In 1845 introduceerden Amerikanen de term Manifest Destiny: de overtuiging dat het hun door God gegeven lotsbestemming was om het continent te veroveren. Dit idee zou diep doorwerken in de Amerikaanse geschiedenis en buitenlandse politiek.
Over het begrip Manifest Destiny: oorsprong en betekenis

De wortels van deze imperialistische gedachtegang gaan terug tot het begin van de westwaartse expansie van de blanke Amerikanen vanaf 1803. Toen gaf president Thomas Jefferson (1743-1826) met de aankoop van Louisiana – de Louisiana Purchase, die de oppervlakte van de VS bijna verdubbelde – het startschot voor verdere verschuiving van de Amerikaanse Frontier richting het westen. Historicus Frederick Merk (1887-1977) heeft eens gesteld dat het concept Manifest Destiny ontstaan was uit…
…a sense of mission to redeem the Old World by high example (…) generated by the potentialities of a new earth for building a new heaven. (…een gevoel van roeping om de Oude Wereld te verheffen door het goede voorbeeld (…) voortgekomen uit de mogelijkheden die een nieuw land bood om aan een nieuwe, betere samenleving te bouwen.)
Ook de aankoop van Alaska kort na de Amerikaanse Burgeroorlog wordt wel in verband gebracht met het concept Manifest Destiny. Andere ontwikkelingen die voortvloeiden uit de filosofie zijn onder meer de aanleg van het Panamakanaal in Midden-Amerika, de annexatie van Hawaii en de oorlog met Spanje (die onder meer leidde tot de onafhankelijkheid van Cuba)
Drie basisprincipes
Aan de filosofie van Manifest Destiny lagen drie centrale overtuigingen ten grondslag:
- Het geloof in de bijzondere deugden van het Amerikaanse volk en zijn instituties.
- De missie van de Verenigde Staten om het Westen te ‘verlossen’ en opnieuw vorm te geven volgens een agrarisch ideaal.
- Het idee dat deze plicht een door God gewilde, ‘duidelijke lotsbestemming’ vormt.
Manifest Destiny: van nationale expansie naar internationaal imperialisme
Het opschuiven van de Frontier naar het westen was Gods wil, zo was de gedachte achter Manifest Destiny. Deze opvatting steunde op de overtuiging dat de Euro-Amerikaanse samenleving ofwel de WASP (White Anglo-Saxon Protestant) superieur was aan andere rassen zoals de indianen. Deze gedachte rechtvaardigde imperialisme op het Noord-Amerikaanse continent, evenals de verspreiding van democratie en kapitalisme.
Deze gedachtevorming komt in vrijwel alle toespraken van Amerikaanse presidenten terug. Amerika als hoeder van democratie en rechtvaardigheid. Denk aan leuzen als ‘Making the world safe for democracy’ (Woodrow Wilson) of aan de laatste zinnen van John F. Kennedy’s inaugurele rede (1961):
(Tot slot, of u nu burgers van Amerika bent of burgers van de wereld: verwacht van ons hier dezelfde hoge normen van kracht en opofferingsgezindheid die wij ook van u vragen. Met een zuiver geweten als onze enige zekere beloning, en met de geschiedenis als uiteindelijke rechter over ons handelen, laten wij vooruitgaan om het land dat wij liefhebben te leiden — in het vertrouwen op Zijn zegen en Zijn hulp, maar in het besef dat Gods werk hier op aarde uiteindelijk door onszelf moet worden verricht.)

Een treffend voorbeeld is ook Bill Clinton, die in 1995 over de Vietnamoorlog stelde:
Whatever we may think about the political decisions of the Vietnam era, the brave Americans who fought and died there had noble motives. They fought for the freedom and the independence of the Vietnamese people. (Wat men ook mag denken van de politieke beslissingen tijdens de Vietnamperiode, de moedige Amerikanen die daar vochten en omkwamen hadden nobele motieven. Zij vochten voor de vrijheid en de onafhankelijkheid van het Vietnamese volk.)
Aanvankelijk was Manifest Destiny vooral een Democratisch adagium. Maar vanaf ongeveer 1900 namen de Republikeinen deze ideologie over en pasten die ook toe op de buitenlandse politiek, waarvan we zojuist enkele voorbeelden noemden. Deze omslag vond plaats in de jaren 1898-1919, toen internationale conflicten speelden met Mexico, Spanje, in de Filipijnen, en de Eerste Wereldoorlog woedde. De gedachte is daarbij dat Amerikaans ingrijpen in andere landen om daar ‘de democratie te brengen’ – denk ook aan Korea, Vietnam en Irak -, van Godswege gerechtvaardigd en zelfs door God opgedragen is.
De overtuiging achter Manifest Destiny sluit aan bij andere uitgangspunten in het Amerikaanse buitenlandbeleid, zoals de Monroe-doctrine (1823), waarin de Verenigde Staten zichzelf positioneerden als beschermer en normsteller op het westelijk halfrond.
*Frederick Merk & Lois Bannister, Manifest Destiny and Mission in American History: A Reinterpretation (1983).
*http://www.history.com/topics/manifest-destiny
*https://www.independent.org/article/1995/02/01/american-foreign-policy-the-turning-point-1898-1919/
*https://www.britannica.com/event/Manifest-Destiny
*https://en.wikipedia.org/wiki/Manifest_destiny
*https://www.foreignpolicyjournal.com/2014/09/19/american-exceptionalism-and-us-foreign-policy/
*https://www.archives.gov/milestone-documents/president-john-f-kennedys-inaugural-address
De Monroe-doctrine van 1823: een Amerikaanse waarschuwing aan Europa
Amerika’s debuut op het wereldtoneel
Nieuw-Zweden, een onbekende kolonie in Noord-Amerika
De Remonstrantie van Vlissingen
De oude wereld in 1400 – Globalisering en kolonisatie in beeld