Nederland heeft maar twee buurlanden. Eén daarvan is een leidend land in Europa en vierde exportland in de wereld. Toch is de belangstelling voor oosterbuur Duitsland gering. Nederlanders en Nederlandse media besteden liever aandacht aan een land aan de overzijde van de Atlantische Oceaan. Een verre vriend lijkt beter dan een goede buur?
Historici die zich wél bezig houden met het land waarmee Nederland al eeuwenlang economisch, politiek en cultureel verbonden is verenigden zich in de bundel Nederlandse historici over Duitsland. Actualiteit en (dis)continuïteit, onder redactie van de Utrechtse historici Frans Willem Lantink en Jeroen Koch. De focus ligt vooral op de twintigste eeuw, soms ook op de negentiende.
Politieke geschiedenis
Bij bundels kan de insteek van de auteurs sterk verschillen, zeker als ieder hoofdstuk op zichzelf staat. Het eerste deel, ‘Duitsland-Nederland’, bevat zeven casussen over kwesties die beide landen betreffen. Het tweede deel, ‘Duitsland’ oogt homogener: de zeven hoofdstukken gaan vooral over politieke geschiedenis.
Nederland bleef neutraal tijdens de Eerste Wereldoorlog. De Tweede Wereldoorlog was de eerste keer sinds Napoleon dat ons land door buitenlandse troepen werd aangevallen en bezet. Het leidde tot een blijvend keerpunt. Tot 1940 was het voor ons vanzelfsprekend om op Duitsland gericht te zijn. Tijdens de Eerste wereldoorlog koesterden veel Nederlanders zelfs sympathie voor de Duitsers. Door de bezetting en de Jodenvervolging bleef daar weinig van over.

Friso Wielenga wijst er alleen op dat het beeld al snel gunstiger werd. Volgens enquêtes van NIPO stond in 1947 meer dan de helft van de Nederlanders ‘onvriendelijk’ tegenover het Duitse volk. Zes jaar later was het al voor meer dan de helft ‘vriendelijk’. Dit kon ook plaatselijk verschillen. In het oosten bestonden nu eenmaal meer contacten met Duitsers dan in de Randstad. In de Randstad haalden zakelijk ingestelde Rotterdammers de banden sneller weer aan dan Amsterdammers. Het Zuiden van Nederland, al bevrijd in 1944, had de Hongerwinter niet meegemaakt. Jammer is dat het hoofdstuk van Wielenga eindigt in 1989/1990, het jaar van de val van de Berlijnse Muur en de hereniging van Oost- en West-Duitsland. De zestien jaar van bondskanselier Angela Merkel, met wie de premiers Balkenende en Rutte goede verstandhoudingen onderhielden, blijven zo buiten beschouwing.
Taal en economie
De verhouding tussen de twee landen is onevenredig. Duitsland is vele malen groter, heeft meer inwoners en legt politiek en economisch meer gewicht in de Europese en de wereldwijde schaal. Dat maakt het bijzonder dat er relatief meer Duitsers belangstelling hebben voor studies over Nederland en de Nederlandse taal dan andersom. Die belangstelling bestaat overigens vooral in de twee deelstaten die aan ons land grenzen, Nedersaksen en Noordrijn-Westfalen (NRW). En ook in Duitsland studeren steeds minder mensen geesteswetenschappen…
Drie hoofdstukken in deze bundel gaan over taal: Nederlands in Duitsland, Duits in Nederland en een gezamenlijke master over Nederland en Duitsland aan de universiteiten van Nijmegen en Münster.
Slechts één hoofdstuk heeft een economische inslag. Hein Klemann beschrijft hoe de Rijn de verbinding vormde tussen Rotterdam en het industriële Ruhrgebied. Zonder die riviervaart, die op gang kwam in de loop van de negentiende eeuw, was Rotterdam waarschijnlijk niet uitgegroeid tot ’s werelds grootste havenstad. Aan het einde komt de auteur met een waarschuwing. Eind jaren negentig vertrok veel industrie naar lagelonenlanden of naar het zuiden van Duitsland. Sindsdien is er ieder jaar minder vrachtverkeer.

Breuk of continuïteit?
Het tweede deel oogt meer samenhangend: alle hoofdstukken gaan over politieke geschiedenis. De insteek is telkens de vraag of er sprake was van een nieuw begin of juist van continuïteit. Wat de auteurs er niet van weerhoudt hele uiteenlopende zaken te belichten. Ton Nijhuis ‘beperkt’ zich tot de vorige Duitse regering van bondskanselier Olaf Scholz (2021-2025). Patrick Dassen bespreekt daarentegen in grote lijnen alle wendingen van 1800 tot nu.
‘Daartussenin’ zit Frederik Frank Sterkenburg, die de Kanzlerdemokratie beschrijft: hoe presenteerden de naoorlogse bondskanselieren, van Adenauer tot Scholz, zich? Detail: huidige bondskanselier Friedrich Merz, dit voorjaar aangetreden, is pas de tiende premier sinds 1949. Twee daarvan, Kohl en Merkel, bekleedden het ambt maar liefst zestien jaar. De langstzittende Nederlandse premier, Mark Rutte, moet het met twee jaar minder doen.
Hanco Jürgens bespreekt een zienswijze die opgang maakt in Duitse academische kringen: de neiging om de gebeurtenissen vanaf begin jaren zeventig tot op heden als één lange periode te zien. Hij wijst erop dat ondanks de verschillen tussen het kapitalistische West-Duitsland en het communistische Oost-Duitsland bepaalde ontwikkelingen gelijktijdig in beide landen speelden, zoals de neergang van de industrie en bewustwording van de milieuproblematiek. Wat kan betekenen dat de Duitse hereniging niet begon bij de val van de Muur in 1989. Die gebeurtenis was gevolg van een al langer bestaand proces. Omgekeerd was de hereniging van oktober 1990 geen eindpunt. Tot op heden zijn de verschillen tussen West en Oost nog altijd groot.
Het hoofdstuk roept de vraag op of de jaren zeventig uitsluitend voor Oost- en West-Duitsland een breuklijn betekenden. Het plaatsmaken van een industriële voor een diensteneconomie, de economische malaise van de jaren zeventig en tachtig, toegenomen individualisering en afkalving van de traditionele partijen – al die zaken speelden ook in andere landen. Dus misschien was sprake van een algemene Europese ontwikkeling?
Europa?
Een praktisch probleem bij het bespreken van een bundel is: welke hoofdstukken noem je wel en welke niet? Over elke keuze kan gediscussieerd worden.

Door de academische inslag zal de bundel vooral lezers aanspreken aan die al bovengemiddeld in Duitse geschiedenis geïnteresseerd zijn. Het is minder geschikt om het brede publiek warm te maken voor de Oosterbuur, maar de liefhebbers komen zeker aan hun trekken.
De herbouw van het Stadtschloss in Berlijn als symbool voor de Duitse omgang met het verleden
Waarom Nederlanders in het Engels ‘Dutch’ heten
Ober Ost: een vergeten kolonie in de Eerste Wereldoorlog
Operatie Walküre: de bekendste mislukte aanslag op Adolf Hitler
Culturele oorzaken voor de val van de Weimar Republiek