Boogie is een boatman. Met zijn achttien meter lange korjaal bevaart hij de rivier de Marowijne die de grens vormt tussen Suriname en Frans-Guyana. Zo bevoorraadt hij de lokale bevolking die bestaat uit inheemse volken en marrons. Laatstgenoemden zijn de nazaten van slaafgemaakten die ontsnapten uit de plantages van de Nederlandse kolonisator en vervolgens in de jungle vrije gemeenschappen stichtten.
Eeuwenlang leefden de mensen in het dichtbeboste gebied een bestaan vrij van kapitalisme, nauwelijks verbonden met de buitenwereld. Daar is binnen een tijdspanne van soms maar één generatie een einde aan gekomen. Boogie en zijn collega-schippers hebben in die verandering een belangrijk aandeel.
Surinaamse oerwoud
In de documentairefilm Monikondee, dat ‘Geldland’ betekent, wordt Boogie gevolgd tijdens de uitvoering van zijn werk. Hij gidst de kijker niet alleen over de rivier maar ook door de geschiedenis van de lokale bevolking. Zelf is hij een marron of fiiman (vrije man). In 2018 brachten de filmmakers Lonnie van Brummelen, Siebren de Haan en Tolin Alexander al een film uit, getiteld Stones have Laws, waarin ze gedurende een periode van vier jaar het leven van dit volk in het Surinaamse oerwoud portretteerden. Ze lieten zien hoe het traditionele leven van het trotse volk, dat zich vrijvocht van slavernij, dreigt te verdwijnen. Terwijl ze trouw proberen te blijven aan hun eigen rituelen, waarin ze de natuur aanbidden als godheid, wordt hun leefomgeving door ontbossing en mijnbouw ernstig bedreigd.

In de nieuwe productie van het drietal zit dezelfde thematiek verwerkt. Heden en verleden botsen met elkaar in de Surinaamse jungle, waar de inwoners enerzijds vast willen houden aan hun oude levensstijl in harmonie met de natuur, maar anderzijds steeds verder in de greep raken van het kapitalisme. Een wat oudere vrouw die onderweg is naar de markt om zelfgekweekte groenten te verkopen, vertelt hoe haar vader als jager leefde. Als hij genoeg wild over had, ruilde hij het voor een kapmes of vijl. Geld werd niet gebruikt. “Mensen hadden geen generatoren of vriezers”, vertelt de vrouw. Volgens haar wil niemand echter nog zo leven als toen. “Maar sinds we geld zijn gebruiken, delen we minder met elkaar”, concludeert ze.
We werken minder samen. We zijn altijd druk. Soms denk ik dat mijn vader een beter leven had dan wij.
Goudzoekers
Boogie en andere boatmen, die op hun boten levensmiddelen, brandstof, schoon water en diverse gebruiksvoorwerpen vervoeren, brengen het kapitalisme in feite naar de jungle. De sympathieke Boogie beklaagt zich over de invloed van witte mensen met hun geld en beloften. Hij vertelt dat zijn volk, de Ndyuka, in 1760 de eerste marrons-stam was die vrede sloot met de Nederlandse kolonisator. “Vanaf toen leefden we vrij in ons eigen territorium”, vertelt hij.
Maar je weet hoe de witte mensen zijn. Elke overeenkomst met hen is alleen geldig zolang ze er voordeel van hebben. Toen er goud werd ontdekt, vergaten ze de afspraken.

Tegenwoordig zijn het vooral Brazilianen die goud delven in de regio en zich daarbij schuldig maken aan vervuiling van de rivier, die heilig is voor de lokale bevolking. Kreken hebben een eigen geest die aanbeden wordt. Boogie eerbiedigt de rituelen van zijn voorouders, maar voorziet de goudzoekers tegelijkertijd wel van olie. Hij moet immers zijn geld verdienen om te kunnen bestaan, al zien we dat hij soms nog aan ruilhandel doet.
Kwaka
Terwijl veel mannen geld verdienen in de gouddelving hebben de vrouwen hun eigen goud in de vorm van kwaka. Het is het basisvoedsel voor de junglebewoners gemaakt van cassave. “Onze voorouders maakten het al”, vertelt een vrouw. “We bakken en verkopen kwaka voor een beetje geld om schoolspullen voor onze kinderen te kopen.”
In de film zien we opnamen van in bont gekleurde jurken geklede vrouwen die zich bezighouden met de cassave-oogst en het bakken van kwaka. Ondertussen zingen ze een lied waarin ze de ‘witte man’ vervloeken, die hen elektriciteit, schoon water en wegen beloofde, maar die beloften nimmer waarmaakte. Het wantrouwen naar de westerlingen en hun kapitalistische systeem zit diep verankerd in de samenleving.

Vooruitgang
Monikondee werd gefilmd in nauwe samenwerking met de mensen die in woord en beeld in de film een rol spelen. De kijker wordt getuige gemaakt van de invloed die het kapitalistische systeem heeft op een samenleving die nog niet zo heel lang geleden grotendeels zelfvoorzienend was. De junglebewoners zien de veranderingen met lede ogen aan, maar doen zelf ook mee aan het streven naar winst en vooruitgang. In de persoon van schipper Boogie hebben de filmmakers een aansprekende verteller gevonden wier positie symbool staat voor de spagaat waarin de marrons en inheemse bevolking zich verkeren.
De fraaie opnamen van de rivier, haar omgeving en de mensen die eraan wonen, tonen een wereld die voorgoed verandert. Het is fascinerend om te zien dat winkeltjes even buiten de jungle smartphones aanbieden, de euro een favoriet betaalmiddel is en dat alle bootjes zijn voorzien van Yamaha-motor, terwijl de dorpjes aan de oever van de Marowijne nog ogen alsof de tijd haast een eeuw heeft stilgestaan.

Ook al klagen de oerwoudbewoners over de moderne tijd, in vergelijking met ons zijn ze nog altijd veel dichter verbonden met de natuur en de rituelen van hun voorouders. De kijker krijgt een spiegel voorgeschoteld, want brengt onze manier van leven werkelijk vooruitgang in het oerwoud of zijn het, zoals al eerder in de geschiedenis van Suriname, vooral de ‘vreemdelingen’ die profiteren?
Monikondee draait vanaf 20 november 2025 in Nederlandse bioscopen en wordt gedistribueerd door Cinema Delicatessen. Speelduur: 103 minuten.
Goud van de Gouden Koets afkomstig uit Suriname
Suriname Massala – Een bont, historisch integratieproces
Suriname in oude ansichten
De onbedoelde Surinaamse samenleving
Onafhankelijkheidsverklaring van Suriname, 1975
Een zesjarige contractarbeidster in Suriname
Pierre Jacques Benoit en zijn ‘Voyage à Surinam’