Martin Kohlroser en de 34e SS-divisie rond kasteel Zuylestein

7 minuten leestijd
Aan het einde van de Tweede Wereldoorlog werd kasteel Zuylestein in een tweedaags bombardement door de Royal Air Force volledig verwoest. De aanleiding hiervoor was dat het lokale verzet op de Utrechtse Heuvelrug de Britten informeerden dat een Duitse generaal met zijn staf intrek had genomen in het kasteel. Bovendien was er behalve de SS-generaal en zijn staf een Duits regiment in de omgeving gelegerd. Wie was deze Duitse generaal? En wat weten we van de SS op de Utrechtse Heuvelrug in de eindfase van de oorlog? En welke andere RAF-bombardementen op andere belangrijke gebouwen op de Utrechtse Heuvelrug vonden plaats?

Martin Kohlroser
Martin Kohlroser
De SS-generaal die naar alle waarschijnlijkheid in maart 1945 op kasteel Zuylestein verbleef, was Martin Kohlroser. De in München geboren Duitser was in het laatste jaar van de oorlog veertig jaar. Hij was in 1923 vanuit de Sturmabteilung betrokken bij de mislukte staatsgreep van Adolf Hitler in München. Na de dood van zijn vader in 1924 verliet Kohlroser de Reichswehr en nam het bedrijf van zijn vader over als elektrotechnisch ingenieur. In 1930 trad hij toe tot de NSDAP en sloot zich aan bij de SS.

Kohlroser behoorde tot de SS Stabswache voor Adolf Hitler in 1933. Zij beschermden als bodyguards Adolf Hitler. Kohlroser had de leiding over SS Infanterieregimenten die deelnamen aan de invasie van Polen (1939) en was later betrokken bij de Russische inval (1941). In 1943 werd hij commandant van een Panzergrenadier Regiment. Kohlroser had vanaf november 1944 de functie van SS Oberführer (vergelijkbaar met een brigadegeneraal) en was commandant van de 34e SS Freiwilligen Grenadier Division Landstorm Nederland. Hij was dat in de periode november 1944 tot mei 1945.

De 34e SS-divisie

Vanaf 1 november 1944 werd het oorspronkelijke regiment een brigade en vanaf 10 februari 1945, toen de brigade een divisie werd, heette het 34. SS-Freiwilligen-Grenadier-Division Landstorm Nederland. De belangstelling voor dienst bij deze divisie/brigade was erg groot. De voordelen waren aanzienlijk: het creëerde werkgelegenheid, zorgde voor onderdak en voor eten en drinken werd gezorgd. Ook hoefde men niet te vrezen voor de Arbeidseinsatz of overplaatsing naar het oostfront, want Landstorm Nederland was een territoriale eenheid.

De officieren waren allemaal Duitsers, de hogere onderofficieren waren vooral uit Polen afkomstig en ook Pools-sprekende Volksduiters, de lagere onderofficieren meestal Nederlanders die aan het Oostelijk front gediend hadden. De taken van de Landstorm waren het opsporen van geallieerde piloten, controleren van persoonsbewijzen en het bewaken van militaire objecten en bruggen.

In de oorlogsarchieven is nog een document te vinden met het rapport van het verhoor van SS Oberführer Martin Kohlroser. Uit het rapport blijkt dat hij toen gedetineerd was in Vught.

Over de inzet van zijn divisie aan het Rijn- en Betuwefront zegt hij:

Ik ben 25 Mei 1944 naar Nederland gekomen om het bevel op mij te nemen van het destijds bestaande Regiment Landstorm Nederland. Dit regiment is in het najaar 1944 uitgebreid tot een Brigade en daarna tot een Divisie.

Bij het opstellen van de Brigade werden aan het reeds bestaande regiment verschillende andere, in Nederland aanwezig onderdelen toegevoegd, zoals het Wachbataljon van Helle en andere onderdelen. Het reeds bestaande regiment werd regiment 83 en van de andere onderdelen werd het regiment 84 gevormd, hetwelk onder bevel kwam te staan van de SS-Standartenführer Lippert (…) Nadat Regiment 84 te Hoogeveen was samengesteld, kregen de daarbij ingedeelde bataljons hun bestemming. De eerste tijd waren deze eenheden belast met de eventuele verdediging van de bruggen te Zutphen en Deventer. Later werd de gehele Divisie overgeplaatst naar Wageningen en Rhenen en omgeving tot voorbij Tiel. Ik moest toen met mijn Divisie het front in de Betuwe en aan de Beneden Rijn overnemen van het 7e Valschermjager-regiment. Dit front liep van Zaltbommel tot aan Heelsum, een breedte van ongeveer 65 K.M. Tot het einde van de oorlog werden wij hier ingezet tegen de in het zuiden van Nederland gelegerde Geallieerde troepen.

Kolhroser versus Lippert

Hans Lippert
Hans Lippert
Blijkbaar had Kohlroser een moeizame relatie met SS-Standartenführer Hans Michael Lippert. Deze Lippert was geen kleine jongen. In 1934 vermoorde hij Ernst Röhm (leider van de SA, Sturmabteilung) tijdens de beruchte Röhm-putsch (in de ‘Nacht van de Lange Messen’). De moord op Röhm werd gepleegd samen met Obergruppenführer Theodor Eicke. Tijdens de Tweede Wereldoorlog commandeerde Lippert verschillende concentratiekampen, waaronder Sachsenhausen.

In de afgelegde verklaring noemt Kohlroser Lippert ‘een goed soldaat, erg impulsief, een stoere bok’. Dat was dan nog een soort compliment, maar daarna vilein:

Iemand die, als hij een andere mening had, tegen de gegeven orde in handelde. Dit is meer meermalen gebleken. Ik heb ook moeite gedaan om Lippert van zijn commando ontheven te krijgen, doch dit is niet meer gelukt. Ik had dikwijls conflicten met hem.

Toen de capitulatie aan de orde was, wilde Lippert hier zich niet bij neerleggen. ‘Hij wilde niet capituleren en deed mij de heftigste verwijten. Ik heb hem toen meegedeeld, dat hij wat mij betreft kon doorvechten, doch dat zijn regiment capituleert en dat hij dan van zijn commando ontheven werd geacht’.

Brief Kohlroser aan Cnosse, 16 mei 1945
Brief Kohlroser aan Cnosse, 16 mei 1945

In het archief van het Nederlands Instituut voor Militaire Historie is ook nog een bijzonder briefje te vinden waarin Martin Kohlroser op 16 mei 1945 de Britse commandant van de Royal Artillery 49th Infantry Division E.N. Cnosse bedankt. Daarin schrijft hij dat ‘the fighting, discipline and complete obedience are only natural to my troops’. Van allerlei misstanden aan de kant van de Duitse troepen, waar de briefverwisseling naar lijkt te verwijzen, neemt hij krachtig afstand:

My officers and I as soldiers are enraged and as Germans are deeply ashamed. As front line soldiers we strongly condemn these actions. I assure you that the officers and men of my Division neither knew of these atrocities, nor as fighting soldiers had anyting in common with them.

Dit lijkt te gaan over executies in het Sperrgebiet van het 84e Regiment waar Michael Lippert commandant van was. In het Sperrgebiet tussen Rhenen, Veenendaal, Bennekom, Wageningen en Arnhem vonden tussen februari en mei 1945 eenentwintig moorden plaats. De meeste werden geëxecuteerd in het gebied achter Huis Remmerstein bij Rhenen, waar Lippert zijn hoofdkwartier had.

Martin Kohlroser
Martin Kohlroser
Lippert is uiteindelijk door het Bijzonder Gerechtshof in Arnhem veroordeeld tot tien jaar gevangenisstraf. In 1953 verleende Koningin Juliana hem gratie. In een publicatie van het NIOD over de SS in Nederland wordt Martin Kohlroser omschreven als iemand die ‘de indruk maakt een redelijk en weinig fanatiek man geweest te zijn, een van de beroepsmilitairen in de Waffen-SS, die er niets voor voelden hun Führer in diens maniakale destructie en zelfdestructie te volgen’. Dat staat haaks op de beschrijving van Lippert tijdens de rechtszaak over de Nacht van de Lange Messen dat hij…

…vervuld [was] van een gevaarlijk en onverbeterlijk fanatisme.

Eindfase van de oorlog

De troepen van de 34e SS Grenadiersdivisie Landstorm bevonden zich in de eindfase van de Tweede Wereldoorlog vooral in Elst (Utrecht), Amerongen, Doorn en Veenendaal. Voorjaar 1945 waren de Duitsers volop bezig om de oude Grebbelinie in te richten tegen de opmars van de geallieerden. De Divisiestaf lag volgens militaire deskundigen meestal ongeveer tien kilometer achter de frontlinie en dat verklaart dat delen van de Divisiestaf in Amerongen zaten (en dus mogelijk ook op kasteel Zuylestein). Het kaartenbureau van de SS-staf zou bij het bombardement zijn getroffen.

De groep van 200 tot 250 SS-militairen die in maart 1945 nog in de buurt van Amerongen en Leersum waren, arriveerden in april in Veenendaal. Lange tijd bevonden zich nog SS’ers in de bossen op de Utrechtse Heuvelrug.

De Britse 49th Polar Bear Division ontwapende in Doorn het SS-Grenadier Regiment 84 (77 officieren, 1415 manschappen). Zij gingen eerst naar Elst (Utrecht) voor ontwapening. Vandaar moesten ze naar Harskamp marcheren. Daar was Kohlroser ook krijgsgevangene. Later was hij dat in een fort bij De Bilt (Utrecht).

Geschutsopstelling bij Amerongen
Geschutsopstelling bij Amerongen – Bureau Inlichtingen Nederland

Andere RAF-bombardementen

Het bombardement op kasteel Zuylestein (25 en 26 maart 1945) stond niet op zichzelf. De spoorlijnen (Utrecht-Arnhem en Rhenen-Amersfoort) werden in de eindfase van de oorlog door de geallieerden vaak gebombardeerd. Deze spoorlijnen werden vooral gebruikt door de Duitsers voor het verplaatsen van oorlogsmateriaal (zoals de V1- en V2-raketten).

Landhuis De Ruiterberg
Landhuis De Ruiterberg – Utrechts Archief
In januari 1945 werd de Duitse opleidingsschool voor saboteurs in Huize de Ruiterberg bij Doorn ook gebombardeerd. Hierin zat de Duitse inlichtingendienst, maar de Duitsers waren – net als bij kasteel Zuylestein – al vertrokken toen het bombardement plaats vond. Twaalf Spitfires waren betrokken bij de totale verwoesting van het gebouw. Een Spitfire ging daarbij verloren als gevolg van een bom die te vroeg ontplofte. In het RAF-oorlogsarchief is te zien dat deze Spitfire wel is opgestegen, maar niet is geland. De piloot kwam bij de ontploffing om en is later begraven op de begraafplaats van de Grebbeberg.

Ook vonden er bombardementen op andere doelen plaats die van belang waren voor de bezetter, zoals in Driebergen op de ‘telefooncentralebunker’ of Cäsar-bunker. Eind 1943 liet de Luftwaffe een grote bunker bouwen op het landgoed Bornia in Driebergen. De bedoeling van deze bunker was het aansturen en coördineren van de Duitse jachtvliegtuigen in hun aanval op de geallieerde bommenwerpers. Al in de oorlog was de bunker door middel van geschilderde ramen gecamoufleerd als villa. De bunker is echter nooit gebruikt door de Duitsers.

Telefooncentralebunker Cäsar in Driebergen
Telefooncentralebunker Cäsar in Driebergen
Niet alleen de telefooncentralebunker werd op 2 april 1945 gebombardeerd, maar ook de dichtbij gelegen Rose Villa op landgoed De Reehorst in Driebergen. Over deze Rose Villa doen verschillende verhalen de ronde. Sommigen spreken over ‘een hoofdkwartier van de SS’. In ieder geval is bekend dat het huis in 1940 werd gevorderd door de Duitse generaal van de Wehrmacht, Friedrich Christiansen. Waarschijnlijk is dat gebeurd met het oog op de Luftwaffe. De geallieerden zouden voorafgaande aan het bombardement hebben aangenomen dat in de Rose Villa een Duitse generaal zou verblijven. Het is niet bekend of dit Martin Kohlroser is geweest.

Bronnen

– Stichting Driebergen – Vroeger en nu
– Archieven Nederlands Instituut voor Militaire Historie
– Archief NIOD
– Archief Bureau Inlichtingen Nederland
×