Op het Caraïbische eiland Martinique ligt een legendarische vulkaan die al eeuwenlang ‘de kale dame’ wordt genoemd. In het Frans, de taal van de kolonisator, veranderde dat in Mont Pelée (letterlijk ‘afgepelde berg’, naar het werkwoord ‘peler’ voor ‘pellen’ of ‘afschillen’). Deze berg op het noorden van het eiland speelde al een belangrijke rol in het leven van de inheemse bevolking en ging daarbij symbool staan voor toekomstige gevaren.
Met zijn leeftijd van ruim driehonderdduizend jaar is het weliswaar niet de oudste vulkaan op het eiland, maar wel de dominantste. Ook herinnert Mont Pelée aan de verdrijving van de oorspronkelijke bevolking die ooit op haar hellingen leefde. Later werd daar door de kolonisten hun hoofdstad Saint Pierre gebouwd. De bewoners zien de uitbarsting van 1902 nog altijd als een straffe Gods, hoewel deze later ook wetenschappelijk werd onderzocht.
De eerste bewoners
Op het noorden van het eiland ligt het dorpje Carbet ingeklemd tussen de kust en de gestolde lavastromen. De naam van het dorp verwijst naar de hutten waarin de inheemse bevolking vroeger woonde. Rond 500 v.Chr. trokken in meerdere golven bewoners vanuit Zuid-Amerika naar het eiland. Het waren landbouwers en vissers die zich rondom Mont Pelée vestigden omdat de bodem er zo vruchtbaar was. Door opeenvolgende uitbarstingen waren namelijk veel mineralen in de bodem terechtgekomen. Ze brachten zaadgoed mee naar het onbewoonde eiland, waardoor er een weelderige plantengroei tot stand kwam.
In deze vroegste bewoningsfase barstte de vulkaan vermoedelijk al meerdere keren uit. Vooral de eruptie rond 1300 moet verwoestend zijn geweest. Door deze uitbarstingen ging Mont Pelée een belangrijke rol spelen in het geloof en de belevingswereld van de bewoners. De meeste Caraïbische volkeren vereerden een almachtige schepper en op Martinique was dat een vuurgod die in de vulkaan zou wonen.

Kolonisatie van Martinique
Op 5 september 1635 ankerde een kleine vloot aan de voet van de vulkaan Mont Pelée. Onder aanvoering van Pierre Belain d’Esnambuc (1585-1636) werd het eiland in bezit genomen en in naam van de Franse kroon gekoloniseerd. d’Esnambuc was al tien jaar eerder in contact gekomen met één van de inheemse stamhoofden die in de buurt van het huidige Carbet woonde. Met hem sloot hij een overeenkomst, waar de andere stammen tegen in verzet kwamen. Er ontstond een oorlog waarin de Caraïbische bevolking werd afgeslacht. De weinigen die overleefden verlieten het eiland. Hieraan herinnert nu nog een legende. De allerlaatsten zouden aan de voet van Mont Pelée zelfmoord hebben gepleegd door van de rotsen in zee te springen en daarbij de Fransen hebben vervloekt. Een vergelijkbare overlevering bestaat ook op Grenada, een van de eilanden van de Kleine Antillen. Daar wordt deze wel ondersteund door historische bronnen.
In een baai bij Carbet stichtten de kolonisten Saint Pierre en verdienden er een vermogen door er suikerriet te laten verbouwen door slaven. Rond 1900 was het de belangrijkste stad op Martinique, met de grootste haven en meeste kooplieden. Het was ook een vrolijke stad, waar tijdens feesten muziek werd gemaakt die als een voorloper van de jazz kan worden beschouwd en de biguine gedanst werd, die veel weg had van de latere rumba. De betergesitueerden bezochten het casino of brachten de avond door in het mooiste theater van de Antillen met maar liefst achthonderd zitplaatsen. Qua bouwstijl was het geheel ontworpen volgens de Europese smaak van die tijd. Het droeg niet alleen bij tot de roem van Martinique, maar vervulde ook een belangrijke sociale functie en bepaalde het ritme van Saint Pierre.

De verwoesting van Saint Pierre
Vanaf de zeventiende eeuw leek het erop alsof Mont Pelée de kolonie geaccepteerd had. In die tijd was de vulkaan slechts tweemaal ontwaakt, zonder daarbij tot uitbarsting te komen. Maar er waren geen inheemse stammen meer die de bewoners konden waarschuwen voor het geweld waartoe de vulkaan in staat was. Groot was dan ook de verrassing toen deze in 1902 dagenlang aswolken uitbraakte en modderstromen veroorzaakte. Op 8 mei om acht uur in de ochtend explodeerde ze, waarna een gloedwolk over Saint Pierre raasde zonder iets of iemand te sparen.

Ondanks het feit dat er ook veel mensen gewond, gered of gevlucht waren ontstond al snel de mythe van de ‘twee enige overlevenden’: Louis-Auguste Cyparis (1874-1929) en Léon Compère (1864-1936). Zoals bij iedere catastrofe was er ook in dit geval behoefte aan wonderen. Cyparis zat tijdens de uitbarsting in de gevangenis en werd door de dikke muren van zijn cel beschermd tegen verbranding. De sensatiepers dook op zijn wonderbaarlijke redding en hij ging zelfs optreden in de Greatest Show on Earth van ‘Barnum & Bailey’, naast een Siamese tweeling en andere publiekstrekkers.
Wetenschappelijke nasleep van de ramp
In de maanden die volgden eiste Mont Pelée nog eens enkele duizenden slachtoffers. De Franse regering stuurde geoloog Alfred Lacroix (1863-1948) naar Martinique om de ramp te onderzoeken. Hij richtte in 1903 een vulkanologische observatiepost in op de top van de Morne des Cadets. Het was het eerste Franse meetstation in haar soort en wereldwijd nummer twee na dat van de Italianen bij de Vesuvius.

De opkomst van Fort-de-France

Kort na 1902 werd ze overspoeld door zo’n twintigduizend vluchtelingen uit de omgeving van Mont Pelée die daar niet meer terug durfden te keren. Dat leidde tot de bouw van nieuwe buitenwijken zoals Terres Sainville dat hen onderdak bood en zich ontwikkelde tot een arbeiderskwartier. In de loop van de twintigste eeuw gingen zij de Creoolse identiteit van de stad bepalen. Hoewel ook vandaag de dag ‘de kale dame’ Martinique nog altijd domineert, wordt ze nauwlettend in de gaten gehouden door wetenschappers en bestuurders.

Uitbarsting van de Tambora (1815)
Uitbarsting van de Vesuvius in (79) – animatie
Typhon – Monsterlijke reus onder de vulkaan de Etna
Een vergeten geschiedenis: de Caraïben als toevluchtsoord tijdens WOII
Frantz Fanon: voorvechter der verworpenen
In Coucy bereikte de kastelenbouw een hoogtepunt
Puducherry, waar de zon en Venus elkaar ontmoetten
Bestorming van de Bastille (1789) – Begin van de Franse Revolutie