Controverse rond ‘Buchenwaldhek’ van Studio Job

7 minuten leestijd
Het ontwerp voor het hek, getoond bij DWDD
Het ontwerp voor het hek, getoond bij DWDD

Eind 2011 ontstond commotie over een hekwerk dat ontwerpersduo Studio Job had ontworpen voor een particuliere opdrachtgever. In een uitzending van De Wereld Draait Door werden schetsen getoond van het kunstwerk, dat onder meer verwees naar concentratiekampen uit de Tweede Wereldoorlog.

Ontwerp van het hek zoals dat bij DWDD besproken werd
De beelden en toelichting leidden tot verontwaardiging bij onder meer het CIDI. Uiteindelijk werd besloten het ontwerp aan te passen en werd de bouw gestaakt. Opdrachtgever Jack Bakker zag begin 2012 definitief af van plaatsing van het hek.

Achtergrond

Studio Job, gevormd door Job Smeets en Nynke Tynagel, is een bekend kunst- en designcollectief uit Antwerpen dat regelmatig opvalt met expressief en symbolisch werk. In 2008 ontwierp het duo op verzoek van een particuliere verzamelaar een hekwerk dat aan de rand van een landgoed in Bentveld (gemeente Zandvoort) geplaatst zou worden. Het hek was bedoeld als kunstobject met een sculpturale functie.

Op 6 december 2011 waren Smeets en Tynagel te gast bij het televisieprogramma De Wereld Draait Door. Tijdens de uitzending werden beelden getoond van het hek, waarop onder meer schoorstenen, prikkeldraad en de tekst Suum cuique (Latijn voor “ieder het zijne”) te zien waren. Deze elementen riepen bij velen associaties op met de toegangspoort van het voormalige concentratiekamp Buchenwald. Daarnaast werd in de uitzending vermeld dat de twee een tafelkleedje met ‘concentratiekamp-motief’ hadden ontwikkeld

De toegangspoort van concentratiekamp Buchenwald
De uitzending leidde tot verontwaardiging, onder meer vanwege het ontbreken van een duidelijke toelichting op het ontwerp voor wat al snel bekend kwam te staan als het ‘Buchenwald-hek’. Zowel in de media als op sociale platforms ontstond een brede discussie. Op 7 december keerde Job Smeets terug in de uitzending om nader op de kritiek in te gaan. Hij gaf aan dat het ontwerp bewust confronterend was bedoeld en verwees naar de functie van hekwerken als symbolen van uitsluiting en onderdrukking.

Reactie van Studio Job

Studio Job publiceerde later een uitgebreide schriftelijke reactie (zie hieronder) waarin werd uitgelegd dat het ontwerp onderdeel was van een bredere reflectie op de rol van hekwerken in de geschiedenis. Volgens de ontwerpers waren referenties aan concentratiekampen niet bedoeld om te choqueren, maar om universele thema’s als angst, uitsluiting en maatschappelijke begrenzing aan te kaarten. Ze verwezen ook naar andere historische contexten, zoals Guantanamo Bay en de kampen in voormalig Joegoslavië.

Gemeentelijke beoordeling en protest

Ontwerp van het hek volgens de vergunning
De gemeente Zandvoort had het kunstwerk eerder dat jaar vergund, maar zonder expliciete vermelding van de controversiële symboliek. Na de uitzending bezochten burgemeester en wethouder het terrein. Volgens de gemeente kwamen de televisiebeelden niet overeen met het vergunde ontwerp, dat volgens hen “niet aanstootgevend” was. Het CIDI (Centrum Informatie en Documentatie Israël) riep echter op tot een bouwstop en sprak van “uitermate smakeloos” gebruik van Holocaustsymboliek.

Begin januari 2012 maakten de ontwerpers bekend dat het hek zou worden aangepast. Enkele weken later, op 2 februari, liet opdrachtgever Jack Bakker weten definitief af te zien van plaatsing van het hekwerk. Hij verklaarde dat het ontwerp te zeer was gaan staan voor iets wat hij niet had beoogd. Zijn beslissing volgde kort na een krantenartikel waarin werd vermeld dat zijn grootvader tijdens de Tweede Wereldoorlog zou hebben gecollaboreerd.

Twee jaar na dato namen de mannen van De Snijtafel de tweede uitzending van DWDD onder de loep en plaatsten kanttekeningen bij de felle kritiek die de kunstenaars ten deel viel

Volgens de mannen van De Snijtafel was Job Smeets destijds eigenlijk de enige die met steekhoudende argumenten kwam. Die conclusie was best opvallend want tijdens de uitzending zelf kon Smeets niet op enig begrip rekenen. Hij werd vooral aangesproken als iemand die op een goedkope manier het taboe van de Holocaust gebruikte om te scoren.

Commentaar Studio Job

Onderstaande mail ontving de redactie van Historiek december 2011 van Job Smeets, naar aanleiding van berichtgeving op de site.

Beste lezer,

Het optreden van Studio Job op DWDD op 6 en 7 december heeft opschudding veroorzaakt. De laatste week werden wij overspoeld met uiteenlopende reacties. Het blijkt dat er behoefte bestaat om meer uitleg van onze kant. Wij kregen daarvoor nauwelijks gelegenheid in het programma. Vandaar deze brief.

DWDD is een populaire Nederlandse TV talkshow waar dagelijks miljoenen mensen naar kijken. Het is een Live programma. Wij werden uitgenodigd om over ons werk in het algemeen te praten. Ter voorbereiding heeft Studio Job aan de redactie van het programma een overzicht gestuurd met meer dan 500 werken die wij de afgelopen jaren gemaakt hebben. Tijdens de uitzending werden Nynke en ik verrast door de keuze van DWDD om vooral nadruk te leggen op twee ontwerpen uit 2008 en 2009: een poort/ hekwerk voor een privéverzamelaar en een tafelkleed voor de Studio Job Lounge in het Groninger Museum.

Deze werken zijn controversieel vanwege hun verwijzing en iconografie. Zij verwijzen onder andere naar de holocaust periode. Zonder twijfel de meest vreselijke, afschuwelijke en angstaanjagende periode uit de recente geschiedenis van Europa.

Het tafelkleed: de motivatie voor een ontwerp is nooit eenzijdig maar altijd een verzameling van redenen. In dit geval was de aanleiding een ‘beeldend’ dialoog tussen Studio Job en het Groninger Museum. In de periode 2003 – 2010 werkten wij aan de opdracht om, in het hart van het museum, een autonome, expressieve maar functionele VIP lounge te ontwerpen. Het werd een surreëel ‘Gesamtwerk’ waarin niets lijkt wat het is.

De fontein is een lekkende kraan, de vloer is een doolhof, de wanden zijn van papier maché, de gordijnen zijn geprint, de pilaar blijkt een verroeste rioolbuis, de neogotische stoelen zijn van plastic en het smetteloze damasten tafelkleed kleedje droeg -oorspronkelijk- een controversieel patroon.

Ik verwees met dit kleed naar de overzichtstentoonstelling van Jake en Dinos Chapman in het museum (2002-2003). Met name doelde ik op het gruwelijke en wereldberoemde werk ‘Hell’ dat bestaat uit een aantal grote vitrines/ maquettes waarin zich, op de holocaust geïnspireerde, bloedige, pornografische, angstaanjagende scènes uit concentratiekampen, martelkamers en slagvelden afspelen.

Ik wilde toetsen of het geaccepteerd is om in een sculpturale maar functionele context dezelfde thematieken te bespreken als in de museumzaal ca. 20 meter verderop en onder hetzelfde dak. Hiermee lokte ik de discussie uit over de positie van design ten opzichte van kunst. De directie en curatoren waren unaniem dat het voor een designer niet gepast is om deze uitgesproken iconografie te gebruiken in een museumlounge. Terwijl dit thema voor kunstenaars in de museumzaal wel toegestaan was (door dezelfde directie en curatoren beoordeelt). Zoals gezegd ging het ons vooral om het dialoog en naar aanleiding van het negatieve advies van het museum hebben wij een ‘gekuiste’ versie van het tafelkleed geproduceerd. Dat kleed doet nu dienst in de Studio Job Lounge.

Hekwerk:

In 2008 werden wij door een belangrijke verzamelaar benaderd om een sculpturale en semi-functioneel ‘afsluiting/afrastering/hekwerk’ te ontwerpen dat een aantal meters van de erfgrens van een groot landgoed geplaatst zou worden: aan het einde van een doodlopende privaat weg.

Hierop hebben wij de fundamentele vraag gesteld over de functie en positie van ‘de afrastering’. In basis is een afrastering altijd ‘lelijk’, hoe positief je het ook benaderd… Het is een object dat mensen (en dieren) opsluit of juist buiten sluit. Het is een object dat je moet beschermen voor vreemden of indringers. Het is een object dat verdeelt, indeelt en gebieden afbakent. Dat zijn feiten die je moet accepteren en tevens de handvaten die je meekrijgt als je zo’n opdracht aanvaardt. In ons werk zoeken wij, zonder censuur, naar het meest doeltreffende ‘archetype’ of ‘ikoon’. Het ikoon dat past binnen de opdracht maar ook binnen het oeuvre. Soms wordt het archetype vergroot en gedramatiseerd….zodat zelfs een extreem thema als ‘bijna’ cartoon, karikatuur of persiflage aansluit bij het handschrift.

Wij zochten naar het ‘perfecte’ ikoon om de gestelde opdracht zo duidelijk mogelijk te duiden zonder de beladenheid die het thema met zich meebrengt te verhullen.

Je ontkomt dan niet aan de hekwerken en afrasteringen die rondom kampen en gevangenissen wereldwijd geplaatst zijn. Deze zijn daar om de vrijheid van haar bewoners te beperken. Vaak om het kwaad uit de maatschappij te filteren maar in een ander geval om bevolkingsgroepen te onderdrukken en zelfs pragmatisch uit te roeien. Wij kennen deze beelden allemaal: zij zijn onderdeel van de donkerste kant van ons collectieve geheugen.

Guantanamo Bay, de Jappen kampen, kampen in Bosnië en natuurlijk de concentratie kampen uit de tweede wereldoorlog zijn stoffelijk geworden schrikbeelden. Zij zijn de tragische bewijzen van waartoe de samenleving in staat blijkt.

In ons werk registreren en verbeelden wij alle facetten en thematieken die wij in het (dagelijks) leven tegen komen. Soms heel persoonlijk of klein, soms groot en van een afstand. De liefde, schoonheid, herinnering maar ook de angst, gevaar en manipulatie kleuren onze omgeving en dus ook ons werk.

Studio Job gaat in eerste instantie niet over het oplossen van problemen of om het mooier maken van de omgeving. Wij registreren, interpreteren en verbeelden.

Het is de taak van kunstenaar of ontwerper om de horizon te verbreden. Iedereen doet dat op eigen wijze. Je probeert een bepaalde problematiek, stelling of gedachtengoed te deponeren. Het taboe of dogma te doorbreken. De iconografie rondom de holocaust is krachtig, confronterend en bij iedereen bekend. Zoals ik aangaf zijn er binnen een werk veel ideeën die simultaan ontwikkeld kunnen zijn of zelfs los van elkaar kunnen bewegen. Zo ook in de werken die naar aanleiding van het programma in opspraak kwamen.

Buiten de reden als functioneel tafelkleed en de positie van dit werk binnen een museale omgeving. Buiten de context van een confronterend hekwerk dat iets fundamenteels raakt over onze maatschappelijke beperkingen, staan deze twee werken, binnen een oeuvre van honderden werken, ook voor de persoonlijke, intieme uiting van angst. De angst voor herhaling…..

Opdat we nooit vergeten hoe hoog de prijs was die onze voorouders betaalden voor de vrijheid die wij als vanzelfsprekend ervaren maar die vaak in gedrang komt.

Het was de keuze van de DWDD om deze twee werken zo te isoleren om daarmee een bepaalde sfeer te creëren. Daarom waren Nynke en ik niet bereid om voor de ogen van miljoenen toeschouwers en tussen een stemmig publiek, een extreem gevoelig onderwerp als de holocaust te bespreken.

Het is nooit onze opzet geweest om mensen te kwetsen. Wij hopen dan ook dat eventuele overlevenden van de holocaust de werken in het juiste licht zien.

Job Smeets, december 2011, Antwerpen

×