Ondanks de wat obligate titel is het nieuwe boek van Michel Krielaars erg mooi geworden. In ruim driehonderd bladzijden zet de voormalige Rusland-correspondent, NRC redacteur, historicus en slavist uiteen wat dit enorme land, dat hem al zolang bezig houdt, typeert. Waar komt toch de drang van de Russische leiders vandaan om “iedere mate van vooruitgang desnoods met extreem veel geweld tegen te houden ten behoeve van machtsbehoud?”
Rode draad is een vaarreis over de 3500 kilometer lange rivier de Wolga. Het is een ideale kapstok om de geschiedenis van dit gemankeerde, mateloze en soms maniakale land aan op te hangen. Zijn conclusie: eigenlijk is er weinig veranderd in Rusland. Dat wat Rusland zo tragisch maakt bestond vroeger al en is er nog altijd. Dat is geen erg verrassende conclusie, heel wat bezoekers voor hem vonden dat ook. Maar Krielaars weet dat verhaal overtuigend en boeiend te vertellen.
Raskolnikov

Krielaars ziet in de schuimbekkende monnik een Raskolnikov, een hysterisch personage uit Misdaad en Straf, het beroemde boek van een van Ruslands grootste schrijvers, Fjodor Dostojewski. Voor de auteur gingen diens verhalen pas leven, toen hij in Rusland ging wonen: hij herkende ze. Dat is ook wat zo aantrekt in Rusland.
Juist die combinatie van de boeken van grote schrijvers zoals Dostojewski, Tsjechov en Tolstoj, en de wrede, soms absurdistische, ofwel tragische geschiedenis van het land heeft me altijd in Rusland aangetrokken. (12)
Dat is ook precies wat de lezer kan verwachten: talloze dichters en denkers komen langs tegen de achtergrond van een bloedige en bizarre geschiedenis. Reisverslag en cultuurgeschiedenis ineen, waarbij het eerste soms wat onder dreigt te sneeuwen.
Wolga
De Wolga voert de reizigers van Jaroslavl ten noorden van Moskou naar steden als Nizjni Novgorod, Kazan, Samara, Saratov en Wolgograd, dat Historiek-lezers vermoedelijk beter kennen als ‘Stalingrad’. De slag bij Stalingrad, keerpunt in de Tweede Wereldoorlog, krijgt een bescheiden plek in dit verhaal, maar de oorlog blijft voor de Russen prisma op de wereld.
Met 27 miljoen slachtoffers trekt de Tweede Wereldoorlog tot op de dag van vandaag sporen in de Russische samenleving. Daarvoor hoeft het Poetin-regiem alleen maar het verhaal van de fascistische dreiging door het Westen uit de propagandakast te halen om zich van de steun van een groot deel van het Russische volk te verzekeren. (298)
Het is een van de subthema’s uit het boek, Poetin krijgt meer steun van Russen, dan ons lief is. Nou ja, er is ook geen alternatief, kritiek is enkele reis verbanning of erger.
De Wolga staat voor Rusland, dat ook klein begon maar nu het grootste land ter wereld is. Krielaars verknoopt eigen waarnemingen onderweg aan wat schrijvers, dichters en kunstenaars eeuwen eerder vastlegden. Het boek is zo een beetje een mix van de handboeken van Jan Willem Bezemer (historicus) en Karel van ’t Reve (literatuurgeschiedenis). De lezer moet het wel doen zonder de steun van de chronologie en prikt nu eens een vorkje met tsaar Nicolaas II, dan weer met Ivan de Verschrikkelijke of Gorbatsjov. Bekende tegenstellingen beheersen het verhaal: die tussen Slavofielen en westerlingen, tussen hervormers en revolutionairen, volk en elite, kerk en staat, de dodelijke dranklust. Maar er komen ook nieuwe aspecten naar voren, zoals de vele onbekende steden en dorpen langs de Wolga, toch ook een beetje het hartland van Rusland.

Jaroslavl
Langs de Wolga schemert de negentiende eeuw nog door. Neem de stad Jaroslavl, op 250 kilometer ten noordoosten van Moskou, ruim 800 kilometer van de bron.
Als je wilt weten hoe Rusland er voor de revolutie van 1917 uitzag, moet je zeker naar Jaroslavl gaan… Ik ken geen stad die zo goed de sfeer van vroeger weergeeft en die zelfs onder het repressieve bewind van Vladimir Poetin iets van zijn liberale karakter heeft weten te behouden. Ongetwijfeld komt dat door zijn rijke koopmansverleden…
Krielaars citeert graag zijn negentiende-eeuwse reisgids, een Baedeker, die wijst op de ‘schilderachtige ligging van de stad aan de rivier die hier bijna 700 meter breed is’. (112) Of verwijst naar lievelingsauteur Anton Tsjechov die de schoonheid van de stad ontdekte. ‘Weilanden, zon beschenen kloosters, witte kerken; heerlijk weids land; waar je ook kijkt, overal wil je gaan zitten en je vishengel uitwerpen’. … En dan gaat het verhaal verder met grootvorst Jaroslavl de Wijze, die in 1010 in deze uithoek deze handelspost stichtte.
Ander voorbeeld: de stad Rybinsk kenmerkt zich door ‘welvaart en levendigheid’. De grandioze schilder Ilja Repin schilderde op zijn ‘Wolgaslepers’ de mannen die niet vanaf de wal, maar staande op een zandbank in de rivier maar ook vaak in het water, de Wolgaschepen vooruit moesten slepen. Nicolaj Nekrasov, topauteur uit de jaren 1860, verheerlijkte de Wolga als ‘Moeder van Rusland’ maar sprak ook over de ‘rivier van slavernij’. Smart en schoonheid, pijn en trots komen samen, in wat je, aldus Krielaars, kunt zien als ‘symbool voor alles wat Rusland is’: lijden aan een onverdraaglijk onveranderlijke werkelijkheid.

Poort van Azië
Er komt veel aan de orde in dit boek. De Europese immigranten die vanaf Peter de Grote kwamen helpen om het land te moderniseren, daaronder Nederlandse zeelieden en officieren. Wat later in de tijd tienduizenden Duitsers die naar de Wolga emigreerden, gelokt met goedkope grond en voordelen door hun machtige landgenote, tsarina Katharina de Grote. De Wolgaduitsers woonden vooral in de buurt van Saratov. Hun mentaliteit, ingetogenheid en werklust wekten bewondering en lachlust. Hun lot was bezegeld toen de nazi’s in 1941de Sovjet Unie binnenvielen en een afgrijselijke vernietigingsoorlog begonnen. Minder bekend is het multiculturele Rusland: aan de linkeroever van de Wolga wonen Tataren, Tsjoevasen en vele andere volken, waarover we zelden horen. Hier lonkt de ‘poort naar Azië’.

Misschien komt dat reisverslag zelf ook minder tot leven omdat de geschiedenis van Rusland zo zwaar op de maag ligt. Wat heeft de Russische bevolking geleden onder al die oorlogen en tirannie! Krielaars noemt de enorme aantallen slachtoffers telkens weer, de 27 miljoen in WOII, de 15 miljoen onder Stalin, ook al proberen anderen hem – aldus het nawoord – te behoeden voor ‘een al te gewelddadig geschiedverhaal’. Van dit beklemmend mooie boek wordt je net als de schrijver wel een beetje somber.
De Grote Terreur van Stalin door de ogen van twee schrijvers
Poetins Groot Russische, Slavisch-orthodoxe, Sovjetnostalgische patriottisme
De verloren heimat aan de Wolga
100 jaar Russische Jazz: cultuur als politiek middel?Blijf op de hoogte van nieuwe artikelen
Oorlogsmuseum in Minsk: onvoltooid verleden
Vier eeuwen China en Rusland: vrienden, rivalen of vijanden?