Race tegen de klok om Indonesische massamoord van 1965/’66 te documenteren

3 minuten leestijd

In Indonesië is een race tegen de klok gaande. Vrijwilligers proberen zo veel mogelijk getuigenissen te verzamelen over de Indonesische politieke massamoord in 1965/’66 en wat erop volgde. Het is een race tegen de klok, omdat over vrij weinig jaren vrijwel niemand meer in leven zal zijn die er uit eigen waarneming nog over kan vertellen. Aan het bijzondere project wijdt het Australische (inmiddels online) tijdschrift Inside Indonesia een themanummer.

Politieke gevangenen in een kamp. Mogelijk op het Molukse eiland Buru
Politieke gevangenen in een kamp. Mogelijk op het Molukse eiland Buru. (Foto IISG)
Wat er in 1965/’66 in Indonesië gebeurde is in hoofdlijnen bekend. Een groep linkse onderofficieren meende dat een raad van generaals de macht wilde grijpen en president Soekarno afzetten. Om dat te voorkomen kwam de groep in actie in de nacht van 30 september op 1 oktober 1965. Het plan was zeven generaals te ontvoeren. Een van hen, Nasution, wist tijdig weg te komen, de andere zes werden in Oost-Jakarta gedood en in een drooggevallen waterput gegooid.

Het leger stelde het voor als couppoging van de Communistische Partij van Indonesië (PKI). Historici hebben aangetoond dat dat verhaal onjuist is. Maar het was wel het startsein voor een jacht op communisten, vermeende communisten en andere linksdenkende Indonesiërs. Dat gebeurde onder leiding van generaal Soeharto, destijds commandant van Kostrad, de Strategische Reserve van het leger.

Operasi Penumpasan (Operatie Vernietiging) kostte ten minste een half miljoen levens. Honderdduizenden anderen verdwenen in de cel of in dwangarbeiderskampen, waar velen door ziekte, honger en uitputting bezweken. Soeharto baande zich na 30 september 1965 een weg naar de macht en werd in Soekarno’s plaats president. Pas in 1998 gaf hij die macht uit handen.

Weggemoffeld

Overlevenden van de slachtpartij en nakomelingen van zowel overlevenden als dodelijke slachtoffers ondervonden heel lang de nawerking – soms nog steeds. Wie een zogenoemde ex-Tapol was (Tapol = Tahanan politik, politieke gevangene) werd door de omgeving vaak gewantrouwd of uitgestoten. Datzelfde gold voor nabestaanden van vermoorde slachtoffers. Er zijn zelfs gevallen bekend van derde en vierde generatie nabestaanden die niet mochten solliciteren op een baan bij de politie.

Soekarno
Soekarno
In de officiële Indonesische geschiedschrijving wordt de massamoord weggemoffeld en het onware PKI-coupverhaal breed uitgemeten. Hoofdonderzoekster van het nieuwe project Sri Lestari Wahyuningroem (in Jakarta verbonden aan de Universitas Pembangunan Nasional Veteran) wijst erop dat dat nog steeds doorgaat. Toenmalig president Joko Widodo verklaarde in 2023 dat aandacht zou worden geschonken aan grove mensenrechtenschendingen in het verleden, waaronder ook de massaslachting uit 1965/’66. Een team voor niet-juridische afhandeling van zulke zaken deed aanbevelingen. Daarmee is weinig gedaan. Al in 2014 deponeerde de Nationale Commissie voor de Mensenrechten (Komnas HAM) bij de hoogste openbare aanklager een rapport over het drama uit 1965/’66. Er gebeurde niets mee.

Verzamelen van getuigenissen

Een van de problemen is gebrek aan gegevens. Ten dele komt dat doordat gegevens in overheidsarchieven achter slot en grendel blijven. Voor een ander deel doordat de stemmen van overlevenden en nabestaanden niet worden gehoord. Aan dat laatste probeert het nu lopende documentatieproject iets te doen. Indonesische vrijwilligers en een aantal buitenlandse deskundigen begonnen in 2018 het Indonesia Trauma Testimony Project (ITTP). Dat heeft twee doelen. Ten eerste: getuigenissen uit de eerste hand verzamelen voor zover dat nog kan. Ten tweede: al vergaarde documentatie voor verdwijnen of vergaan behoeden. De coronacrisis leverde ernstige vertraging op, zodat pas eind 2024 kon worden begonnen met het digitaal opslaan van materiaal.

Getuigenissen zijn steeds moeilijker te verkrijgen. Om te beginnen zijn er steeds minder mensen in leven die de betreffende periode hebben meegemaakt. En bij mensen die mogelijk nog wel iets kunnen vertellen speelt hun geheugen hen niet zelden parten. Onderzoeker Bimo Bagas Baswoto getuigt daarvan in Inside Indonesia. “’Oh man, we hadden documenten, maar nu weet ik niet meer waar ze zijn’, krijg ik vaak ten antwoord als ik vraag naar materiaal uit die tijd”, schrijft hij. En:

Sommigen zijn hun herinneringen kwijt, terwijl anderen het moeilijk vinden erover te communiceren.

Haast

Inside Indonesia
 
Desondanks gaan de zeven ITTP-onderzoeksteams in Indonesië door te verzamelen wat nog te vinden is. Al in de eerste tien jaar na de val van het Soeharto-bewind (1998) zijn op dit vlak trouwens initiatieven genomen. Het ITTP-team constateert echter dat heel wat van het toen vergaarde materiaal verdwijnt – deels door ondeskundigheid. Papieren en cassettebandjes liggen niet zelden letterlijk te verschimmelen. Ook raken computerschijven soms zoek en zelfs overstromingen hebben materiaal vernietigd.

In sommige gevallen hebben nabestaanden materiaal vernietigd omdat ze het bezit ervan te riskant vonden en vinden. Daarom richt het ITTP zich niet alleen op het vergaren van nieuwe documentatie, maar ook op goed conserveren van al bijeengebracht materiaal. Met het oog daarop zijn onder de ITTP-vrijwilligers ook archiefspecialisten. “We zullen pas stoppen als onze middelen zijn uitgeput”, schrijft ITTP-coördinator Annie Pohlman (werkzaam aan The University of Queensland in Autralië) in Inside Indonesia. Ze voorziet dat het, zonder aanvullende steun, eind 2026 zover zal zijn.

Het themanummer van Inside Indonesia, zowel in het Engels als Indonesisch, vindt u hier.

×