 kilometer rondom het stormachtige zuidelijkste puntje van Zuid-Amerika. Uiteindelijk bereiken in 1849 liefst 793 schepen de haven van San Francisco, terwijl er daarvoor gemiddeld niet meer dan 25 schepen per jaar aanmeren. Onder de 40.000 migranten die de schepen meebrengen zijn slechts 700 vrouwen.
Goudwinning en eigenrichting in Hangtown
Het Californië van 1849 is een keiharde mannenwereld in een gezagsvacuüm. Het is dan nog onduidelijk in welke vorm het nieuw verworven gebied bestuurd moet gaan worden. Omdat de aanwezige legermacht veel te klein is – en bovendien geteisterd wordt door desertie – om effectief gezag uit te oefenen, nemen de goudzoekers het recht in eigen hand. Er ontstaat een soort Mijnrecht waarbij iedereen een stuk grond of rivier kan claimen, maar de verdeling wordt bepaald door plaatselijke raden. Om iedereen een kans te geven gaat het meestal om met paaltjes afgebakende stukken van tien tot hooguit honderd vierkante meter.
In de overbevolkte kampen wordt de ‘wet’ gehandhaafd door burgerwachten en recht gesproken door middel van volksgericht. Soms leidt dat tot lynchpartijen, zoals in het latere Placerville. Het goudzoekerskamp bij Sacramento krijgt de bijnaam Hangtown nadat drie mannen – twee Fransen en één Chileen – dertig zweepslagen krijgen en vervolgens worden opgehangen door een halfdronken en opgehitste menigte op grond van dubieuze beschuldigingen over diefstal en poging tot moord. In de overvolle goudregio worden buitenlandse goudzoekers steeds vaker het slachtoffer van wetteloosheid.

Droogwassen en goudwiegen
Terwijl de meeste Amerikanen boeren, winkeliers of ambtenaren zijn die nauwelijks weten hoe ze het goud moeten winnen, trekt het goud veel Mexicanen en Chilenen aan uit gebieden waar al eeuwen goud wordt gewonnen. Zij introduceren methoden die veel effectiever zijn dan de goudpan, waarbij het rivierzand in een pan wordt rondgedraaid tot het zwaardere goud op de bodem achterblijft. Niet alleen weten ze beter waar ze moeten zoeken, ze gebruiken ook betere, houten pannen waar de goudschilfers aan blijven plakken.
De Mexicanen nemen hun methode van ‘droogwassen’ mee uit de Sonora-woestijn, waarbij de droge aarde vanaf een kleed in de lucht gegooid wordt en het lichte zand wegwaait en het goud uiteindelijk achterblijft. De Chilenen zijn weer bedreven in het omleiden van de rivier, zodat in de drooggevallen bedding het goud voor het oprapen ligt. Ook het gebruik van kwik, dat goud aan zich bindt en molens om goud uit hard kwartsgesteente via rollende ronde stenen te vermalen zijn technieken die de Mexicanen en Chilenen meebrengen.

Hoewel de Amerikanen de methodes snel overnemen en zelf ook handige hulpmiddelen bedenken, zoals de Wieg (Rocker/Cradle) – een houten schommelbak die het goud onderin opvangt – escaleert de afgunst eind 1849 in een zogenaamde ‘Chileense Oorlog’. Eerder zijn Chilenen in San Francisco al het doelwit van een xenofobische bende (de Hounds), maar in december proberen Amerikaanse mijnwerkers in Calaveras County via een illegale wet alle buitenlanders, maar vooral de Chilenen, hun rijke claims te ontnemen.
Omdat de Chilenen goed georganiseerd zijn volgen er gewapende confrontaties tussen burgermilities en eindigt de ‘oorlog’ met een lynchpartij van drie Chilenen. Met de invoering van de Foreign Miners’ Tax in april 1850 wordt de aanpak van ‘oneerlijke’ concurrentie van buitenlandse goudzoekers in beleid omgezet. In de praktijk is de belasting vooral gericht tegen Mexicanen, Latino’s en later Chinezen. Als in sommige gebieden een leegloop dreigt wordt de belasting opgeheven en in 1852 afgezwakt, maar dan zijn de meeste Mexicanen en Chilenen al weggepest en vertrokken.
De Robin Hood van El Dorado

31ste staat van de VS
De goudkoorts in combinatie met de bevolkingsexplosie zorgt voor een snelle opname van Californië als eenendertigste staat van de Verenigde Staten. Dit heeft niet alleen ingrijpende gevolgen voor buitenlandse goudzoekers, met name latino’s, de Californios – de ongeveer 7.000 bewoners van Spaans-Mexicaanse afkomst – en pioniers als Sutter en Marshall. Voor de ongeveer 125.000 inheemse bewoners zal de dramatische transformatie van hun leefgebied bijna hun ondergang worden. Eind 1849 is de niet-inheemse bevolking al de 100.000 gepasseerd en rond 1852 is het aantal migranten aangezwollen tot 300.000. San Francisco verandert in dezelfde periode van een ingeslapen stadje met ongeveer 1.000 inwoners naar een belangrijke havenstad met 34.000 migranten. De grootste groepen nieuwkomers van buiten de VS en Latijns-Amerika komen uit China, Duitsland en Frankrijk.

Na het zogenaamde Compromis van 1850 is Californië vanaf 9 september 1850 officieel de 31ste, vrije, staat van de Verenigde Staten. Uiteindelijk zal het de oplopende spanningen over slavernij tussen het Noorden en Zuiden eerder verergeren dan verminderen. Elf jaar later komt het conflict tot uitbarsting in de Amerikaanse Burgeroorlog (1861-1865).
Uitroeiingsoorlog
Dat Californië een vrije staat is – wat voornamelijk is ingegeven om oneerlijke concurrentie door rijke plantagehouders tegen te gaan – zegt niets over gelijke rechten voor alle bewoners. Het niet-witte deel van de bevolking krijgt geen stemrecht, is juridisch min of meer vogelvrij en krijgt te maken met extra belastingen. In zijn racistische en op het Manifest Destiny gebaseerde wereldbeeld is er volgens de eerste gouverneur, Peter Hardeman Burnett, geen plaats meer voor de oorspronkelijke bevolking. In januari 1851 zegt hij in zijn toespraak tot het parlement:
Onze Amerikaanse ervaring heeft aangetoond dat de twee rassen niet in elkaars nabijheid in vrede kunnen leven. […] Er moet worden verwacht dat de uitroeiingsoorlog tussen de rassen zal voortduren totdat het Indiaanse ras is uitgestorven.

Het is wetgeving als The Act for the Government and Protection of Indians (1850) die als vrijbrief dient om het inheemse land te onteigenen en om eventueel verzet meedogenloos te breken. De gewelddadige expedities van burgermilities worden achteraf vergoed vanuit de overheid. Bovendien zorgen de goldrush en alle mijnbouw voor grootschalige vernietiging van de leefomgeving van de lokale stammen. De rivieren raken vervuild door het giftige kwik en eikenbossen worden massaal gekapt voor mijnschachten en andere bouwprojecten, waardoor de indianen ernstig bedreigd worden in hun voedselvoorziening: vis en eikels.
Naast het geweld en hongersnood wordt de inheemse bevolking gedecimeerd door Europese ziektes als pokken, malaria en cholera. Als gevolg van wat tegenwoordig als de ‘Californische genocide’ erkent wordt, zal de oorspronkelijke bevolking teruglopen naar 30.000 in 1870 en zelfs 16.000 rond 1900.
Immens ongeluk
Niet alleen voor de indianen zal het goud eerder een vloek zijn dan een zegen. Een bekende quote vat de frustratie samen van het zware goudzoekersbestaan dat vaak weinig tot niks oplevert: “Vertel mijn vrienden dat ze thuis moeten blijven, vertel mijn vijanden dat ze moeten komen.” Als het aan John Sutter lag, was iedereen thuis gebleven. Hij moet machteloos toezien hoe zijn personeel hem in de steek laat om zelf op zoek te gaan naar goud, waardoor zijn oogsten niet worden binnengehaald en de huiden van zijn runderen onbewerkt blijven liggen. Al snel wordt zijn land overspoeld en bezet door goudzoekers, die zich bovendien voeden met zijn tienduizenden runderen en zijn gebouwen gebruiken als bouwmateriaal. Binnen enkele jaren verliest Sutter zijn hele landbouwimperium:
Wat een immens ongeluk was deze plotselinge goudvondst voor mij! Het heeft mijn harde, rusteloze en vlijtige arbeid volledig ontwricht en geruïneerd.
Zijn zoon, John Sutter Jr. probeert nog te redden wat te redden valt door kavels grond te verkopen, waar vervolgens binnen een jaar de stad Sacramento uit de grond zal worden gestampt. Door de strategische ligging aan de kruising van twee rivieren in de buurt van de goudaders heeft de stad eind 1849 al 10.000 inwoners en is het vanaf 1854 de hoofdstad van Californië. Senior Sutter vertrekt naar het oosten waar hij tot zijn dood in 1880 verbitterd tot aan het Congres toe blijft procederen voor schadevergoeding.
James Marshall vergaat het nog slechter. De ontdekker van het eerste goud moet de regio ontvluchten na bedreigingen van bendes goudzoekers. In tegenstelling tot geruchten die rondgaan heeft Marshall helemaal geen vijfde zintuig voor het vinden van goud en daarna ook weinig geluk als wijnboer. Hij raakt aan de drank, verarmt volledig en sterft uiteindelijk in 1885 in een eenvoudige houten hut. Bij de zaagmolen in Coloma, waar alles begon, krijgt Marshall in 1890 een grafmonument met daarop zijn standbeeld dat wijst naar de vindplek.

Tien keer zo duur
Naast individuele succesverhalen zijn er ook vele gelukzoekers die te weinig goud vinden om van te leven of het verbrassen of kwijtraken door diefstal of de torenhoge inflatie die de goudstreek al snel teistert. Voor een ei of kop koffie moet al snel een dollar of meer neergeteld worden, het dagloon van een arbeider in bijvoorbeeld New York. Niet alleen is alles tien keer zo duur voor de 49ers, maar na enkele jaren raakt het relatief makkelijk winbare goud op. In 1854 stuit een groepje onafhankelijke mijnwerkers nog wel op de grootste goudklomp van goldrush, de Calaveras Nugget van 73 kilo.

Vrouwen met een neus voor gouden kansen
De ironie van de goldrush is dat er maar weinig individuele succesverhalen van echte goudzoekers zijn, maar veel meer van slimme ondernemers als Sam Brannan of Levi Strauss. Voordat hij wereldberoemd wordt met zijn stevige werkkleding voor mijnwerkers, de spijkerbroek, is hij al een succesvolle zakenman in San Francisco door de verkoop van kleding, dekens en zware stoffen als denim aan goudzoekers en mijnwerkers. Anderen worden rijk met de verkoop van kruiwagens of chocolade.
Tijdens de goldrush zijn er in Californië zo weinig vrouwen dat een anonieme goudzoeker in zijn dagboek schrijft:
Vanavond ben ik dichter bij een vrouw geweest dan in de afgelopen zes maanden. Ik viel bijna flauw.

Over Nederlanders en de goldrush is niet veel bekend, behalve dat hun aantal beperkt is. Volgens een volkstelling van 1850 zijn 63 inwoners van Californië in Nederland geboren en in 1860 zijn dat er 439. Een van hen die op de goldrush afkomt is James (Jacobus) De Fremery. Hij zoekt geen goud maar ziet wel kansen als zakenman. Hij begint de Savings Union Bank of San Francisco, die later opgaat in de nog steeds bestaande Wells Fargo Bank, en wordt later ook consul voor Nederland.
Van boomtown tot spookstad
In de eerste vijf jaar van de goldrush wordt er ruwweg 370.000 kilo aan goud gewonnen, ter waarde van 250 miljoen dollar (40 miljard in 2026). In deze periode ontstaan veel nieuwe dorpen en steden (boomtowns), maar vele lopen ook weer leeg als het goud opraakt en vervallen soms tot spooksteden. Een bekend voorbeeld is Columbia dat in 1853 na San Francisco de grootste stad van de staat is. Tegenwoordig is het dorp een populair openluchtmuseum van de goldrush. Ook Downieville, in hetzelfde jaar nog kandidaat-hoofdstad van Californië, is nu alleen nog een bergdorpje met minder dan driehonderd inwoners. En ook het beruchte Placerville (Hangtown), ooit de op twee na grootste stad, is vandaag de dag een dorp in de schaduw van Sacramento.

In plaats van goudzoekers trekken de goldrush-locaties, omgevormd tot historische parken, tegenwoordig veel toeristen. In het Marshall Gold Discovery State Historic Park in Coloma, staat een replica van Sutter’s Mill en kunnen bezoekers zelf met een goudpan aan de slag in de American River. Ook Sutter’s Fort en talloze andere plekken herinneren aan de goudkoorts van 1849, die het fundament heeft gelegd voor de huidige welvaart van Californië, de vierde economie van de wereld.
American Dream
De enorme goudopbrengsten zorgen voor een explosieve economische groei. Ondernemende nieuwkomers profiteren van de grote vraag naar mijnbouwmachines en bouwmaterialen, hout, kleding en transportmiddelen.

Ondanks de rampzalige gevolgen voor de inheemse bevolking, discriminerende wetgeving, wereldwijde inflatie en forse milieuschade die de mijnbouw veroorzaakt, staat de goldrush nog steeds symbool voor de American Dream. Niet voor niets is het officiële motto van Golden State Californië ‘Eureka’ (‘Ik heb het gevonden’): een knipoog naar de uitroep van Archimedes en de cruciale goudvondst van 1848.

– Norwich University, Historical Impact of the California Gold Rush, https://online.norwich.edu/online/about/resource-library/historical-impact-california-gold-rush
– Pieter Hovens, Goudkoorts in Indiaans Amerika (2): Californië, 1848-1855, https://dekiva.nl/goudkoorts-in-indiaans-amerika-deel-2-californie-1848-1855/
– Hutchings’ California Magazine (November 1857), John A. Sutter, The discovery of gold in California, https://sfmuseum.org/hist2/gold.html
– James K. Polk, 11th President of the United States: 1845 ‐ 1849, Fourth Annual Message, December 05, 1848, https://www.presidency.ucsb.edu/documents/fourth-annual-message-6
– Cynthia Kennedy Henzel, 1849: The California Gold Rush, https://files-backend.assets.thrillshare.com/documents/asset/uploaded_file/3892/Lrsd/68cc128b-ced2-4112-869f-e555f64eac59/4-1849_The_California_Gold_Rush.pdf?disposition=inline
– Theresa Hupp, Roles of Women During the California Gold Rush, https://theresahuppauthor.com/blog/2015/04/22/roles-of-women-during-the-california-gold-rush/
– Delpher: Het nieuws van den dag: kleine courant (17-11-1871), ‘De ontdekking van het goud in Californië’.
– https://www.parks.ca.gov/pages/552/files/goldtrekprevisit.pdf?utm
– https://en.wikipedia.org/wiki/California_gold_rush
– https://en.wikipedia.org/wiki/Joaquin_Murrieta
– https://en.wikipedia.org/wiki/California_Trail
– https://en.wikipedia.org/wiki/California_genocide
– https://en.wikipedia.org/wiki/Ah_Toy
– Frans Verhagen, De Californische goudkoorts, https://www.meiguo.nl/amerikaanse-geschiedenis/1800-1900/de-californische-goudkoorts/
– Pelle Stampe,Bue Kindtler-Nielsen, Timmerman ontketent goudkoorts in Californië, Historianet (gepubliceerd op 18.07.24), https://historianet.nl/maatschappij/geschiedenis-van-amerika/timmerman-ontketent-goudkoorts-in-californie
– Mineraly.nl, De geschiedenis van de goudkoorts in de Verenigde Staten, https://mineraly.nl/blog/geschiedenis-en-mineralen/de-geschiedenis-van-de-goudkoorts-in-de-verenigde-staten
Bronnen geraadpleegd, juli 2026


In Californië had Madame Pantalon de broek aan
Goud van Klondike maakte Dagobert Duck rijk
Sado, eiland in de Japanse Zee met een gouden verleden
De Sovjet-Unie en de Spaanse Burgeroorlog