Het bolwerk van het christendom
Na de val van het West-Romeinse Rijk in de vijfde eeuw hergroepeerde het oostelijke rijk zich en wist het nog duizend jaar overeind te blijven. Aanvankelijk gebruikten de oostelijke keizers nog steeds het Latijn als juridische en bestuurlijke taal, maar omdat maar weinig van hun onderdanen dit dagelijks spraken, werd het uiteindelijk vervangen door het Grieks. Ook de cultuur van het oostelijke rijk raakte steeds meer gehelleniseerd. De bevolking bleef zich als Romeins zien, maar moderne historici onderscheiden het van het Romeinse Rijk uit de klassieke oudheid en noemen dit middeleeuwse, Griekssprekende rijk het Byzantijnse Rijk, naar Byzantium, de oude Griekse naam voor Constantinopel.
Historici zijn het er niet over eens vanaf wanneer deze naam moet worden toegepast. Sommigen doen dit vanaf de stichting van hoofdstad Constantinopel in 324, anderen vanaf de laatste, permanente scheiding van het Romeinse Rijk in een oostelijke en westelijke helft na de dood van Theodosius in 395. De meest gebruikelijke datering is 476, toen de laatste westelijke keizer, Romulus Augustulus, werd afgezet.
De hellenisering van het oostelijke rijk gebeurde echter niet van de ene op de andere dag maar was een geleidelijk proces dat pas tijdens het bewind van Herakleios (610-641) werd voltooid. Door de veranderingen te erkennen en Grieks tot officiële taal van het rijk te benoemen, maakt Herakleios misschien wel het meest aanspraak op de titel van eerste Byzantijnse keizer.

Hoewel de oostelijke keizer Zeno (r. 474-491) de val van het westen niet toejuichte, maakte het de zaken wel makkelijker en kon hij zich op het voortbestaan van zijn eigen rijk concentreren. Het oosten was inherent sterker maar werd verscheurd door religieuze conflicten en had zo zijn eigen problemen met oppermachtige Germaanse generaals. Zeno boekte weinig vooruitgang bij het verzoenen van de rivaliserende orthodoxe en monofysitische religieuze facties, die een bitter geschil hadden over de aard van Christus. Deze religieuze verdeeldheid zou het rijk later nog duur komen te staan.
Zeno boekte meer succes met zijn Germaanse probleem. Door Theodorik en zijn Ostrogoten naar Italië te sturen om tegen Odoaker te vechten, ontdeed hij het oosten van de gevaarlijkste Germaanse federaties.
Een onwaarschijnlijke keizer
Het oosten verstevigde zijn positie onder Zeno’s behoedzame opvolger Anastasius (r. 491-518). Hoewel hij oorlogen uitvocht tegen Perzië en de Bulgaren, verlaagde Anastasius de belastingen en liet hij zijn opvolger Justinus (r. 518-527) niettemin een volle schatkist na. Justinus was een onwaarschijnlijke keizer, een ongeschoolde Thracische boer die bij het leger was gegaan en in rang was opgeklommen tot commandant van de keizerlijke garde. Justinus regeerde het merendeel van zijn bewind met de hulp van zijn neef Justinianus, die een schandaal veroorzaakte door te trouwen met een actrice, Theodora. In 527 werd Justinianus tot medekeizer gekroond en toen Justinus later dat jaar overleed, werd hij de enige augustus.

De Perzische oorlog en het Nika-oproer
Aangezien de Vandalen het West-Romeinse Rijk het hardst hadden getroffen, was hun Noord-Afrikaanse koninkrijk het eerste doelwit van Justinianus. Hij kon zijn plannen niet meteen uitvoeren, omdat zijn oom Justinus hem een oorlog tegen Perzië had nagelaten. Zoals zo vaak in het verleden hadden de Perzen aanvankelijk de overhand in de strijd, maar dankzij een opmerkelijke overwinning van de jeugdige generaal Flavius Belisarius (505-565) in 530 bij Dara (nu in Oost-Turkije) stagneerde de oorlog, waardoor Justinianus in 532 een ‘eeuwige vrede’ kon sluiten. De vrede duurde slechts acht jaar en werd bezegeld met de hoge som van bijna 5000 kilogram goud, maar hierdoor kon Justinianus zijn troepen wel vrijmaken voor campagnes in het westen.

Justinianus stond op het punt te vluchten, maar Theodora dwong hem te blijven en zei dat ze liever als keizerin zou sterven dan als vluchteling te leven. Belisarius bewees opnieuw hoe vaardig hij was en verzamelde een kleine troepenmacht die de relschoppers in het hippodroom insloot en afslachtte. De rellen eisten tienduizenden levens en een groot deel van Constantinopel werd verwoest, maar het maakte voorgoed een einde aan de interne oppositie tegen Justinianus.
Verovering van Vandaals Afrika door Belisarius
Justinianus had nu de handen vrij om met de Vandalen af te rekenen. De rampzalige campagne van Basiliscus in 468 lag nog pijnlijk vers in het geheugen en had de Vandalen een aura van onoverwinnelijkheid verschaft. De meeste adviseurs van de keizer waren tegen de campagne, maar Justinianus geloofde dat hij met Belisarius een generaal had die de uitdaging aankon. De keizer had een religieus motief voor de oorlog: hij wilde de Afrikaanse katholieken van hun ariaanse onderdrukkers redden. Het hielp daarbij dat de Vandaalse koning Hilderik (r. 523-530) – die door zijn Romeinse moeder Eudocia, de dochter van Valentinianus III, als orthodox-katholiek was opgevoed – onlangs door zijn ariaanse neef Gelimer (r. 530-534) was afgezet. De strijdmacht die Justinianus aan Belisarius toevertrouwde, besloeg maar een derde van die van Basiliscus: 500 transportwagens, 92 oorlogsschepen, 10.000 man infanterie, 5000 man zware cavalerie en 1000 Hunse boogschutters te paard.
De diplomatieke voorbereiding van de campagne was onberispelijk. Er werd toestemming verkregen van de pro-Romeinse Ostrogotische koningin Amalasuntha om Sicilië als voorpost te gebruiken. Ondertussen werden 5000 Vandaalse troepen en het gros van hun zeemacht naar Sardinië gelokt nadat Romeinse agenten daar een opstand hadden aangewakkerd.

Hoewel ze ver in de meerderheid waren, werd het Vandaalse leger uiteengedreven en rukte Belisarius op naar Hippo Regius om bezit te nemen van de Vandaalse schatkist. Gelimer gaf zich een paar maanden de ostrogotische campagne 107 later over en mocht zich terugtrekken op een landgoed in Anatolië. Ofschoon Belisarius sterk werd geholpen door het glansloze leiderschap van de Vandaalse koning, was zijn overwinning een verbluffende prestatie. Justinianus zou hem al snel een nog ambitieuzere missie toevertrouwen.
Byzantijnse Rijk (330-1453) – Geschiedenis en tijdlijn
Alexius III van Byzantium, keizer tijdens de Vierde Kruistocht
De Pest van Justinianus (541-543)
Organisatie van de gezondheidszorg in het Byzantijnse rijk