Het verhaal van Kee Groot (1868-1934)
Er liggen meer dan honderd jaar tussen het huwelijk van Agatha van Foreest, die in 1775 met haar geliefde Jan Schenk trouwt, en de activiteiten van de voorvechtster voor het vrouwenkiesrecht Kee Groot. Kee’s activiteiten spelen zich af rond het jaar 1900. In die tijd is ook in Hoorn veel veranderd, met name op economisch gebied. Na twee eeuwen stagnatie is het stadje aan de Zuiderzee eindelijk weer opgebloeid. De West-Friese boeren zijn rijk geworden door een groeiende internationale vraag naar hun relatief dure kaas. De boeren geven hun geld graag in Hoorn uit, waar de handel in kaas een rijke middenklasse doet groeien en bloeien. Deze middenklasse krijgt nu ook steeds meer armslag om de aandacht op andere zaken te richten, waardoor er ruimte ontstaat om verder te kijken dan de dagelijkse eisen van het bestaan. Zij krijgt meer mogelijkheden om zich met maatschappelijke zaken bezig te houden en om hun kinderen een goede opleiding te geven.
Zwak zenuwgestel
Zo ook Jan Groot, de vader van Kee Groot. Hij is een succesvol handelaar in (uiteraard) kaas, schipper, bankier en op maatschappelijk vlak raadslid, wethouder, dijkgraaf en in zijn schaarse vrije tijd meester van de vrijmetselaars. Zijn vrouw is Maria Theresia Boon en ze wonen in hun zelfgebouwde huis aan de Appelhaven. In dit welvarende en maatschappelijk betrokken gezin staat de wieg van Cornelia Sara, kortweg Kee.
Er is genoeg geld om Kee naar een deftig jonge meisjespensionaat te sturen, waar Kee voor onderwijzeres wordt opgeleid. Maar vanwege haar ‘zwakke zenuwgestel’ moet ze andere wegen zoeken. Vader Jan helpt haar daarbij. Hij is een veranderingsgezinde liberaal en dat betekent dat hij veel aandacht heeft voor armoedebestrijding en arbeidsbescherming. Maar dit moet wel heel behoedzaam en heel voorzichtig gebeuren. Hij wijst Kee op het Toynbeewerk, een beweging die via volksopvoeding de verschillen tussen arm en rijk wil verkleinen.

Kee kwijt zich vol volharding aan haar nieuwe taak. Ze is medeoprichtster van voetbalclub HVV Volharding (het latere Hollandia) en ijvert voor een openbare zwemgelegenheid. Dit alles om kansarme jongeren van de straat te houden. Hiermee willen Kee en haar medestanders tevens voorkomen dat de armen en minderbedeelden in de grijpgrage klauwen van de socialisten terechtkomen.
Karl Marx is de apostel van de groeiende groep verpauperde arbeiders die een ellendig bestaan leidt in werkplaatsen en fabrieken, de tempels van de kapitalisten. Door klassenstrijd en revolutie dient het proletariaat aan de macht te komen om hun kwelgeesten, de verfoeilijke kapitalisten, te kunnen vernietigen. De liberalen (of in Marxistisch taalgebruik de bourgeoisie) zien dit uiteraard liever niet gebeuren. Zij geloven meer in een paternalistisch opvoedingsideaal, waarbij de rijkere bovenlaag aangeeft en voordoet hoe het moet. Dit alles om rust te creëren en revolutionaire chaos te voorkomen.
Kee begint, met onderwijzeres mejuffrouw Verwijs, mede vanuit deze optiek een kartonnagefabriek om de arbeidsters een menswaardig bestaan te geven. Kee werkt vaak zelf ook hard mee. Om zes uur ’s morgens is zij al in de werkplaats te vinden, waar ze driftig met de lijmkwast dozen van karton in elkaar plakt. Maar helaas moet de fabriek na een aantal jaren stoppen. In het kapitalistische systeem moet immers ook winst worden gemaakt en dat is helaas niet gelukt.
Meesteres van het woord
Kee moet weer wat anders zoeken. Ze zit zonder werk, woont als tweeëndertigjarige vrouw nog thuis en is bovenal nog steeds ongehuwd, in die tijd een onaangename positie. Ook nu weer wijst vader Jan haar de weg. Zijn liberale kiesvereniging ‘Vooruitgang’ organiseert op 23 mei 1900 een bijeenkomst met als spreekster de beroemde feministe en pleitbezorgster voor het vrouwenkiesrecht, Aletta Jacobs (1854-1929). “Daar moeten jullie nu eens heen gaan, zei mijn vader”, aldus Kee jaren later.

Kee Groot heeft een grote bewondering en liefde voor Aletta Jacobs, alhoewel ze zich niet zo thuis voelt bij de deftige dames en ‘mevrouwen’ in haar entourage. Aletta heeft een moedige strijd moeten aangaan om een plek als vrouw in de Nederlandse samenleving te kunnen bemachtigen. In veel zaken is zij de eerste. Zo is zij de eerste vrouw die naar de HBS (Hogere Burger School) mag, zij het als toehoorster. Zij is de eerste vrouw die een universitaire studie mag afronden, zij het met uitdrukkelijke toestemming van minister Thorbecke. Eerst nog als proef voor één jaar, maar op zijn sterfbed strijkt Thorbecke over zijn steeds zwakker kloppend hart en mag Aletta examens doen. Het is inmiddels wel duidelijk geworden dat het niveau en de kwaliteit van het onderwijs niets te lijden hebben onder de aanwezigheid van meisjes en vrouwen in de kennisinstituten. Aletta is ook nog de eerste vrouwelijke arts van Nederland. Vervolgens richt zij zich op het krijgen van stemrecht voor vrouwen, ook een beweging die Nederland voor het eerst ziet.
Deftige dames
Aletta is gestudeerd en omringt zich met andere welgestelde dames. Er ontspint zich, in ieder geval voor ons eenentwinigste-eeuwers, een wat vreemde discussie. De deftige dames zetten zich vol in voor liefdadigheid en ervaren het als een schande als zij daarvoor geld zouden moeten vragen. Dit in tegenstelling tot arbeidersvrouwen die het geld voor hun arbeid bitter hard nodig hebben. De gegoede dames willen daarom liever niet op één hoop met de arbeidersvrouwen gegooid worden. Dit zet zich voort in de discussie over kiesrecht. Kiesrecht voor alle mannen, dus ook voor de laaggeschoolde en slecht betaalde arbeiders, zoals de socialisten willen, is voor veel dames een stap te ver. Zij opteren wel voor kiesrecht voor hoogopgeleide en welgestelde vrouwen, voor het zogenaamde censuskiesrecht dat al voor mannen geldt. In de Grondwet staat namelijk dat alleen ‘Nederlanders’ mogen stemmen die een bepaald bedrag aan belasting kunnen betalen. Aletta ziet dit en stelt terecht dat de census dus ook voor vrouwen geldt, zij zijn immers ook Nederlanders. De mannen voelen zich klemgezet. Bij de grondwetswijziging van 1887 veranderen zij ‘Nederlanders’ maar al te snel in ‘mannelijke ingezetenen’.
De strijd tussen de feministen en de socialisten zet zich voort. De socialisten willen eerst kiesrecht voor alle rangen en standen en dan pas voor beide seksen. Er is geen winst mogelijk “zoolang uw beweging feministisch blijft en los staat van den maatschappelijken klassenstrijd”, klinkt het uit socialistische kringen, overtuigd van hun eigen geloof in de klassenstrijd.
“Die verstooken zijt van de stembus”
Mede door de ‘deftigheid’ van de Vereniging voor Vrouwenkiesrecht leidt de beweging een kwijnend bestaan met 1000 leden en 15 plaatselijke afdelingen. Dit ondanks het maandblad, de pamfletten en propaganda-avonden. De propaganda-avonden hebben een opbouw en inhoud die gewone vrouwen weinig aanspreekt en ook de aanwezige mannen dragen bij aan een vervelende sfeer door hun storende en denigrerende opmerkingen. Het is de Horense Kee Groot die hierin verandering zal brengen. Eerst pakt ze de mannen aan. In een stampvolle zaal in een anoniem klein stadje zit ook een lichtelijk aangeschoten handelsreiziger. Telkens interrumpeert hij het betoog van Kee. De andere mannen knikken instemmend en laten een aanmoedigend gegrinnik horen. Kee onderbreekt haar redevoering. Plotseling fel:
…als morgen in deze plaats verkiezingen worden gehouden, zou deze halfdronken man, zoals hij daar zit, naar de stembus mogen en mag hij beslissen over alle maatschappelijke vraagstukken, dus ook over het wel en wee van jullie, ontwikkelde vrouwen, “die verstooken zijt van de stembus”.

De uitwerking is enorm. De vrouwen klappen en juichen. De handelsreiziger verlaat, met de staart tussen de benen, heimelijk het lokaal. Kee leert haar kracht kennen.
‘Gij zijt een van ons’
Op een andere bijeenkomst merkt Kee dat de stemming niet prettig is. Er is weinig aandacht voor de sprekers die langdradig en vol waardigheid en zelfbewustzijn de motieven van de vrouwenstrijd uiteenzetten. Kee maakt zich zorgen over haar eigen presentatie, het reciteren van verzen van Henriette Roland Holst, vol sociale hartstocht, verheven en ernstig van toon. De kinderen die straks een lint- en bogendans gaan uitvoeren schuifelen onrustig op hun plaats. De volwassenen kuchen en er klinkt een beleefd applaus als de spreker eindelijk is uitgepraat. Kee moet op, maar krijgt opeens een idee. Uit haar koffertje pakt ze de Noord-Hollandse kap die ze enkele dagen eerder had gebruikt voor een bruiloftsvoordracht en transformeert, al improviserend, tot de West-Friese boerin Marijtje.

…zij zagen in mij een zuster die ze volkomen begrepen. (…) De zaal luisterde in volkomen aandacht, de avond was gered, het pleit gewonnen.
Ze weet nu wat haar te toen staat. Voor een matig salaris wordt Kee de eerste officiële propagandiste van de Vereniging voor Vrouwenkiesrecht. Mede door Marijtje met haar gezapig taaltje, stijgt het ledental fors.
De Russische revolutie
Maar de vrouwen hebben nog steeds geen kiesrecht. Ondanks alle inspanningen van Aletta, Kee en Marijtje ligt het eerder aan allerlei internationale ontwikkelingen dat de vrouwen dit recht uiteindelijk krijgen. Een gebeurtenis in 1917 schokt de wereld, de Russische Revolutie breekt uit. Het proletariaat grijpt, onder aanvoering van meedogenloze beroepsrevolutionairen, de macht. De bourgeoisie, de adel en de tsaar verliezen al hun bezittingen, moeten vluchten en de ongelukkigen die achter blijven worden gemarteld of vermoord. Ook in Duitsland waart het revolutiespook rond en zelfs in Nederland wordt een halfslachtige poging gedaan door de socialist Troelstra. Het volk blijft echter achter koningin Wilhelmina staan en het gevaar is (voorlopig) geweken.

In 1919 volgt dan uiteindelijk het algemeen kiesrecht voor zowel mannen als vrouwen. Het vrouwenkiesrecht is echter ook ingezet om de socialisten dwars te zitten. Als veel rooms-katholieke en protestantse vrouwen nu maar gaan stemmen op hun confessionele partij, dan wordt het aandeel van de stemmen van de arbeiders navenant minder, is de gedachtegang. Ook wordt een streep gehaald door de term ‘mannelijke kiezer’ in de Grondwet. Het zijn opnieuw alle ‘Nederlanders’ die na een bepaalde leeftijd mogen stemmen, zoals Aletta Jacobs al eerder terecht zag.
De vrouwen hebben eindelijk hun strijd gewonnen. Maar ze zijn er nog lang niet. De vervolgstrijd richt zich nu op allerlei discriminerende maatregelen tegen vrouwen die eigenlijk tot op de dag van vandaag voortduren. Denk bijvoorbeeld maar aan de strijd voor gelijkwaardig loon voor hetzelfde werk.
Mijn conclusie
Kee Groot handelde duidelijk vanuit haar innerlijke motivatie. Daarbij hielp het dat ze nooit getrouwd is geweest. Ze had geen zorgen om man, kinderen en huishouden die altijd bij de vrouw werden neergelegd. Ze kon zich volledig inzetten voor de vrouwenzaak. Ze heeft veel steun gehad van haar netwerk van strijdbare vrouwen rondom Aletta Jacobs en omgekeerd natuurlijk ook. Mannen hebben haar en haar bondgenoten voortdurend dwars gezeten. Ze heeft veel te maken gehad met vooroordelen, waarin de mannen ook – zoals zo vaak bij vrouwen – uiterlijk en kleding als belangrijke kenmerken van haar vrouw-zijn zien. “De ex-onderwijzeres droeg kort haar; kleur het nieuwste Engelsch. Haar kleedij was min of meer ongewoon en alles behalve bekoorlijk. De algemeene indruk forsch, onvervaard, zoekend en minnend den strijd”, aldus een typerende beschrijving in een Delftse krant.
Eindbeschouwing bij de reeks
In de zeventiende eeuw kan een vrouw moeilijk maatschappelijk actief zijn zonder gebonden te zijn in een huwelijk. Grietje Ulbes en haar man dominee Sapma staan pal naast elkaar als hun gezin in gevaar komt. Grietje dient zich echter achter haar man te scharen als hij wordt bedreigd in zijn werk. Met verve vervult ze deze rol. Ze staat volledig achter de idealen van haar man en cijfert zich helemaal weg. Het domineesechtpaar wordt geholpen door een netwerk van sterke vrouwen, maar dit komt in de geschiedschrijving nog niet goed tot zijn recht. Zo heeft ‘de zus van Sapma’ nog steeds geen eigen naam.

In de negentiende eeuw krijgen vrouwen steeds meer mogelijkheden, mede door de economische bloei aan het einde van de eeuw. Kee Groot kan veel meer maatschappelijk actief zijn dan haar zusters uit de vorige eeuwen. Zij werpt zich op voor het vrouwenkiesrecht. Maar de mannen om haar heen hinderen haar op allerlei mogelijke manieren. Steun vindt zij bij andere moedige vrouwen, waaronder de grote voorvechtster voor vrouwenrechten Aletta Jacobs. Kee ondervindt geen knellende banden van een huwelijk. Zij blijft ongetrouwd en gaat op een gegeven moment samenwonen met haar beste vriendin. Aletta kiest in eerste instantie voor een vrij huwelijk. Het instituut huwelijk blijft voor vrouwen nog danig knellen om vooruit te kunnen komen.
De vrouwen uit Hoorn laten mooi zien dat zij in tijden van zeventiende-eeuwse godsdiensttwisten, het opkomend verlichtingsideaal in de achttiende eeuw en de strijd om vrouwenkiesrecht in de negentiende eeuw hun steentje hebben bijgedragen. Zij proberen zo veel als mogelijk vanuit hun eigen idealen en vrije wil te handelen, waarbij ze knellende banden van het huwelijk proberen te ontwijken en sterk leunen op hun netwerk van andere sterke en dappere vrouwen.
– Kwartaalblad Oud Hoorn, nr. 3, 2019, 100Jaar vrouwenkiesrecht; Hoornse Kee Groot stille kracht van Vereeniging voor Vrouwenkiesrecht, door Posthumus, S. en F. van Iersel
– Geschiedenis van Zuid-Holland, Verhalen, Vrouwen strijden voor stemrecht, door Valk, van der, I.
– Algemeen Handelsblad, 1/9/1928, Een zestigjarige strijdster voor de belangen der vrouwen
– Wikipedia en Wikipedia Gendergelijkheid in de Nederlandse politiek
– Kennisbank Oud Hoorn, Huijgens Instituut
Rekkelijke dominee ontsnapte in 1621 uit gevangenis: zijn vrouw nam zijn plaats in
Agatha van Foreest: de rijke regentendochter die haar hart volgde
Jan Pieterszoon Coen – De beruchte stichter van Batavia
Jaap Blokker (1942-2011) – Zakenman en kunstverzamelaar