Voor Nederlanders is het vanzelfsprekend: Filips II was geen fijne koning en daarom wilden we zonder hem verder. Reden voor de Tachtigjarige Oorlog en het begin van de Republiek der Nederlanden, voorloper van het huidige Nederland. Pas sinds kort is er meer oog voor het lot van inwoners van de Republiek die in deze periode rooms-katholiek bleven. Die waren tot de Grondwet van Thorbecke tweederangsburgers, die hun geloof niet in het openbaar mochten belijden.

Kroniek van de ganse wereld
Waarschijnlijk zegt de naam Van Meerbeeck u niks. Begrijpelijk, want zijn naam is tegenwoordig hooguit bekend onder historici die zich bezighouden met de Nederlanden in de zeventiende eeuw. Maar in die eeuw werd hij een bekende naam door zijn geschiedenisboek, Kroniek van de ganse wereld, in het bijzonder van de zeventien Nederlanden (1620). Daarin besprak hij de geschiedenis van 1500 tot 1620.
Met nadruk op de Nederlanden, maar de gebeurtenissen in de rest van de wereld behandelde hij eveneens. Voor Adriaan maakten de Nederlanders deel uit van het rijk van de Spaanse Habsburgers, indertijd een wereldrijk. Deze bespreking beperkt zich tot de Nederlanden.
Van Meerbeeck bracht zijn boek niet in uit het academische Latijn, maar in de gesproken taal. Vergelijk hem met Geert Mak of Bart Van Loo: geen academisch historicus, maar schrijver voor het brede publiek.
Voor auteurs uit de Republiek van de zeventiende eeuw en historici uit het Nederland van de negentiende eeuw was de Opstand tegen Filips II een goede zaak. De Spaanse vorst had geen respect voor het plaatselijke zelfbestuur en vervolgde protestanten. Van Meerbeeck bleef katholiek en trouw aan het Spaans-Habsburgse gezag. Dit zal hem niet geliefd hebben gemaakt bij Noord-Nederlandse protestantse historici. Al werkte hij dit zelf in de hand, door nadrukkelijk stelling te nemen tegen tijdgenoot Emanuel van Meteren.
Leven en tijd
Het boek van De Ridder en Van Meerbeeck bespreekt de periode van 1517 tot 1625. Het handelt grotendeels om de periode waarin Adriaan leefde, maar gaat ook in op de opkomst van het protestantisme en de politieke ontwikkelingen die voorafgaan aan de Tachtigjarige Oorlog.
De auteurs noteren dat het lastig inschatten is of Adriaan alles meende wat hij schreef. Nadat Antwerpen in 1585 in Spaanse handen viel, begon de facto een verdeling van de Nederlanden in een noordelijk protestants deel en een zuidelijk katholiek: de Republiek en de Spaanse Nederlanden. Vanaf 1585 hadden protestantse zuiderlingen de keus tussen het protestantisme afzweren of naar het noorden verhuizen.
Er is geen reden om aan te nemen dat Adriaan niet oprecht katholiek was. In de zuidelijke Nederlanden was het na 1585 echter wel noodzakelijk om in publicaties trouw aan de Habsburgers en hun landvoogden te betuigen. Adriaan moest schrijven wat geldschieters en autoriteiten wilden horen. Omgekeerd verschafte zijn boek hem toegang tot de toenmalige Zuid-Nederlandse intellectuele en bestuurlijke elite.

Al kan het zijn dat de auteur de protestantse opstand oprecht betreurde. Adriaan van Meerbeeck groeide op in Antwerpen. Hij was zes toen daar in 1566 de Beeldenstorm plaatsvond. Een jaar later begon de Opstand, in zijn ogen een burgeroorlog. Als zestienjarige maakte hij vervolgens de Spaanse Furie mee: Spaanse soldaten die Antwerpen in 1576 plunderden en in brand staken. In 1585 werd de stad definitief heroverd door Spanje, economisch nadelig voor de sinjorenstad. Adriaan zal niet uit luxe zijn stad verlaten hebben om elders leraar te worden. De wereld waarin hij opgroeide, hield door de protestantse rebellie op te bestaan.
Albrecht en Isabella
Adriaan vermeldt dingen waar weinig Nederlanders bij stil zullen staan. Bijvoorbeeld dat Willem van Oranje, tot aan de komst van Alva, bestuurde vanuit Antwerpen. Hij was daar burggraaf, reden waarom de Oranjes nog steeds bij staatsbezoeken aan België ook de Scheldestad aandoen. Diens oudste zoon, Filips Willem, was bij het uitbreken van de opstand student in Leuven en werd naar Spanje ontvoerd. Volgens Adriaan bleef hij, in tegenstelling tot zijn vader, trouw aan de Spaanse koning. Vermoedelijk was dit in werkelijkheid vooral overlevingsdrang.
Nederlanders weten weinig van België. In de bekende historische stripreeks Van nul tot nu staat dat Filips II de zuidelijke Nederlanden als huwelijkscadeau aan zijn dochter schonk, die trouwde met een Oostenrijker. Wie het Suske en Wiske-verhaal De raap van Rubens las, maakte daarin kennis met aartshertog Albrecht en diens echtgenote Isabella. Wie geen strips leest, weet zelfs dat niet.

Dit boek vermeldt wat Belgische kinderen op school leren maar Nederlanders zelfs in Suske en Wiske (die, als ze naar het verleden reizen, altijd op hand van de geuzen zijn) niet te weten komen. Het huwelijk tussen de Spaanse Habsburgse prinses en haar Oostenrijkse Habsburgse neef was bedoeld om naast de Spaanse en de Oostenrijkse Habsburgers ook een Nederlandse tak te beginnen.
Aartshertog Albrecht was daarvoor geschikt, in de zin dat hij verzoenender was dan zijn oom Filips, al was dat voor de Republiek geen reden om hem te erkennen. Albrecht heroverde in 1604 Oostende, het laatste protestantse bolwerk in de zuidelijke Nederlanden. In tegenstelling tot eerdere landvoogden nam hij de zuidelijke Nederlanders voor zich in. De bevolking was oorlogsmoe, Albrecht sloot in 1609 het Twaalfjarig Bestand. Hij en Isabella stimuleerden ook kunsten. Rubens profiteerde daarvan. En Adriaan ook, gezien de publicatie van zijn boek.
Filips had alleen laten vastleggen dat als het echtpaar kinderloos stierf, de Nederlanden weer onder Spaanse troon zouden vallen. Hetgeen geschiedde. Pas in 1830 werd België voor het eerst soeverein.
Weinig bekend
Coauteur Joost Van Meerbeeck wilde zijn verre voorvader aan de vergetelheid ontrukken. Daarin zijn hij en De Ridder maar gedeeltelijk geslaagd, want ondanks archiefonderzoek valt weinig met zekerheid te zeggen over het leven van Adriaan. Het zal niet geholpen hebben dat Adriaan geen tweede succesvolle publicatie op zijn naam heeft staan. Een tweede boek, Mercurius, verscheen in 1625, toen het vechten opnieuw begonnen was.

Dit boek geeft wel meer aandacht aan het gedeelde verleden van Nederland en België. Bart Van Loo gaf daarvoor de aanzet met zijn boek De Bourgondiërs, dat handelde over de vereniging van de Nederlanden vóór die bij het Habsburgse rijk gingen vallen. Dit boek gaat over de decennia dat de strijd tussen het protestantse noorden en het katholieke zuiden nog burgeroorlog was. Zelfs Albrecht hoopte nog dat Noord-Nederland hem als landvoogd zou aanvaarden.
Hoe was de geschiedenis verlopen, als Willem van Oranje geen kinderen had gehad en Albrecht en Isabella wel?
De Spaanse Furie in Antwerpen (1576)
Geuzen bezorgden verdeelde Lage Landen een gemeenschappelijke identiteit
Devotieprenten moesten protestanten terugleiden naar het ‘juiste’ geloof
De citadel van Alva
Station Antwerpen-Centraal, de spoorwegkathedraal
De Staats-Spaanse Linies, monumenten van conflict en cultuur