In de winter van 1794/1795 bezetten revolutionaire Franse troepen Nederland. Stadhouder Willem V en zijn familie nemen de benen. Zij vestigen zich in Engeland, want de stadhouder is een volle neef van de vorst van dat land. Maar zijn oudste zoon Willem Frederik, geboren in 1772, zet al tamelijk vlug koers naar het Europese vasteland. Hij wordt vergezeld door zijn vrouw Wilhelmina (een nicht, de meeste vorsten waren in die tijd familie van elkaar). Hij is de latere koning Willem I, maar dat wordt hij pas na diverse jaren. Ambitieus is hij wel.
In 1799 stelt hij zijn vader voor om Nederland in Zeeland binnen te vallen met Engelse en Pruisische (financiële) steun. Dat gebeurt niet, maar ze plegen in dat jaar wel een invasie in Noord-Holland, in een poging het stadhouderlijke gezag te herstellen. De troepen die dit doen zijn overigens vooral Brits, terwijl ook de Russen zich niet onbetuigd laten. Zij zien heil in deze actie omdat ze verwachten dat het Franse leger dan zal inbinden.
Oranjecomplot
Over deze verwikkelingen gaat het boek Het Oranjecomplot van hoogleraar geschiedenis Joost Rosendaal. Het is gebaseerd op publicaties uit die tijd en memoires. De zoon van de stadhouder wordt doorgaans ‘de erfprins’ genoemd.

In het hele land, maar vooral in het weinig stedelijke oosten, ontstaan revoltes tegen de democratische eenheidsstaat, zoals de Fransen die voor ogen hadden met hun motto ‘Vrijheid, gelijkheid, broederschap’. De opstandelingen verlangen terug naar de Oranjeorde die het land eeuwenlang gekend heeft. Het zijn vooral orthodoxe protestanten die zich in hun exclusiviteit en dominantie bedreigd zien. De katholieken, die toch vaak een meerderheid vormen in dit deel van het land, zijn nogal verdeeld.
De strijd lijkt vooral symbolisch. De opstandelingen roepen voortdurend ‘Vivat Oranje’ en winden zich op over de Vrijheidsboom die onder leiding van de Fransen op veel plekken is verrezen. Die staat voor de vernieuwde maatschappij die door de Franse revolutie zou zijn veroorzaakt en moet weer verwijderd worden.

Als er begin september wel een leger van dertigduizend Pruisen het oosten van Nederland was binnengevallen, zoals de plaatselijke bevolking soms wat al te graag wilde geloven, dan zou dit een beslissende invloed hebben gehad op het welslagen van de invasie in Noord-Holland.
Nederland zal nog tijden bezet blijven door Frankrijk. Op den duur wordt het zelfs een onderdeel van dat land, na eerst een tijdje een koning te hebben gehad (een broer van de Franse keizer Napoleon). Pas in 1813 keert Willem I, zoals hij zich dan noemt, terug op Nederlandse bodem.
Rosendaal, die een reputatie heeft opgebouwd met boeken over de Bataafs-Franse tijd, vertelt zijn verhaal met verve. Hij schrijft met een journalistieke vlotheid. Al duizelt het je soms wel van de vele namen die hij noemt.
De Bataafse Republiek en de Franse Tijd (1795-1813)
‘Koning-koopman’ Willem I trad verbitterd af en vertrok naar Berlijn
Herman Willem Daendels – Nederlands patriot
Verguisd en vereerd: prins Bernhard in het nieuws
Dagboeken van Constantijn Huygens jr.