De dood van Ubbi

De West-Saksen hadden volgens koning Alfreds biograaf Asser hun toevlucht genomen in de onneembare vesting Cynuit (vermoedelijk Countisbury Hill). De aanvallers besloten de sterkte te belegeren en de West-Saksen tot overgave te dwingen door hen uit te hongeren.
Maar zover lieten de belegerden het niet komen. Bij zonsopgang deden ze onverwachts een uitval, waarbij ze hun vijanden verpletterend versloegen.
Er zouden 840 Vikingen zijn gesneuveld en ook hun aanvoerder werd gedood. Slechts enkelen wisten naar hun schepen te ontkomen. De West-Saksen maakten hun vaandel ravenbanier buit. Asser noemde de gesneuvelde aanvoerder niet bij naam, maar wist wel te vertellen dat hij een broer was van Ivar en Halfdan.

Grafheuvel Ubbelawe
In de twaalfde eeuw vereenzelvigde de Anglo-Normandische kroniekschrijver Geffrei Gaimar in zijn Estoire des Engleis de broer van Ivar en Halfdan met ‘de zeer kwaadaardige’ Ubbi. Hij wist ook te melden dat de West-Saksen die zich in het fort hadden verschanst, onder leiding stonden van Odda, ealdorman (koninklijk bestuurder) van Devon. Ubbi sneuvelde volgens hem tijdens het gevecht in Bois de Pene dat wel met Penselwood (Somerset) geïdentificeerd is. Hij zou door zijn mannen ter plaatse zijn begraven in een grafeuvel die Ubbelawe genoemd werd.
Sindsdien duikt deze grafheuvel in allerlei verhalen op, zoals in de Chronicon Joannis Bromton, waarin we vinden dat de overlevenden van een verloren slag tegen de Angelsaksen het lichaam van Ubbi tussen hun gesneuvelde kameraden zouden hebben gevonden. Ze hadden hem begraven in een grafheuvel die Hubbelow genoemd wordt. Nog in de zeventiende eeuw schreef de Engelse auteur John Aubrey dat Ubbelawe die hij Hubba’s Low noemde, bij Chippenham (Wiltshire) te vinden was, ‘omdat zijn buurman hem verteld had dat Ubbi daar begraven lag’.

Het is vreemd dat Geffrei Gaimar de naam van Ubbi wel kende, terwijl de auteur van de Angelsaksische kroniek in de negende eeuw alleen maar de namen van zijn broers wist te vermelden. Juist de laatstgenoemde moet goed op de hoogte zijn geweest van gebeurtenissen in het bijzonder in zijn eigen koninkrijk Wessex, waar Devon en Somerset toen deel van uitmaakten. Het is dan ook maar zeer de vraag of Ubbi hier in 878 tegen de West-Saksen is gesneuveld, zoals Gaimar en zijn navolgers beweerden. Bovendien schreef ealdorman Æthelweard in de late tiende eeuw in zijn kroniek dat de gesneuvelde Deense aanvoerder Halfdan heette, ‘de broer van de tiran Ivar’.
Het is in dit verband opmerkelijk dat volgens de IJslandse Ragnarsaga ook Ivar in een grafheuvel zou zijn begraven. Mogelijk had Gaimar het gegeven dat de gesneuvelde hoofdman een broer van Ivar en Halfdan was, gecombineerd met andere legenden, zoals die van Ubbi’s betrokkenheid bij het martelaarschap van Edmund.

Dat brengt ons bij Scandinavische auteurs die een heel andere lezing van Ubbi’s dood voorschotelden. Zij hadden het krijgshaftige imago van Ubbi behoorlijk opgepoetst, als we er tenminste van uitgaan dat zij dezelfde aanvoerder bedoelden die in Engeland had huisgehouden. Dat is alleen expliciet het geval in Ragnarssona þáttr (Het verhaal van de zonen van Ragnar), waarin staat beschreven dat Ragnars zonen Yngvar and Husto, waarin we Ivar en Ubbi kunnen herkennen, koning Edmund hadden gedood.
Zoon van Ragnar Lodbrok
De Deense schrijver Saxo ‘de Geleerde’ bracht in zijn Geschiedenis van de Denen de Friese strijder Ubbi op geen enkele manier in verband met Engeland, maar noemde hem wel een zoon van Ragnar Lodbrok. Ubbi de Fries maakte samen met zijn Vikingbende Jutland onveilig, totdat hij door de Deense koning Harald Strijdtand gevangengenomen werd. Ubbi kon niet op normale wijze met wapens worden verslagen, maar moest vastgegrepen en gekneveld worden. Ondanks zijn vernederende gevangenneming trad hij in dienst bij Harald, die onder de indruk was van zijn onverschrokkenheid. Om van zijn trouw verzekerd te zijn, huwelijkte de koning zijn zuster aan Ubbi uit.
Daarna streed Ubbi aan de zijde van zijn Deense zwager tegen de Zweedse koning Hring tijdens de fameuze Slag van Brávellir. Saxo noemde Ubbi de beste van Haralds krijgers die de anderen in kracht overtrof. Hij viel de vijandelijke frontlinie aan en sprong pardoes tussen zijn vijanden in. Met formidabele slagkracht hakte hij in op de voorste gelederen van de Zweden en slachtte zijn tegenstanders in groten getale af.
We begonnen dit boek met een passage uit de IJslandse saga Fragment van de saga van enkele voormalige koningen, waarin dezelfde veldslag wordt beschreven. We zagen dat Ubbi in zijn eentje paniek zaaide en vele onverschrokken krijgers doodde. Hoewel zijn kracht onovertroffen was, zou het zijn laatste gevecht zijn. Nadat hij door twee dozijn pijlen in zijn borst werd geraakt, was het met hem gedaan.
Door de heen en weer gestuwde slagordes raakten ze van elkaar verwijderd, waardoor het tweegevecht ten einde kwam. Toen doodde Ubbi de krijger Agnar en hakte er, met beide armen bebloed tot aan zijn schouders, op los om zich voortdurend een weg te banen. En daarna viel hij de mannen van Telemarken aan. Toen ze hem zagen, zeiden ze dat ze niet langer een ander doelwit hoefden te zoeken. ‘In plaats daarvan zullen we al onze pijlen op Ubbi richten. Weinigen verwachten dat wij de overwinning zullen behalen, des te meer reden om te laten zien dat wij dappere mannen zijn.’
Hadd de Harde en Hroald de Teen, de beste schutters van de Telemarkers, begonnen hem te beschieten. Zij waren zulke goede boogschutters dat zij twee dozijn pijlen in zijn borst schoten. Zoveel waren er nodig voordat hij ter aarde stortte. Hij stierf door deze mannen, maar niet voordat hij nog zes krijgers had gedood en elf anderen ernstige verwondingen had toegebracht. En ook nog doodde hij zestien Zweden en Goten die in de frontlinie stonden.Naar: Fragment van de saga van enkele voormalige koningen
En zo zou de legendarische Ubbi, als immer dapper strijdend, door een regen van pijlen zijn omgekomen. Niemand waagde een direct gevecht met hem, voordat hij definitief door zijn knieën zakte en was neergestort. Saxo en andere auteurs lokaliseren het strijdtoneel nabij de baai van Bråviken bij het huidige Norrköping (Östergötland in Zweden) en dat is ook waar de Slag van Brávellir tegenwoordig door de meeste onderzoekers vermoed wordt.
Misschien kunnen we deze slag, die in de late achtste eeuw werd uitgevochten, associëren met een tekst op een runensteen die enkele decennia later honderd kilometer westelijker werd opgericht. Op deze bijna 2,5 meter hoge runensteen van Rök (Östergötland) worden twintig legendarische koningen genoemd die op het slagveld waren achtergebleven. Deze krijgsheren waren verdeeld over vier groepen van vijf koningen, steeds broers die dezelfde naam hadden.
Een raadselachtige tekst

Bij het Åsnenmeer in Småland (Zuid-Zweden) is een grafveld met een grafmonument in de vorm van een schip dat aan Ubbi wordt toegeschreven. Er is vroeger wel verondersteld dat de slag waar hij sneuvelde in de buurt van dit graf heeft plaatsgevonden en niet bijna 300 kilometer noordelijker in de baai van Bråviken. Daarmee hebben we naast twee veldslagen waarin Ubbi sneuvelde ook twee plaatsen waar hij begraven ligt. En zo is de eeuwige roem van Ubbi de Fries wel verzekerd.
Wat weten we eigenlijk over de Vikingen? (of dénken we te weten)
Invallen van de Vikingen (800-1000)
Ragnar Lodbrok: mythe en werkelijkheid achter de Vikinghoofdman
Rurik – Legendarische grondlegger van het Kievse Rijk
Het einde van Pictland, 795-900
Orkney: Picten, Vikingen en het christendom (?-1065)