Na ruim tien jaar hoogoplopende debatten en protesten is de zwartepietendiscussie gaan liggen. Maar volgens cultuurhistoricus Hanneke Nap is het een kwestie van tijd totdat de Sint en zijn pieterknechten opnieuw onder druk komen te staan. ‘Sinterklaas is al tweehonderd jaar een belangrijke barometer voor spanningen en een aanjager van maatschappelijke vernieuwing. Dat zal altijd zo blijven.’
Op vrijdag 5 december 2025 promoveert Nap aan de Open Universiteit op haar proefschrift ‘Appeltjes van Oranje’. Over hoe een kinderfeest kon uitgroeien tot een nationaal ritueel dat zowel verbindt als discussie oproept over wat we belangrijk vinden. Als ouders, als familie, maar ook als inwoners van Nederland.
‘Onschuldig kinderfeestje? Zeker niet’
‘Onschuldig kinderfeestje? Dat dus zeker niet,’ lacht Hanneke Nap, die als domineesdochter opgroeide in een gereformeerd gezin. Ze geloofde niet in Sinterklaas; haar moeder vond sprookjes maar onzin. ‘Verder geen trauma hoor. We hadden gewoon pakjesavond, en als ik de Sint op school zag, vond ik dat net zo spannend als elk ander kind.’
Niet haar jeugd, maar de hevige pietenprotesten vormden de trigger voor haar onderzoek. In 2016, tijdens verhitte discussies rond de intocht in Maassluis, hielp ze bij de inrichting van een tentoonstelling over de geschiedenis van het feest. ‘Daar vond ik zoveel interessante bronnen en persoonlijke dagboeken dat ik dacht: wauw, hier valt méér uit te halen! Ik wilde begrijpen hoe mensen toen dachten over Sinterklaas en wat wij daarvan kunnen leren.’
Eén Sinterklaas voor nationaal wij-gevoel
Het promotieonderzoek richt zich op Sinterklaas en natievorming in de negentiende eeuw. Een cruciale periode waarin talloze gedaanten van de Sint uiteindelijk versmolten tot die ene figuur waarin alle Nederlanders zich als land en volk herkenden: de deftige bisschop die per stoomboot, samen met zijn, toen nog zwarte knecht, uit Spanje kwam varen.

Zo kregen katholieke sinterklaasfeesten religieuze accenten. Bij liberalen was liefdadigheid belangrijk, en zij voegden nationale symbolen toe, zoals de Nederlandse vlag. Orthodox-protestanten vierden het sober in huiselijke kring, terwijl socialisten strijdliederen zongen voor meer gelijkheid in plaats van liefdadigheid.
Lugubere surprise
Via artikelen in kranten en tijdschriften werden ook felle discussies over de betekenis en waarden van het feest gevoerd. Nap stuitte op een gewelddadig incident tijdens pakjesavond in 1888. De burgemeester van Amsterdam en twee hoge ambtenaren ontvingen een nogal lugubere, explosieve surprise. Vermoedelijk als protest uit socialistische hoek voor meer gelijkheid. ‘De bommen werden gelukkig tijdig onschadelijk gemaakt’, aldus Nap. ‘Het verraste mij hoe heftig het eraan toeging. En het plaatst de recente pietendemonstraties in perspectief: emoties rond dit feest lopen al eeuwen hoog op.’

Zwarte Piet: toen verbindend
Het was kinderboekenschrijver en dichter Jan Schenkman die midden negentiende eeuw voor het eerst een zwarte knecht afbeeldde. Niet lang daarna werd de afschaffing van slavernij gesprek van de dag. De ‘Zwarte Piet’ van Schenkman was getekend als bediende, niet als slaaf. Nap: ‘Dat sprak aan omdat hij zo aansloot bij verschillende, soms tegenstrijdige zelfbeelden: Nederland als koloniaal rijk met een heldhaftige zeevaartgeschiedenis, maar ook als christelijk land dat zich ontfermt over de koloniale bevolking uit schuldgevoel. Terwijl Zwarte Piet in de eenentwintigste eeuw groepen uit elkaar zou gaan drijven, vervulde hij in de negentiende eeuw dus juist een verbindende functie.’
Hulp bij opvoeding
De promovendus benadrukt dat het feest in de negentiende eeuw ook al een opvoedkundige dimensie had. ‘Hoe ga je met kinderen om? Mag je ze bang maken met de roe? Dingen op de mouw spelden? Verwennen? Denk ook aan de functie van het gedicht, of de brief van Sinterklaas, waarin ouders kinderen complimenteren of juist plagend aansporen om beter hun best te doen. Sinterklaas opende het gesprek over wat men belangrijk vond. Dat kon gaan over opvoeding, maar ook over maatschappelijke thema’s. Dat is niet veranderd.’
Gevoeligheden blijven
De tot rust gekomen pietendiscussie past volgens Nap dan ook in een brede historische lijn. Altijd al botsten groepen over de betekenis van het feest en werden zorgen over identiteit, ongelijkheid en macht op Sinterklaas geprojecteerd. ‘Het feest is en blijft een barometer van maatschappelijke druk,’ stelt Nap. ‘Confrontatie daarover is, tot zekere hoogte, niet erg. Daardoor kan de verbeelding van de Sint en zijn pieten zich steeds vernieuwen en uiteindelijk weer verbinden. Die gedeelde verbeeldingskracht is een prachtig smeermiddel en nodig om ons één te voelen als land.’
Geschiedenis van de Zwarte Piet-kritiek
De geschiedenis van Sinterklaas
Toch Sinterklaasfeest voor kinderen zwaar getroffen Putten (1945)
De Sinterklaasdiscussie van de 19e eeuw: ‘Is het feest heidens of christelijk?’
Sinterklaas, feest van gulle gaven
De ontwikkeling van Zwarte Piet