De Nika-opstand van 532 in Constantinopel

2 minuten leestijd
Virtuele reconstructie van Constantinopel in de Byzantijnse periode, met links het Hippodroom.
Virtuele reconstructie van Constantinopel in de Byzantijnse periode, met links het Hippodroom. (CC BY-SA 4.0 - Hbomber - wiki)

Rellen tussen rivaliserende supportersgroepen zijn tegenwoordig geen onbekend verschijnsel. Wat moderne hooligans aanrichten verbleekt echter bij het Byzantijnse oproer van 532 in Constantinopel: de Nika-opstand. Bijna de halve stad werd verwoest en zo’n 30.000 mensen kwamen om het leven.

Het begon allemaal met een wedstrijd wagenrennen, de nationale sport in Constantinopel, waarbij ook de Byzantijnse keizer Justinianus I aanwezig was. In de stad bestonden vier wagenrenfacties – de Blauwen, Groenen, Witten en Roden – al speelden vooral de Blauwen en de Groenen een grote rol. Deze twee facties stonden niet alleen sportief tegenover elkaar, maar ook politiek en religieus.

Keizer Justinianus was aanhanger van de Blauwen. De Groenen werden over het algemeen gesteund door aristocratische families, die de wagenrennen gebruikten als middel om politieke invloed uit te oefenen. Als Justinianus te ver ging, zouden de Groenen gaan rellen en liep de openbare orde ernstig gevaar. Pogingen van Justinianus om de macht en activiteiten van de groepen aan banden te leggen, zorgden voor groeiende spanningen.

Ruïnes van het Hippodroom van Constantinopel
Ruïnes van het Hippodroom van Constantinopel – gravure van Onofrio Panvinio, ca. 1580
In 531 werden enkele leden van de Blauwen en de Groenen gearresteerd wegens moorden die tijdens eerdere rellen bij een wagenrenwedstrijd waren gepleegd. De moordenaars zouden worden opgehangen, maar voor het zover was ontsnapten er twee, een Groene en een Blauwe. Om de menigte kalm te houden – Justinianus was net bezig met vredesonderhandelingen met de Perzen – werden beide doodstraffen omgezet in gevangenisstraffen. Supporters van beide teams eisten echter gratie voor hun teamleden. In dezelfde periode had de keizer net de belastingen verhoogd, waar met name de mensen van adel, aanhangers van de Groenen, niet blij mee waren, net als overigens Justinianus’ eigen achterban.

Oproer

Op 13 januari 532 werden de wagenrennen gehouden. Vanwege de voorgeschiedenis was de sfeer gespannen en agressief. Justinianus bekeek de wedstrijd vanuit zijn loge in het paleis, dat uitkeek op het hippodroom waar de wedstrijd werd gehouden. De keizer kreeg meteen onvriendelijke spreekkoren te verwerken. De sfeer werd echter pas gevaarlijk toen de rivaliserende supportersgroepen ineens niet meer tegen elkaar schreeuwden, maar samen riepen ‘Nika! Nika!’, Grieks voor victorie of overwinning. De woedende menigte trok vervolgens naar Justinianus’ paleis, dat vijf dagen werd belegerd. Met name de ‘Groene’ aristocratische families en de senatoren zagen de door hen gesteunde opstand als goede reden om Justinianus – die volgens hen de adel te weinig steunde – af te zetten en een nieuwe keizer, Hypatius, op de troon te zetten.

Keizer Justinianus, Basiliek St. Vitale, Ravenna
Keizer Justinianus, Basiliek St. Vitale, Ravenna
Justinianus’ vrouw Theodora liet het zover echter niet komen en verklaarde dat zij liever als keizerin zou sterven dan als vluchteling zou leven. Zij overtuigde de keizer te blijven en de opstand hard neer te slaan. Generaal Belisarius trok daarop met keizerlijke troepen naar het Hippodroom, waar de opstandelingen zich hadden verzameld. De soldaten sloten de menigte in en maakten met geweld een einde aan de opstand. Naar schatting 30.000 mensen kwamen daarbij om het leven. De opstandige facties verloren hun aanhangers, paarden en wagens. De ‘nieuwe’ keizer Hypatius werd terechtgesteld en de senatoren die de opstand hadden gesteund werden verbannen. In de jaren daarna werden in het Hippodroom geen wagenrennen meer gehouden.

Tijdens de Nika-oproer werd de halve stad verwoest, waaronder de Aya Sofia-kerk. Justinianus liet deze kort daarop herbouwen tot degene die er nu nog steeds staat.

×