‘Ze hebben ons bedrogen, ze hebben met ons gespeeld’

Oekraïne en het radicaliseringsproces van Poetin
6 minuten leestijd
Vladimir Poetin in 2017
Vladimir Poetin in 2017 (b - Kremlin.ru - wiki)

In het dit voorjaar verschenen boek Poetins tsaristische droom – geschiedenis als wapen in de Russische politiek onderzoeken Beatrice de Graaf en Niels Drost de vraag waarom de Russische leider Vladimir Poetin besloot Oekraïne binnen te vallen. Het antwoord lijkt eigenlijk glashelder: zie de titel van deze boekbespreking, die komt uit de toespraak die Poetin hield op 24 februari 2022, de ochtend van de invasie. Er klinkt woede, vernedering en rancune uit. De Graaf en Drost gaan echter stappen verder door na te gaan hoe die woede zich opbouwde en naar een kookpunt ging. Ze doen dat op basis van alle toespraken van Poetin sinds 2000, dus sinds zijn machtsovername.

Niet ten onrechte schrijven ze over hun ‘meerwaarde’ voor de analyse van die enorme waarom vraag, waarover al zoveel geschreven is. Ze kruipen in het hoofd van die ene machtige man. Ook kijken ze naar de andere partijen in het krachtenveld, bondgenoten, Oekraïne en vooral het Westen. De schrijvers willen Poetin begrijpen maar zijn geen Poetinversteher. Ze denken niet dat het allemaal ‘de schuld van het Westen is’, al erkennen ze dat er Westerse fouten zijn gemaakt. Die werken ze jammer genoeg niet uit.

Verder stellen ze dat Poetin ook andere keuzes had kunnen maken. Op de lastige vraag of hun bronnen echt de motieven van de Russische leiders blootleggen of hooguit pogingen om een snaar bij hun toehoorders te raken of rookgordijnen… daarover zeggen ze niet veel. Over hun onderzoeksmethode – hun documentanalyse op basis van een reeks relevante trefwoorden – zijn ze heel open.

Nieuw verhaal

De auteurs nemen elk hun eigen expertise mee. De Graaf is hoogleraar Geschiedenis van de Internationale Betrekkingen aan de Universiteit Utrecht. Ze schreef eerder een sterk boek over de rol van de STASI in de voormalige DDR (Over de muur) en een boek over terrorisme na 1815 (Tegen de Terreur). Mede-auteur Niels Drost is analist en Ruslandexpert bij Clingendael. Drost beheerst bovendien het Russisch, ook best handig bij het lezen van de bronnen.

Poetin in KGB-uniform, ca. 1980
Poetin in KGB-uniform, ca. 1980
In het boek gaan de tweee chronologisch te werk. Na de inleiding komt Poetins achtergrond aan de orde. Poetin wordt geboren in 1952 en groeit op in Leningrad. Als KGB’er komt hij in 1985 in Dresden terecht. Daar valt hij niet op bij zijn superieuren, al is hij wel de man die er na de val van de muur – in zijn eentje – in slaagt de KGB burelen te Dresden te beschermen tegen Oost-Duitse oppositionelen die belastende documenten in handen willen krijgen. Poetin waarschuwt hen dat hij, als ze verder lopen, opdracht zal geven het vuur te openen. Ze druipen af.

Terug in Rusland maakt Poetin vanuit Leningrad de chaotische jaren negentig mee, hij is zelfs nog een tijdje taxichauffeur, maar klimt op in het kielzog van de burgemeester van deze stad en daarna van Jeltsin, die hem in 1999 vraagt hem op te volgen. De verwachtingen in het Westen zijn laag, de nieuwe man zou de uitstraling hebben van een ‘gedoofde lantaarnpaal’, aldus een Nederlandse journalist. Poetin is echter een blijvertje met ideeën en methoden. Al in de jaren negentig licht hij een Duitse diplomaat in, dat na het ineenstorten van de Sovjet-Unie het ‘ideologische vacuüm’ gevuld moet worden, er is behoefte aan een nieuw verhaal en een missie voor Rusland. Het vizier kan alleen maar gericht zijn op herstel van ‘het grote Russische rijk’ zoals die in het verleden is gevormd. Poetin wil dus restauratie.

Avances

In de beschrijving van het ontstaan van dat nieuwe verhaal voor Rusland en de kernen daarvan – nationalisme, orthodoxie en autocratie – ligt de kracht van dit boek, daarover zo meer. Treurig is dat Poetin de eerste jaren van zijn ambtstermijn op zoek is naar erkenning door het Westen. Hij wijst op de Europese wortels van Rusland, de bijdrage aan de Europese cultuur, wat zou Europa zijn zonder Russische schrijvers en componisten? Rusland telt mee, zie dat toch in! In 2000 zegt Poetin: lid worden van de NAVO, waarom niet? Maar al vroeg voel je ook teleurstelling en wrevel, emoties die uiteindelijk omslaan in wrok en woede.

Achtergronden zijn opstanden in landen rondom (waaronder Georgië), periodieke demonstraties tegen zijn regering en de toetreding van Oost-Europese landen tot EU en NAVO. Het Westen sluipt naderbij, maar had toch beloofd dat niet te doen, vraagt Poetin. Het verweer van het Westen is dat die belofte ooit alleen voor het grondgebied van de DDR is gedaan. Als soevereine naties die hun eigen keuzes maken, beslissen de Oost-Europeanen dus zelf. De tijd van de invloedssferen is voorbij. Kortom, Poetin loopt een blauwtje, het Westen is ongevoelig voor zijn avances.

Goede tsaren

Omslag van het Britse weekblad The Economist uit oktober 2017, waarop Vladimir Poetin wordt neergezet als een nieuwe tsaar.
Omslag van het Britse weekblad The Economist uit oktober 2017, waarop Vladimir Poetin wordt neergezet als een nieuwe tsaar.
Hoe komt dat eigen verhaal tot stand? Poetin duikt de Russische geschiedenis in om voorbeelden te vinden van goede tsaren, zoals Alexander I, die Europa bevrijdde van Napoleon, Peter en Catharina de Grote, die daarvoor al Rusland groot maakten. Bij hen moet Rusland weer aanknopen. Een andere les is dat Rusland interne onrust moet voorkomen want daar kan alleen maar ellende van komen. Lenin die in 1917 onder Duitse bescherming per trein vanuit Zwitserland naar Rusland is gebracht, is er het ultieme voorbeeld van.

Een ander thema is herstel van de orthodoxie. De Russische Orthodoxe Kerk was door Stalin zo ongeveer van de kaart geveegd, maar keerde in bescheiden vorm daarna terug. Poetin vertelde graag dat zijn moeder hem stiekem had laten dopen, wat zijn vader – partijlid – officieel niet mocht weten. Ook was hij ‘teruggekeerd’ tot de kerk en droeg hij op reizen een Bijbeltje bij zich. Net als voor 1917 moeten kerk en staat elkaars geluid als in een symfonie ondersteunen. Poetin zet in het nieuwe verhaal dus een icoon op zijn berenmuts.

Geleidelijk aan radicaliseert Poetin en worden zijn uitlatingen steeds scherper. Het Westen knaagt aan zijn grenzen en heeft zijn oog gericht op Slavisch hartland, namelijk Oekraïne. Poetin onderscheidt Groot-, Klein- en Witrussen en ziet hen als drie loten aan een stam, in essentie zijn ze hetzelfde volk. Als het in 2013 mislukt om Oekraïne terug te voeren onder Moskouse paraplu en de Maidan revolte uitbreekt, volgen op de woorden daden. Poetin neemt de Krim in, eist de Donbass op en laat eind 2021 zijn leger oprukken langs de grenzen van Oekraïne, liegend dat het onzin is dat hij gaat aanvallen. Vrijwel niemand ziet het aankomen.

Geschiedenis als wapen

De geschiedenis is dus een wapen, dat Poetin inzet om keuzes te onderbouwen en steun te werven. Zijn andere wapen is zijn, overigens breed gedeelde geloof in de uitverkorenheid van de orthodoxie van de Russische kerk. Een derde wapen is die van het slachtofferschap van Rusland en het uitblijven van reflectie op hoe kleinere buurvolken Rusland in een nabij verleden hebben ervaren. Een vierde zondebok is de vermeende vijandigheid van het Westen, dat op de ondergang van Rusland gericht zou zijn.

Poetins tsaristische droom
 
Dat gevoel van vernedering en wrok uit zich ook in buitenlandse acties. In het zevende hoofdstuk komt de ondermijning in het buitenland aan de orde: sabotage van kabels op de zeebodem, onbekende drones die dreigend over vliegvelden scheren, nepnieuws en desinformatie die de publieke opinie chaotiseren en de stabiliteit ondermijnen. Hoe ver zal Poetin gaan? Jammer is dat dit hoofdstuk ontsierd wordt door academischer taalgebruik, Engelse constructies en een haperende schrijfstijl. De term ‘active measures’ (ondermijningsacties) blijft meestal onvertaald en staat soms met, vaker zonder aanhalingstekens. Irritant voor een publieksboek en onnodig.

Bunkermentaliteit

Maar over het algemeen is dit een boeiend maar genuanceerd boek. Poetins tsaristische droom levert spannend proza op, vooral in de slothoofdstukken als de radicalisering leidt tot fantasieën over een nucleaire eindstrijd, martelaren en een te winnen paradijs. De uitlatingen – niet van Poetin, maar wel in het Russische parlement – wijzen op een bunkermentaliteit, die ontstaat nu Oekraïne zich niet gewonnen geeft en de offers groter en groter worden.

Ook in dit boek geen nieuwe, unieke inzichten over hoe dit allemaal gaat aflopen. Wel een mooi gedetailleerd en grotendeels goed geschreven overzicht van hoe het allemaal gekomen is. Meer dan dat kunnen we van historici ook niet vragen.

×